website over journalistiek

Exclusieve inhoud Sluiten

Een NVJ-lid heeft dit artikel met je gedeeld. Gratis een maand alles lezen? Klik hier.

Een NVJ-lidmaatschap geeft je recht op:

  • Persoonlijk advies
  • Juridisch advies & rechtsbijstand
  • Perskaart
  • Korting op cursussen
  • Villamedia magazine

Word lid Verder lezen

Lokale omroep op overlevingstocht

Dolf Rogmans — Geplaatst in lokale journalistiek op zaterdag 12 augustus 2017, 09:00

Michiel Bosgra, sinds zeven jaar hoofdredacteur van Studio40 in Eindhoven. Op de achtergrond is Pim van Vught, cameraman/editor, aan het werk.

Michiel Bosgra, sinds zeven jaar hoofdredacteur van Studio40 in Eindhoven. Op de achtergrond is Pim van Vught, cameraman/editor, aan het werk. - © Hennie Keeris

lokale journalistiek Volgens het Commissariaat voor de Media is zeker de helft van de lokale omroepen financieel ongezond. Maar de 260 zenders hebben een plan: tachtig streekomroepen die worden gerund door professionals. Dat kost ruim 30 miljoen euro per jaar extra. Informateur leest u mee?

Sophie Beer heeft vandaag dienst bij de lokale omroep Studio040 in Eindhoven. Ze maakt berichten voor de website en de kabelkrant, leest de radiobulletins voor en is ook nog even de deur uit geweest om interviews te doen voor een televisie onderwerp dat die dag op de zender verschijnt. De cameraman was al ter plekke, dus ze hoefde de redactie niet al te lang onbemand te laten. Want collega Tjeerd Adema was ook op pad.

Het is een normale dag voor Beer. Rennen en vliegen om samen met haar collega’s zo’n twintig nieuwsberichten per dag te maken over Eindhoven. Studio040 is landelijke gezien goed bezet met zes betaalde vaste mensen, freelancers en tijdens de schoolperiodes stagiairs. Dagelijks zijn er drie journalisten voor Studio040 aan de slag. Op televisie resulteert dat in een carrousel van ongeveer 15 minuten nieuws per dag en een kabelkrant. Op de twee radiostations, Studio040 en Glow FM (gericht op jongeren), verzorgt de redactie de nieuwsbulletins. De radiozenders worden verder gevuld met muziek en programma’s, gepresenteerd door vrijwilligers.

Hoofdredacteur Michiel Bosgra werkt inmiddels zeven jaar in Eindhoven. Toen hij kwam wilde de gemeente een fatsoenlijke lokale omroep en had daar 4 ton per jaar voor over. Bosgra weet daar jaarlijks ruim 2 ton bij te spijkeren met commerciële activiteiten. Zo heeft de omroep zich met een budget van iets meer dan 600.000 euro een vaste plek weten te verwerven in het Eindhovense medialandschap. Op televisie heeft de omroep een weekbereik van 23 procent, de overige platformen laten zich lastiger meten, maar Bosgra merkt in de stad dat Studio040 een factor van betekenis is.

Bosgra: ‘Wat wij doen is volgens mij de toekomst voor de lokale journalistiek in Nederland. Mensen zijn niet langer bereid te betalen voor lokaal nieuws. Terwijl ze wel willen weten, en in een democratische samenleving móeten weten, wat er in hun buurt gebeurt. In mijn ogen wordt lokaal nieuws in de toekomst grotendeels betaald door de overheid, gemaakt door professionals en aangevuld met burgerjournalisten.’

Dat is ook de visie van de Olon, de landelijke koepel van lokale ­omroepen. Ruim twee jaar geleden constateerde de organisatie dat het roer om moest, legt Olon-interim­manager Bernard Kobes uit. De huidige 260 lokale omroepen leiden, op een stuk of tien na, een marginaal bestaan en zijn vaak niet meer dan veredelde plaatjesdraaiers. Hoe lang zijn gemeenten nog bereid die hobby te financieren? Terwijl aan de andere kant er minder lokale journalisten zijn en de lokale ­nieuwsvoorziening onder druk staat. Dus er is een toekomst voor lokale omroepen, oordeelde de Olon.

