foj 2019

— vrijdag 18 november 2011, 14:51 | 0 reacties, praat mee

Literaire Liefdesjournalistik

Corine Koole is vooral bekend van haar rubrieken over liefde en seks in LINDA. en Volkskrant magazine. In januari verschijnt haar nieuwste boek ‘Pascale’, waarin ze een dag uit het leven van een Amsterdamse raamprostituee beschrijft. ‘Ik houd van verhalen over echte mensen. Ik ben geen journalist die op zoek is naar scoops.

‘Jullie zijn zeker al heel lang getrouwd hè?’, zegt Corine Koole (1961) tegen fotograaf Truus van Gog, terwijl ze poseert met het rode licht van het Sex Palace op de Wallen in haar rug. ‘Nou dat valt wel mee, hoor. Dertien jaar’, zegt de man van de fotograaf. Vandaag assisteert hij zijn vrouw. ‘Hoe weet je dat?’, vraagt zij. ‘Dat zie ik’, zegt Koole. Ze lacht: ‘Kijk zo doe je dat, mensen uithoren over hun liefdesleven.’ En Koole kan het weten. Ze heeft ondertussen honderden mensen geïnterviewd over de liefde in al haar facetten. En nu werkt ze aan het boek ‘Pascale’, een portret van een 40-jarige Amsterdamse raamprostituee, geboren en getogen in Oud-Zuid.
Koole is met name bekend van haar rubrieken over liefde en seks in Volkskrant magazine en LINDA. In 2004 bedacht ze de rubriek ‘Van twee kanten’; Een mateloos populaire rubriek in Volkskrant magazine waarin honderden stellen het verhaal over hun liefde vertelden. Voor Linda schrijft ze de rubriek ‘Verlaten vrouw’. Binnen een paar jaar bouwde Koole het imago op van ‘de liefdesjournalist’. ‘Dat is geen bewuste keuze geweest, maar in navolging van ‘Van twee kanten’ werd ik steeds weer gevraagd om rubrieken over liefde en seks te maken. Ik heb laatst voor Volkskrant magazine bijvoorbeeld ook een serie gemaakt over het AMC – geweldig om te doen! – maar dat vergeet iedereen.’

Een paar maanden geleden ontving Koole een mail van Pascale. Zij wilde graag haar verhaal doen voor Kooles huidige rubriek in Volkskrant magazine, ‘Lust en liefde’. Ze las de serie waarin mannen en vrouwen zich openhartig uitlaten over hun seksleven graag en vond bovendien dat er wel eens een ‘andersoortig verhaal’ aan bod mocht komen.
Koole interviewde de Amsterdamse raamprostituee, zoals ze eerder ook al honderden mannen en vrouwen de geheimen over hun liefdes- en seksleven ontfutselde. Pascale vertelde haar verhaal onder haar echte naam. Een uitzondering: de meeste bronnen willen hun persoonlijke ontboezemingen alleen doen onder een gefingeerde naam. Ook de bijbehorende foto werd niet geanonimiseerd. De aflevering begint als volgt:
‘Afgelopen zondag was ik om elf uur bij mijn raam in de Korsjespoortsteeg in Amsterdam. Ik was met de bus gekomen, zoals altijd in de winter. Ik houd van de rit er naar toe, dat de tocht van mijn huis naar mijn werk iets van een reis krijgt. Dat ik onderweg afstand kan doen van mijn leven thuis en me kan voorbereiden op het onvoorziene. Ik droeg mijn tas met schone handdoeken onder mijn arm, meldde me bij Thijs, de wat korzelige, maar niet onsympathieke conciërge. Hij maakte, zoals iedere zondag, een kopie van mijn paspoort en gaf me de sleutel. Beneden schoof ik het gordijn half opzij en zette mijn visitekaart, een hartenvrouw, voor het raam.’
Een spannend begin. Koole wist: Deze vrouw is anders. Haar nieuwsgierigheid was gewekt. ‘Veel levens hoef je zelf niet te leiden om je er toch een voorstelling van te kunnen maken. Bij het leven van Pascale kon ik mij geen voorstelling maken. Ik vroeg me af hoe een prostituee zich voelt en wat zij denkt als ze achter het raam staat. Ik dacht: zonde om het bij zo’n kort stukje te laten. Ik ga een boek met haar maken. Pascale werkte graag mee. Ze vindt het niet erg om haar verhaal te doen, ze schaamt zich niet, want haar werk is iets waar ze zich niet voor hoeft te schamen. Dat gaat weer uit van de vooronderstelling dat hoererij abject is. Nadat het verhaal in Volkskrant magazine had gestaan, kreeg ze veel positieve reacties. Op zondag, haar vaste werkdag, kreeg ze er zelfs een paar nieuw klanten bij, mannen die de rubriek ook hadden gelezen.’ ’

‘Mijn doel is om prachtige zinnen te maken, zinnen die ritme hebben. Ik wil een meeslepend verhaal schrijven.’

Sindsdien spreekt Koole wekelijks met haar af, ze bezoekt Pascale in haar peeskamer in de Korsjespoortsteeg en houdt er een intensieve mailwisseling op na. ‘Het is geen domme vrouw, ze kan heel goed nadenken over zichzelf en reflecteren op haar leven. Als ik haar interview, vertelt ze mij precies wat ik wil horen. Dat wil zeggen: Waar je altijd op hoopt is dat het beeld dat je hebt, omver wordt geschopt. Je wilt tot nieuwe inzichten komen. Dat gebeurt. Ik dacht altijd: een hoer word je niet omdat je het leuk vindt. Je hebt een schuld en die probeer je op die manier af te lossen, zoiets. Zo is Pascale niet. Zij beleeft veel plezier aan haar werk. Ze praat met enorme compassie over haar klanten. Ze staat niet voor het cliché hoer en dat maakt haar interessant.’
De gesprekken die Koole met Pascale voert gaan niet alleen over haar werk als prostituee. Ze vraagt ook naar haar verleden, haar ouders, haar zusje, haar liefdes. Koole stelt graag ‘kleine vragen’. ‘Ik wil een verhaal vertellen, zoals je een film afspeelt. Ik probeer het verhaal beeldend te maken. Ik vraag: Wat had je toen aan? Wat dacht je op dat moment? Ik bekijk samen met haar de mannen die in de Korsjespoortsteeg rondlopen en vraag: wat zou je ervan denken als hij straks binnenstapt?’ Pascale vertelde bijvoorbeeld: ‘Ik maak altijd pas oogcontact als een man goeie schoenen draagt. Een man die glanzende schoenen van leer draagt, verzorgt zijn lichaam. Iemand met afgetrapte gympen heeft een ongewassen kruis. Slappe zolen bijvoorbeeld staan voor slappe mannen.
’ De journaliste werkt momenteel hard aan de afronding van haar boek, met tussenpozen vanuit haar appartement in Parijs, ‘want daar heb ik geen afleiding en kan ik helemaal in het verhaal verdwijnen’. Ze beschrijft het leven van Pascale in één dag. ‘Ik kruip in haar huid. De vertelvorm is een monologue intérieur. De lezer ziet haar aan het werk en weet wat zij ondertussen denkt en voelt. Het boek begint op het moment dat Pascale opstaat. Ze maakt zich op en pakt de grote rolkoffer waar al haar lappen en andere dingen die ze nodig heeft inzitten. Dan gaat ze op weg naar de bushalte.

Bekijk meer van

vvoj 2019

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.