foj 2019

— zaterdag 19 mei 2012, 10:49 | 0 reacties, praat mee

Kindermoord & de Media

Yolande Kleiss belandde midden in een mediastorm toen in 2000 haar dochter Nienke werd vermoord. Wat gebeurt er met je als je naam ineens met dagelijkse regelmaat voorbij komt in de krant en op televisie?

Het dorp is afgezet op de dag van Nienke’s begrafenis, langs de route staan politiemensen. Met de NOS zijn vooraf duidelijke afspraken gemaakt; er mag buiten de kerk discreet worden gefilmd zolang het gezin Kleiss niet in beeld wordt gebracht. Een week eerder werd de 10-jarige Nienke misbruikt en vermoord in het Beatrixpark in Schiedam, waar ze speelde met haar vriendje Maikel, die werd neergestoken. Het was het begin van de langslepende zaak die de ‘Schiedammer Parkmoord’ is gaan heten. Na de uitvaart houden de camera’s netjes afstand. Maar in een onbewaakt moment weten twee journalisten – die niet bij de NOS-ploeg horen – toch Nienke’s moeder aan te klampen: of ze soms weet wie de ouders van het slachtoffertje zijn. Voordat Yolande Kleiss goed en wel iets kan zeggen wordt ze afgeschermd door een aantal agenten, maar het voorval maakt indruk op haar. Bijna twaalf jaar later nog steeds. ‘De brutaliteit! Je wéét dat het niet mag, en tóch doe je het. In het diepst van onze ellende; we hadden net onze dochter begraven.’

Drama’s en het gedrag van de media, het is telkens weer een punt van discussie, zeker wanneer er kinderen bij betrokken zijn. Denk aan de commotie rond de berichtgeving over de moord op de 12-jarige Milly Boele of de hype rond het 9-jarige jongetje Ruben dat als enige het vliegtuigongeluk in Tripoli overleefde. Recent nog was er de ophef over het tonen van foto’s van de tientallen slachtoffertjes van het busongeluk in België. Elke keer rijst de vraag: gaan de media niet te ver? Waar stopt de berichtgeving en begint de hype?

Na de dood van haar dochter heeft Yolande Kleiss het tot haar missie gemaakt om de gang van zaken rond een misdrijf voor nabestaanden en slachtoffers te verbeteren. Zo geeft ze lezingen over haar ervaringen met politie en justitie, die blunderden in de strafzaak. (Niet de veroordeelde Kees B., maar Wik H. bleek na vier jaar de dader.) Mede door haar inzet zijn er tegenwoordig onder meer de zogenaamde familierechercheurs; politiemensen die nabestaanden gedurende een rechercheonderzoek begeleiden en kent de opleiding voor Officier van Justitie tegenwoordig het onderdeel ‘bejegening slachtoffers’. En nu richt Kleiss haar pijlen op het laatste bastion: de journalistiek. Ze wil journalisten laten weten wat het met haar deed dat zij, haar man René en hun drie zoons ineens publiek bezit werden. Wat er gebeurde toen ze onvoorbereid onderwerp werd van berichtgeving die ze heeft ervaren als ‘bot en respectloos’. ‘Ik denk dat journalisten zich helemaal niet realiseren dat de impact van wat ze doen gigantisch is’, begint het gesprek aan de keukentafel in Schiedam.

Op de dag dat Kleiss haar dochter vond in het park, meldde het Journaal dat in Schiedam een meisje was vermoord. ‘Dat was nog vrij neutraal’, vertelt ze. ‘Maar een dag later kwam er in het Journaal een vrouw aan het woord die zei: “Ik snap zo’n moeder niet. Wie laat haar kinderen nou buiten spelen?” Dat iemand zoiets zegt is tot daar aan toe, maar dat zend je toch niet uit? Zo bot. Zo keihard. Als je dochter wordt vermoord, denk je dat iedereen met je meeleeft en respect voor je opbrengt. Maar dat geloof was binnen twaalf uur verdwenen.’

Het was de voorbode van een mediastorm die, zegt Kleiss, afleidde van wat ze op dat moment eigenlijk moest doen: ‘afscheid nemen van mijn dochter’. Wat volgde waren journalisten voor de deur van het huis, aan de telefoon en in Nienke’s school, zoekend naar informatie. Ook waren er de paginagrote foto’s van Nienke in de krant en een gedetailleerde plattegrond van de omgeving rond hun huis in Schiedam, met in vette letters ‘Hier woonde Nienke Kleiss’ erboven. Waar ze zich het meest over verbaasde was het eindeloze speculeren. ‘Ook als er niets te melden was, wisten journalisten toch iets te zeggen. Ze gingen wat rondvragen en schreven op basis daarvan stukken als: “De dader liep van Schiedam naar Vlaardingen en was half uitgekleed. Dat moet ’m zijn geweest.” Het was niet meer dan nattevingerwerk. Als je gaat rondvragen, heeft iedereen wel wat gezien.’

De familie Kleiss stemde uit zelfbescherming niet meer af op RTL en SBS6. ‘Die zenders waren, toen veel erger dan nu, zo ongenuanceerd.’ En nadat het Rotterdams Dagblad ‘gruwelijke details’ uit de rechtszaal publiceerde, zegden ze middels een boze brief hun abonnement op de krant op. ‘We kregen een reactie terug dat ze het vervelend vonden, maar het recht hadden om alles aan bod te laten komen. Ik snap dat nieuws moet worden gebracht, maar ik vind dat journalisten zich meer bewust moeten zijn van het extra leed dat ze nabestaanden bezorgen door zo ongenuanceerd met nieuws om te gaan.’

