— donderdag 15 december 2011, 10:04 | 1 reactie, praat mee

NVJ moet structuur drastisch wijzigen

Vergrijzing van de NVJ zal waarschijnlijk in de lijn met het steeds ouder worden van de Nederlandse bevolking niet zijn tegen te houden. Daar staat tegenover dat in 2010 het aantal jonge leden met 17,5 procent is gegroeid tot 856 ‘jongeren’ (studenten en starters) van de in totaal 8184 leden van de NVJ. Een jongerenaanwas die in verhouding groter is dan in iedere andere FNV-vakbond. Toch zijn er twee (sterke) ontwikkelingen die onder de NVJ-bestuurders extra aandacht behoeven, vindt Hans Roodenburg (66): de steeds ouder wordende ‘gestaalde kaders’ en de voortdurende opmars van freelance journalisten, die thans de grootste sectie vormen.

In 2010 was dat nog de dagbladsectie die van 4500 journalisten in 2001 is teruggelopen naar 3100 vorig jaar. Als dat zo doorgaat, wordt de bij de FNV aangesloten NVJ steeds meer een ondernemersvereniging van heel kleine zelfstandigen of zzp’ers, die om aan inkomen te komen vaak commerciële klussen aannemen of als ‘communicatiemedewerker’ optreden. Alleen dat feit al behoeft een andere structuur binnen de NVJ.

Ik ben met mijn 66 jaar al bijna 25 jaar lid van de Verenigingsraad van de NVJ en sinds eind jaren ’80 ook nog voorzitter van de Rotterdamse Journalisten Vereniging (RJV), die sinds 2005 een slapend bestaan leidt en ook geen stemrecht meer heeft in de Verenigingsraad. Het wordt daarom, mede vanwege mijn leeftijd, tijd om met deze kaderfuncties te stoppen.

De afdeling Rotterdam heeft door de nieuwe communicatiemogelijkheden en sociale media eigenlijk geen bestaansrecht meer. Er zijn dan ook geen jongeren meer te vinden die de kar willen trekken.

In het hoogste democratische orgaan van de NVJ, de Verenigingsraad, is een zelfde ontwikkeling aan de gang. Op de laatste najaarsvergadering (op 9 november) was er van de stemgerechtigde verenigingsraadsleden (in totaal 25!) nog niet eens de helft aanwezig van wie het merendeel ‘grijs’ was.

De sterkst vertegenwoordigde sectie was wederom Plus+. Het mag toch niet zo zijn dat de gepensioneerden de dienst gaan uitmaken? Op de jaarvergadering van 17 juni was het in de Verenigingsraad al niet anders, Als ik naar de presentielijst kijk, waren er tien stemgerechtigde leden aanwezig, van wie het merendeel ouder dan 50 jaar. Dan tel ik nog niet eens mijzelf, mijn collega Postma uit Rotterdam (ook al 60+), de enige trouwe andere afdelingsvertegenwoordiger Jacques Zinken (Midden-Nederland) en de ereleden (vaak boven de 65 jaar) mee.

De laatste jaren merk ik ook steeds meer dat de Verenigingsraad niet meer leeft. Gestaalde kaders, zoals ik, bemoeien zich nog wel eens met zaken, maar de heftige discussies die ik in de jaren ’80 nog heb meegemaakt, met moties (zelfs van wantrouwen tegenover het NVJ –bestuur) en amendementen op voorstellen, komen niet meer voor.

Op de najaarsvergadering roerden zich vooral verenigingsraadsleden die feitelijk onder de sectie Plus+ vallen. Wel begrijpelijk want een van de agendapunten was de Kadernota Pensioen NVJ. Echter tot enig vuurwerk leidde zelfs deze binnen de FNV omstreden kwestie helemaal niet meer. Zelfs het ‘oude’ kader begint gematigd te worden.

Heb ik zelf ideeën hoe het binnen de NVJ anders moet? Jazeker, maar waarbij ik wel direct de aantekening plaats dat vooral de jongeren de kar moeten trekken. Ik weet dat ik onder mijn oudere collega’s en misschien ook wel in het NVJ-bestuur een aversie losmaak als ik weer eens met de ‘gouwe ouwe’ uit de kast kom om de structuur binnen de NVJ drastisch te wijzigen.