Professionalisering is het toverwoord. In samenspraak met de gemeenten maakten de omroepen een plan om te komen tot zo’n tachtig stevige streekomroepen die lokaal voor professioneel nieuws moeten zorgen. Per omroep is er ongeveer 8 ton per jaar nodig. Alles is op papier in kannen en kruiken. De Olon heeft inmiddels het goede voorbeeld gegeven en ruimte gemaakt voor een centrale organisatie, de Stichting Nederlandse Lokale Publieke Omroepen (NLPO), die de komst van de streekomroepen moet begeleiden. In het land komen al allerlei vormen van samenwerking op gang. Her en der ligt een lokale omroep dwars, maar het beeld is dat die tachtig streekomroepen er wel komen. Als er geld is. Nu mogen gemeenten op vrijwillige basis een lokale omroep betalen. Daarin gaat zo’n tien miljoen euro per jaar om. En dat moet veertig miljoen worden.

Volgens Kobes hoort die rekening thuis bij de landelijke overheid, die tot nu toe het proces van professio­nalisering steunt. Maar daar stokt het proces nu een beetje. Vandaar dat er via een online petitie en een brief aan de Tweede Kamerleden en informateur Gerrit Zalm de komende weken om meer geld wordt gevraagd.

Kobes ziet in de schaalgrootte van Eindhoven de blauwdruk voor de rest van het land. Terwijl Bosgra nog wel worstelt met de vorming van zijn streekomroep. ‘Het is een beetje vrijen zoals egeltjes doen. Wij zijn de grootste omroep, maar willen niemand overnemen. Wel samenwerken vanuit het idee dat onafhankelijke lokale journalistiek belangrijk is.’ Inmiddels is de fusie met Mierlo een feit, komt Waalre er ook bij en is het de vraag wat de omroepen ten noordoosten van Eindhoven doen. Bosgra zelf twijfelt wel of de gemeenten in de Kempen er bij zouden moeten komen. ‘Je moet wel tot een gebied komen dat inhoudelijk aansluit. Want zo kun je tot een aantrekkelijke programmering komen.’

Kobes ziet dat er elders in het land ook andere manieren van samenwerking ontstaan. In Gelderland, Zuid- en Noord-Holland werken regionale omroepen bijvoorbeeld nauw samen met lokale omroepen. Op die manier kan de professionalisering nog verder vorm krijgen. Waarom wordt dat idee niet landelijk uitgerold? Kobes: ‘Een logische gedachte, maar dat is iets wat we zeker nu nog niet centraal willen opleggen. Wil je kunnen samenwerken, dan moet je eerst je eigen huis op orde hebben. Die slag proberen we nu te maken. Tegelijk zijn er wel hele voorzichtige gesprekken gaande of je van de landelijke, regionale en lokale omroepen één organisatie kunt maken. Dan zou je heel veel aan slagkracht winnen. Maar of het ooit zover komt, is nu niet te zeggen. Aan de andere kant wordt ook gekeken of regionale kranten logische samenwerkingspartners zijn. Die mogelijkheden zijn nu wel beperkt door de Mediawet.’

In Eindhoven zou Bosgra best met Omroep Brabant willen samenwerken. ‘Alleen hebben die gezegd dat ze daar geen trek in hebben. Ze zijn druk met andere zaken.’ Met het Eindhovens Dagblad zou hij ook best meer samen willen doen, maar de Mediawet maakt dat lastig. Bosgra: ‘Net als de krant zijn wij erg op Eindhoven gericht. Dat maakt samenwerken makkelijker. De regionale omroep is er toch voor de hele provincie. Aan de andere kant zouden wij heel goed de lokale invulling kunnen doen en Omroep Brabant de provinciale onderwerpen. Wij zitten, net als het Eindhovens Dagblad, bij elke raadsvergadering. Omroep Brabant zie je zelden.’

Aan het einde van de dag kijkt Bosgra met Beer en Adema nog even naar het nieuws op tv. In één onderwerp laat het geluid te wensen over. Adema schiet de montageruimte in en enkele minuten later is er een nieuwe versie die in de carrousel wordt geplaatst. Bosgra is tevreden over een item over de buurtwacht in Acht, ooit een zelfstandig dorp en nu een wijk in Eindhoven. De buurtwacht krijgt te weinig steun van de gemeente en vrijwilligers haken af. ‘Dat is precies in onze doelgroep. De buurtwacht bestaat uit mensen die graag wat voor een ander doen. Ze helpen de wat angstige buurtbewoners. Wij willen graag die twee groepen met elkaar in contact brengen. Als lokale omroep zien we dat ook als een functie, naast het nieuws brengen. Je wilt ook het cement in de samenleving zijn.’

1 reactie

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.

  1. 1. Bert Jansen, 13 augustus 2017, 13:33

    Als het samenwerkenaar geen banen kost.