Commissiedebat over de Woo: ‘Ambtelijke en politieke lobby om de wet in te perken is groot’
Een groot aantal partijen lijkt voorstander van het inperken van Woo-verzoeken. Dit werd afgelopen donderdag duidelijk tijdens het commissiedebat over de Wet open overheid (Woo). Al kort na aanvang van het debat werd de Woo door verschillende politieke partijen bekritiseerd. De wet zou in de huidige vorm te veel werklast met zich meebrengen en de privacy van boeren schenden.
Dit artikel wordt met je gedeeld door NVJ-lid Bas Vermond. Ook lid worden?
Dit jaar wordt de Wet open overheid (Woo) geëvalueerd. De uitkomsten zullen volgend jaar mei bekendgemaakt worden. Toch pleiten verschillende politieke partijen nu al voor maatregelen om de problemen met de wet aan te pakken.
Emissiegegevens
Onder andere de SGP, het CDA en de BBB hebben moeite met het op het openbaar maken van zogenoemde emissiegegevens van boerenbedrijven via de Woo. Onder deze gegevens vallen onder andere het aantal dieren dat boeren houden en de locatie van hun stallen.
“De boeren zijn vogelvrij omdat de adressen van hun stallen, die vastzitten aan hun woonhuis, vallen onder die openbare gegevens”, stelde Kamerlid André Flach van de SGP. “De angst op het boerenerf is in veel gevallen heel groot omdat ze niet weten wat een stel doorgedraaide dierenactivisten hen kan aandoen.”
Staatssecretaris Koninkrijksrelaties en Slagvaardige Overheid Eric van der Burg (VVD) toonde begrip voor het probleem. “Ik kan mij buitengewoon goed voorstellen dat boeren zich onveilig voelen.” Van der Burg legt echter uit dat juridisch gezien de overheid geen woongegevens publiceert maar bedrijfsgegevens, ondanks dat dit bij boeren in de praktijk vaak op hetzelfde neerkomt.
De overheid is verplicht om deze gegevens te delen en houdt zich hiermee aan internationale afspraken.
‘Nutteloos’
Volgens Van den Burg heeft de minister van LVVN (red. Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) aangegeven “om in Brussel te kijken hoe we dit verder aan de orde kunnen stellen.”
“Een nutteloze exercitie. Uit een eerdere rondgang in Brussel bleek al dat dit onderwerp in andere landen niet speelt”, zegt Bas van Beek, Woo-coördinator bij Follow The Money. Samen met collega-journalisten is hij al jaren bezig om emissiegegevens op te vragen bij het ministerie van LVVN. Iets waarvoor hij tot aan de Raad van State heeft moeten procederen.
Het enige dat via een Woo-verzoek aanvullend openbaar wordt gemaakt zijn de emissiegegevens van deze bedrijven, stelt Van Beek. “Juist die informatie hebben burgers en journalisten nodig om inzicht te krijgen in de effecten van uitstoot op hun leefomgeving.” Volgens hem zou het ook in Nederland geen probleem moeten zijn. “De adresgegevens van alle agrarische ondernemingen zijn namelijk al via publieke bronnen vrij toegankelijk”, legt hij uit.
Kosten en misbruik
Tijdens het commissiedebat werd er door de PVV kritiek geuit op de kosten die verbonden zijn aan de uitvoering van de Woo, maar volgens Van Beek valt dat allemaal wel mee.
“De kosten bedragen voor alle overheden 150 miljoen euro. Dat staat gelijk aan 955 voltijd ambtenaren. Ter vergelijking: alleen al op de communicatieafdelingen van de ministeries werkten in 2025 ruim 946 voltijd ambtenaren. Dat is zonder de communicatieafdelingen van gemeenten en andere niet-centrale overheidsorganisaties. In dat licht vallen de kosten van de uitvoering van zo’n belangrijk burgerrecht bijzonder mee.”
JA21 maakte zich vooral zorgen over misbruik van de Woo. Zo werd er gewezen op de rechter van de rechtbank Noord-Holland die duizenden Woo-verzoeken naar gemeenten had gestuurd. Volgens Van Beek liet dit voorbeeld echter ook zien dat overheidsorganen prima in staat zijn om zich tegen misbruik te weren.
“Uiteindelijk heeft geen enkele gemeente dit verzoek daadwerkelijk uitgevoerd. Je dient het als gemeente wel uit te vechten tot aan de rechter. Op dit moment zijn veel overheidsorganen hier terughoudend in. Het gebrek aan kennis kan hierbij een rol spelen. Daarom heeft het ministerie van BZK (red. Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) onlangs een nieuwe handleiding voor de omgang met misbruik opgesteld.”