De getrapte organisatie met sectiebesturen heeft wat mij betreft zijn functie gehad in deze tijden. Natuurlijk zullen nog verschillende beroepsgroepen binnen de NVJ moeten blijven bestaan maar laten die – mag best met wat meer Machiavelli – direct aangestuurd worden door het NVJ-bestuur dat over sterke deelsecretarissen moet beschikken die alles weten wat er in hun geledingen gebeurt en daarin ook sturen en informatief moeten optreden. Boven dit alles moet uiteraard Thomas Bruning als algemeen secretaris – de grote spin in het web – functioneren.

In deze constellatie is er ook geen plaats meer voor een Verenigingsraad. Die heeft zichzelf overleefd. Wat mij betreft komt er eenmaal per jaar een jaarvergadering – een soort congres analoog aan de grote politieke partijen – waar alle leden kunnen komen en – indien nodig – in belangrijke zaken stemrecht hebben. Als dat congres strak wordt geleid, zal dat heus niet uitmonden in een ‘Poolse landdag’ waarbij een ieder zich gaat bemoeien met zaken die een ander betreffen. Ik zal zeker zo’n congres bij willen wonen, maar mij als oudere zeer gedeisd houden.

Ik zou het ook aanbevelenswaardig vinden om de NVJ te splitsen in twee hoofdgroepen: die van de freelance journalisten en zzp’ers en die van de werknemers en ouderen (thans nog vaak ex-werknemers). Die laatste groep – laat ik ze maar voor het gemak ‘de overige journalisten’ noemen – wordt dus een samenraapsel van alle andere bestaande – actieve of minder actieve – secties.

Het eerste directe lijntje van deze verschillende en soms ook wel tegenstrijdige beroepsgroepen moet een specialist op het secretariaat zijn. Hét beleid moet uiteraard door het NVJ-bestuur worden vastgesteld. De belangrijkste beleidsbeslissingen voor de twee hoofdgroepen moeten worden voorgelegd aan het jaarlijkse congres. Het moeilijkste wordt natuurlijk zaken met elkaar te verbinden die voor beide hoofdgroepen aanvaardbaar zijn. Dat is tegelijkertijd ook de uitdaging voor het NVJ-bestuur om een voor allen aanvaardbaar beleid te ontplooien.

Ik heb zelf in het verleden te veel meegemaakt dat de opvattingen van de ene sectie volstrekt botste met die van de andere. Ik wil hier niet verder op ingaan. Wél dat toen ik in de jaren ’70 door Aad van Cortenberghe (thans erelid) voor de NVJ werd geworven het onbestaanbaar was dat commerciële journalisten of pr-medewerkers lid konden worden van een journalistenvereniging die de onafhankelijkheid van het beroep heel hoog in het vandaal heeft staan. Je had nog wel de enigszins in onze buurt komende overheidsvoorlichters met een onafhankelijkheidsstatuut.

De situatie is thans helemaal anders. Steeds meer freelance journalisten zijn – uit inkomensoverwegingen – niet vies om commerciële klussen aan te nemen waarin vooral de opdrachtgever bepaalt hoe er geschreven, gefilmd of gecommuniceerd moet worden.

Als deze mensen een aanvaardbaar platform binnen de NVJ krijgen, zullen zij zich ook veel meer verbonden gaan voelen met de onafhankelijke journalistiek die – ook bij de nieuwe media – altijd zal blijven bestaan. De onafhankelijke journalisten moeten niet in hun eigen schulp terugkruipen. Sterker nog: ik pleit ervoor dat communicatiemedewerkers in bedrijfsleven en bij de overheid ook lid van de NVJ (of moet die een andere naam krijgen?) kunnen worden.

Misschien loop ik hiermee ook vooruit op de veranderingen die binnen de FNV onherroepelijk gaan plaatsvinden. We hebben geen andere keus. Tenzij wij ons losmaken van de FNV en ons terugtrekken op het kleine bastion van onafhankelijke journalistiek (zoals de vereniging in feite ooit was) en het gehele arbeidsvoorwaardenbeleid voor de diverse beroepsgroepen overlaten aan andere FNV-vakbonden.

