— zaterdag 11 februari 2012, 09:37 | 0 reacties, praat mee

Nederlandse Murdochs blijven liever in de luwte

De Rupert Murdochs van Nederland moeten een gezicht krijgen. Freelance journalist Mathilde Sanders gaf zichzelf deze bijna onmogelijke opdracht. Haar blogs over een moedige, maar soms onhandige zoektocht naar de duistere kant van krantenbedrijven bundelde ze in het pas verschenen ‘Media monopoly - Wie bezit het nieuws?’

‘Meisje, meisje, waar begin je aan.’ Collega’s waarschuwden Mathilde Sanders (37) als ze vertelde waar ze mee bezig was. Ze wilde de eigenaren van vijf Nederlandse krantenbedrijven en drie persbureaus uit de luwte halen. Met hen praten over hun invloed op bedrijven als FD Mediagroep, de Persgroep, Wegener en het ANP. Christian van Thillo en Derk Sauer geven nog wel eens een interview, maar wie kent bijvoorbeeld Martijn van der Vorm of de broers Van Puijenbroek, behalve van naam?

Jaarverslagen wou Sanders doorspitten, kijken welk deel van de bedrijfsresultaten ten goede komt aan journalistieke producties. Redactiestatuten bestuderen, uitzoeken hoeveel invloed eigenaren hebben op de werkvloer. En praten met hoofdredacteuren en redacteuren over het ownership van de journalistiek.

‘Ik wist dat ik me op glad ijs begaf’, bekent Sanders, bladerend door haar zelf uitgegeven boek. ‘Er zijn maar weinig journalisten die zich wagen aan een onderzoek naar de eigenaren van het nieuws. Over de verliezen waarmee de Britse investeerder Apax PCM Uitgevers in 2007 achterliet is wel geschreven. Maar ik vond maar weinig interviews met media-eigenaren. Wetenschappelijk onderzoek naar de invloed van ownership op de inhoud van het Nederlandse nieuws is ook nauwelijks gedaan.’

Waarom stortte Sanders zich er dan wel een half jaar in – voor een schamele 3800 euro van donateurs, geworven via de crowdfunding site voor de journalistiek, nieuwspost.nl? ‘Onder meer omdat ik midden jaren ’90 in Brussel werkte voor kranten als De Standaard. Daar viel me op dat de commercialisering al veel verder was dan in de Nederlandse media. Je kon CD’s bestellen bij je krant.’ Inmiddels floreren de webshops bij dagbladen als Trouw en NRC Handelsblad. Volgens nrc.next-hoofd­redacteur Rob Wijnberg, een van de geïnterviewden, krijgt de redactie zelfs commissie op de verkoop via de webshop. ‘Maar’, verzekert hij, ‘wij denken niet mee over de producten’.

In haar boek beschrijft Sanders drie soorten reacties op haar speurwerk: enthousiasme over haar moed om de financiële, maar ook duistere kant van de journalistiek te belichten. Twijfel of het wel slim is voor haar verdere carrière. En afkeuring, omdat ze zich niet neutraal genoeg zou opstellen en te vooringenomen zou zijn.

‘Ik ben af en toe een beetje onhandig, dat zeg ik maar eerlijk’, reageert Sanders als haar interview met Els Swaab ter sprake komt. De bestuursvoorzitter van de Stichting Democratie en Media is een van de weinige kranten­eigenaren die met de blogster wil praten. Haar stichting heeft voor bijna 40 procent aandelen in de Persgroep (Parool, Trouw, Volkskrant en AD). Het interview begint prettig met thee en broodjes. Maar na een paar reacties in de trant van ‘Wij zijn heel blij met Van Thillo’, op kritische vragen over de Vlaamse grootaandeelhouder (58,8 procent) zegt Swaab: ‘Ik wil nu een einde maken aan dit gesprek.’

‘Wat was er misgegaan?’, staat in een voetnoot bij het interview. ‘Ik begrijp nu dat ik niet zo had moeten doordrammen over Van Thillo. Een domme zet, want hierdoor bleven andere zaken die ik nog wilde weten, onbesproken.’ Zo kritisch zijn interviewers niet vaak over zichzelf. Al blijft opmerkelijk dat de bestuursvoorzitter voortdurend naar Van Thillo verwijst: alsof ze alles aan hem overlaat.