Betere afhandeling van verzoeken
Het pijnpunt waar bijna alle partijen het wel over eens waren, is de moeizame afhandeling van de Woo-verzoeken. Dit proces creëert nu te veel werkdruk voor ambtenaren en moet efficiënter, stellen de partijen.
Over hoe het proces moet worden verbeterd, blijken de partijen echter van mening te verschillen. PvdD, D66 en PRO zochten de oplossing vooral bij de overheid zelf. “Een democratie kan alleen functioneren als mensen weten wat hun overheid doet”, aldus Kamerlid Ines Kostić (PvdD).
Ze noemde vervolgens een aantal schandalen op het gebied van dierenwelzijn die aan het licht waren gekomen dankzij Woo-verzoeken. “Het probleem van de Woo zit niet in het recht van mensen om informatie op te vragen; het probleem zit in de uitvoering.”
De partijen noemen onder andere actievere bekendmaking, een betere informatie-infrastructuur en een onafhankelijke Woo-functionaris als mogelijke oplossingen om het proces rond de Woo-verzoeken te verbeteren.
“Ik pleit niet voor een leger aan extra Woo-functionarissen. Het gaat om de status en het mandaat dat wij geven aan degenen die de besluiten rond Woo-verzoeken moeten nemen. Het gaat erom: hoe zorg je dat het bij de gemeenten en departementen zonder politisering en met relatief korte parafenlijnen (goedkeuringsprocedures, red.) wordt uitgevoerd”, aldus Kamerlid Joost Sneller van D66.
Begrenzen van de Woo
Toch waren er ook partijen die de oplossing leken te zoeken in het inperken van het aantal aanvragen. Zo werd er geopperd om kosten in rekening te brengen voor het indienen van een Woo-verzoek en het beperken van verzoeken aan gemeenten of provincies tot inwoners van de desbetreffende gemeente of provincie.
Van Beek stelt dat de partijen daarmee niet de problemen willen oplossen, maar vooral de wet zelf ter discussie willen stellen. “De blokkades die in het commissiedebat werden voorgesteld lossen werkelijk niks op en zorgen alleen maar voor meer wantrouwen richting de overheid.”
Het invoeren van dergelijke blokkades staat volgens Van Beek dan ook haaks op het maatschappelijk belang. “Het recht op overheidsinformatie stelt burgers en journalisten in staat om de overheid te controleren en vormt daarmee een belangrijke waarborg voor een gezonde democratie.”
“Wie aan dat recht wil tornen, moet dat debat open en eerlijk voeren. Probeer dan niet te doen alsof het vooral om procesverbetering gaat. Wie dat echt wil, had zich kunnen verdiepen in het recente Sira-onderzoek naar de uitvoeringslasten van de Woo, waarin duidelijk wordt dat juist betere interne processen, betere zoekfunctionaliteit en het vroegtijdiger betrekken van verzoekers de belangrijkste aangrijpingspunten zijn om de werklast te verminderen.”
De Woo onder druk
Toch lijkt de staatssecretaris het inperken van de Woo niet uit te sluiten. “We hebben op dit moment in Nederland een vrij ruime mogelijkheid om Woo-informatie op te vragen. Of we dat zo houden, zou moeten worden bekeken in de evaluatie van de wet. Daarin zie ik overigens dat er in deze commissie een meerderheid is die voorstander is van inperken”, aldus Van der Burg.
Van Beek ziet dat de druk op de Woo toeneemt. “De ambtelijke en politieke lobby om de Woo in te perken is sterk. Al tijdens het formatieproces drongen BZK en de hoogste ambtenaren van de ministeries aan op aanzienlijke inperkingen van de wet. De verwachting is dat die druk richting de evaluatie alleen maar verder zal toenemen.”
Lees ook: Onderzoeksjournalisten woedend over voorstellen voor inperking Woo
Van Beek roept vakgenoten daarom op om het debat rond de Woo te blijven volgen en zich uit te spreken tegen het inperken van de Woo. “De journalistiek en het maatschappelijk middenveld hebben zich tijdens het formatieproces duidelijk uitgesproken tegen pogingen van de ambtelijke top om de Woo fors in te perken. En met succes”, stelt hij. “Een van de belangrijkste instrumenten van de journalistiek staat nog steeds onder druk.”
Bas van Beek maakt onderdeel uit van de VVOJ Woo-werkgroep. Wil je meer weten? Kijk dan hier.


Praat mee