Hans Roodenburg

Praat mee

1 reactie

Aad van Cortenberghe, 19 december 2011, 13:16

Opinie
Villamedia
Structuurdiscussie NVJ is non-discussie

De immer actieve Hans Roodenburg roert in een opiniestuk op de website van Villamedia van 15 december veel thema’s tegelijk aan. Een fraaie uiting van zijn veelomvattend denken. Als ik een poging doe om althans in zijn betoog wat structuur aan te brengen gaat het om het volgende:
a. de NVJ vergrijst
b. de Verenigingsraad is niet representatief voor het ledenbestand
c. de Verenigingsraad is mede daardoor achterhaald als beleidsvormend en controlerend orgaan
d. de grens tussen “zuivere” journalistiek en het meer commercieel gedreven schrijven vervaagt
e. de organisatievorm van de NVJ zou zich aan deze nieuwe werkelijkheden moeten aanpassen.

Wat hiervan te denken?

Dat de NVJ vergrijst wil ik ook zonder nadere cijfermatige onderbouwing wel geloven. Het lijkt me heel goed. Als de gemiddelde levensduur in Nederland naar boven opschuift zal dat bij journalisten hopelijk ook het geval zijn. Dat zij na hun actieve loopbaan tot de NVJ-stal willen blijven behoren lijkt me eveneens geen bezwaar. Wie het probleem van de vergrijzing van de NVJ wil oplossen hoeft alleen maar het moment van het einde van de beroepsuitoefening te koppelen aan het einde van het lidmaatschap. De gemiddelde leeftijd daalt dan meteen weer tot het niveau dat Hans Roodenburg kennelijk aantrekkelijk vindt. Ik ben daar geen voorstander van.
Overigens geniet ik nog bijna dagelijks van de journalistieke bijdragen van ‘hoogbejaarden’ als Abrahams, Heldring en Hofland. Wat is er eigenlijk precies tegen vergrijzing?

Over de Verenigingsraad van de NVJ wil ik me maar niet al te druk maken. Elke democratische vereniging heeft een beleidsvormend en -controlerend orgaan nodig. En als de zaken soepel lopen merk je als gewoon lid of buitenstaander daar eigenlijk heel weinig van. En zo hoort het ook. Laat in vredesnaam niet een verenigingsorgaan het voornaamste lok- en bindmiddel voor leden en potentiële leden zijn. Wat een geestelijk arme club zou dat zijn…
Die zogenaamd prachtige tijd waarin zich tijdens de Verenigingsraden scherpe en diepgaande discussies voltrokken is voor een groot deel folklore. Die debatten werden ook overigens toen al grotendeels door ouderen gedomineerd. Die hebben en hadden er kennelijk tijd voor en zin in. Nou, laat ze, zou ik zeggen, voor wat het waard is.

De NVJ moet primair op andere plaatsen zichtbaar en dienstbaar zijn. Steeds nieuwe plaatsen ook. En dat heeft inderdaad te maken met zowel een sterke commerciële druk op de uitoefening van het vak, als met snel verschuivende vormen van beroepsuitoefening, als met de komst van heel veel nieuwe mediaspelers op het veld.
De grens tussen de klassieke (dagblad)journalistiek en de activiteiten van veel nieuwsbrengers via nieuwe media vervaagt razendsnel. Lijkt me heel goed, de snelheid en diversiteit van de berichtgeving nemen alleen maar toe. Het roept wel de vraag op of er aan professionele journalistiek eisen mogen en moeten worden gesteld, die voor “anderen” niet gelden.
Die vraag wordt echter onder ogen gezien. Daarover vinden discussies plaats in vakkringen en daarbuiten. De mate van dienstbaarheid aan andere dan journalistieke belangen speelt daarbij een rol.
En natuurlijk verschuift de verhouding tussen journalisten in loondienst naar die op freelance basis (ZZP) in het voordeel (als je dat zo noemen mag) van de laatste categorie. Een dienstverlenende organisatie moet daarin meegaan en dus naast collectieve activiteiten in de materiele sfeer ook inventief inspelen op de directe zakelijke belangen van freelancers.
Voor beide groepen geldt nog steeds dat de behartiging van immateriële belangen bovenal belangrijk is voor het aanzien van het vak en - direct daarvan afgeleid - voor de plaats die de NVJ in de samenleving wil innemen.

Maar eerlijk gezegd denk ik dat de NVJ dit alles al lang onderkend heeft en met vaart en verve werkt aan de realisering van een daarop afgestemde aanpak. Ik zou willen dat daarop alle energie en aandacht blijft gericht. De structuur van de NVJ hoort daarin volgend te zijn, niet leidend. En datzelfde geldt voor de discussie daarover. Voorshands is dat een non-discussie.

Aad van Cortenberghe, erelid NVJ.

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.