Veel impact op de familie had het werk van Peter R. De Vries, die in zijn misdaadprogramma veel met reconstructies werkt. Het stoorde Kleiss dat ze niet van tevoren op de hoogte werd gesteld van de uitzending, waar ze zich graag op had voorbereid. ‘Want voor ouders is een reconstructie vreselijk om te zien.’ De reconstructie van De Vries gebruikt ze vaak als voorbeeld van hoeveel macht de media volgens haar bezitten. ‘Mijn dochter werd nagespeeld met rode veterlaarsjes aan maar Nienke heeft nooit rode laarsjes gehad; daar was ze helemaal geen type voor. Ze had kaplaarzen. Maar tot de voorzitter van de rechtbank aan toe had iedereen het over de rode laarsjes van Nienke. Dat geeft aan wat een impact zo’n uitzending heeft, zélfs op een rechter die toch gewend moet zijn om met de media om te gaan. Al zet je gedurende het hele programma groot ‘reconstructie’ rechts bovenin beeld, mensen die kijken denken: zoals Peter het laat zien, zo is het gegaan.’

Toen de mediahype was gaan liggen, nodigden Yolande en René Kleiss een aantal journalisten bij hen thuis uit om duidelijk te maken welke impact de media op hun gezin hebben gehad. ‘Misschien konden we er met zo’n gesprek voor zorgen dat ze in een volgende zaak meer weloverwogen te werk zouden gaan. Misschien zouden ze in het vervolg de achternaam van het slachtoffer weglaten, contact opnemen over welke foto’s te gebruiken, mensen waarschuwen voor wat er zou worden uitgezonden of gepubliceerd.’

Ze spraken met Sander Sonnemans die de zaak volgde – en nog steeds volgt – voor het Rotterdams Dagblad, later AD en legden hun ruzie bij. Inmiddels hebben ze goed contact met elkaar. Ook ontvingen ze Peter R. de Vries. ‘Hij is iemand die het hart op de goede plek heeft, daar ben ik van overtuigd. Hij zei zich te realiseren hoe zo’n reconstructie binnenkomt bij nabestaanden. Maar dat is natuurlijk niet zijn eerste prioriteit. Hij wil een zaak oplossen en het mag allemaal niet te soft worden want het moet ook nog kijkers trekken. We hebben hem verteld dat een reconstructie niet zomaar een toneelstukje is, en dat het prettig is als nabestaanden vooraf gewaarschuwd worden. Dat heeft hij ter harte genomen.’

Toch zou ze niet snel in zijn programma gaan zitten. ‘Als je iets zegt wat niet in het straatje past, wordt het er gewoon uitgeknipt.’ Het liefst schuift ze daarom aan bij live programma’s. Als ze geschreven interviews afgeeft, vraagt ze altijd van tevoren om de tekst. ‘Want zoals je iets zegt, staat het nooit in de krant.’ En ze doet het alleen als ze iets te vertellen heeft voor de goede zaak. Ze is inmiddels gepokt en gemazeld als het om media gaat. ‘Bovendien ben ik verbaal sterk. Maar ik vraag me wel eens af wat er gebeurt met mensen die dat niet zijn. Hoe moeten zij zich ooit weerbaar opstellen naar de pers?’

In 2004 publiceerde Kleiss en haar man een boekje met verhaaltjes over Nienke. Tegenstrijdig op het eerste oog; waarom ineens al die privé anekdotes in de openbaarheid, als je zo lang voor je privacy hebt gestreden? Kleiss glimlacht: ‘Iedereen, íedereen had iets te zeggen over die zaak. Ze schreven een rapport, een boek of artikelen. In al die verhalen gaat het nooit over Nienke, maar altijd over wat er fout is gegaan. Daarom dacht ik: laten wij dan een beeld schetsen van het meisje dat ze is geweest en dat zoveel voor ons heeft betekend. Zodat jij, als je haar naam hoort, denkt aan wie ze was in plaats van aan alles wat er in het park is gebeurd.’

Mediatips van Kleiss
‘Doe bij gevoelige zaken als kindermoord een stapje terug en houd je bij de feiten. Ga niet speculeren over wat er gebeurd zou kunnen zijn. Het is al gruwelijk genoeg.’

‘Doe rustig aan met de details. Waarom moet in de krant breed worden uitgemeten wat een slachtoffer aanhad – het slipje, het ­behaatje? Het is al erg genoeg dat ouders dat hebben moeten horen.

‘Stel je respectvol op naar nabestaanden of slachtoffers. Als je investeert in een open contact, bereik je veel meer en heb je meer kans om op een later moment informatie te krijgen.’

‘Laat weten waar je aan werkt en wanneer dat wordt uitgezonden of gepubliceerd. Je hoeft niet eens de nabestaanden zelf te bellen, het kan tegenwoordig ook via familierechercheurs en case-managers.’

‘Ik pleit voor een code waarin wordt afgesproken dat de naam van het slachtoffer zo lang mogelijk achterwege wordt gelaten. De naam Kleiss lag al heel snel op straat, terwijl de naam van de dader is beschermd. Ik had daar heel veel moeite mee. Toen bekend werd dat er was geblunderd in de zaak las je koppen in de krant als ‘De Nienke Kleiss blunders’. Die meid heeft echt geen blunder gemaakt. Soms wordt een verzoek al gerespecteerd. De achternaam van Maikel is nooit genoemd, godzijdank.’

‘Denk na of overleg over het beeld dat je laat zien. Een foto van iemands huis? Bedenkt dat er meer mensen in datzelfde huis kunnen wonen met dezelfde achternaam. Daarnaast zou het fijn zijn als je foto’s aan de media zou kunnen afgeven met de restrictie dat ze alleen voor een bepaalde uitzending gebruikt mogen worden, en daarna niet meer.’

Bekijk meer van

vvoj 2019

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.