De Vlaamse media-ondernemer reageert fel als hij de tekst over de Persgroep onder ogen krijgt: ‘Dag mevrouw, vermits de lijst van feitelijke onjuistheden ongeveer even lang is als uw tekst zelf, lijkt het me verstandiger om er niet op te reageren.’ Dat doet hij toch als Sanders hem terug schrijft dat ze graag rechtzet wat niet klopt. Hij benadrukt dan dat de ‘journalistieke onafhankelijkheid van al onze dagbladen volledig is gewaarborgd.’ Op haar uitnodiging te reageren op haar onderzoek naar de redactiestatuten gaat hij niet meer in.

Toch brengt Sanders wel degelijk iets aan het licht waar ze een bezorgde reactie van de NVJ op krijgt: een chronisch gebrek aan transparantie. ‘Het redactiestatuut leek me een goed instrument om de machtsstrijd tussen alle partijen zichtbaarder te maken’, schrijft ze. Van de onderzochte kranten en persbureaus heeft alleen het ANP het document op internet staan. De anderen geven het niet (Telegraaf, GPD en Novum Nieuws) of met moeite, omdat zij het een intern stuk vinden. ‘Bij het AD moest ik in een apart kamertje komen. Daar mocht ik een kopie van het statuut alleen maar inzien. Heel bizar, alsof het om een spannend, geheim document ging.’

In werkelijkheid is het redactiestatuut vaak slaapverwekkend en verouderd. Met veranderde eigendomsverhoudingen of bedrijfsculturen is geen rekening gehouden. Het FD is wel bezig met een actuele versie, maar de meeste kranten herzien het document liever niet. Uit angst dat het er alleen maar slechter op wordt. Of, zoals een Trouw-medewerker opmerkt, omdat de ‘Persgroep geen liefhebber is van overleg en bureaucratisch gedoe.’

De jaarverslagen moeten antwoord geven op de vraag hoeveel winst of verlies naar de aandeelhouders gaat en hoeveel naar de redacties. Van vier bedrijven zijn de jaarrekeningen te krijgen via de Kamer van Koophandel en bij drie bedrijven staan ze op de website. Maar in deze overzichten – ‘vaak Chinees voor niet-ingewijden’, schrijft Sanders – zijn de redactiebudgetten nergens te vinden.

Joost Ramaer, auteur van ‘De Geldpers’ (2009) over de teloorgang van PCM, helpt haar uit de droom: geen enkele uitgever meldt in zijn jaarcijfers hoeveel hij in redacties investeert. Alleen ingewijden met toegang tot interne financiële rapportages weten meer. En die reageren niet op haar dringende mails. Logisch misschien: de concurrentie leest mee. Maar opnieuw, weinig transparant, vindt de blogster.

De jaarverslagen maken wel duidelijk dat aan nieuws nog steeds te verdienen valt. ‘Bij Wegener, het Telegraaf-concern en de FD Media­groep kregen de aandeelhouders in 2010 – ondanks kostenbesparingen of krimpende redacties – gewoon dividend en winst uitgekeerd’, schrijft Sanders.

Tijdens de presentatie van haar boek – een tussenstand, zegt ze met nadruk – waarschuwt hoogleraar journalistiek Jeroen Smit: ‘Als investeerders steeds meer Nederlandse kranten in handen krijgen, worden die nog kwetsbaarder. Helemaal als de oplagen met drie à vier procent dalen.’

Smit vindt het hoog tijd voor meer onderzoek naar de ‘zeer wezenlijke vraag’ wie het nieuws bezit. Daar wil een zaal vol donateurs best nóg eens voor betalen, blijkt uit een snelle peiling. Maar de schrijfster twijfelt nog. Niet alleen vanwege de lage inkomsten en het gedoe van een boek in eigen beheer – zonder eindredacteur of corrector. Ze voelt zich ook een kleine luis in de pels. ‘En die kan gemakkelijk vertrapt worden.’

Al klinkt ze een paar dagen na de presentatie alweer gemotiveerd: ‘Ik ben op www.nieuwspost.nl bezig met deel twee.’ Misschien helpt het als ze haar onderwerp dan wat meer afbakent.

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.