Tegel Beeld en Geluid

— donderdag 13 augustus 2020, 16:15 | 3 reacties, praat mee

Het werk van foto-journalisten verdient betere bescherming

Fotojournalistiek heeft een prijs. Rechters en wetgevers moeten daar meer aan doen. - © ANP / Eric Brinkhorst

Het auteursrecht voor (foto)journalisten staat onder druk. Rechters kiezen minder en minder de kant van fotografen en de grote techbedrijven kunnen met de wet in de hand hun verantwoordelijkheid nog steeds ontlopen. Tijd voor verandering, meent Thomas Bruning, algemeen secretaris van de NVJ.

Het auteursrecht is, na artikel 7 van onze Grondwet dat persvrijheid garandeert, misschien wel het belangrijkste recht waarover (foto)journalisten beschikken. Het auteursrecht beschermt immers de intellectuele prestatie van een maker. Diens foto of artikel mag niet zomaar door een ander zonder toestemming gebruikt worden. Dat betekent dat het werk dus ook beschermd moet worden, zeker in een digitale wereld, waarin zo’n beetje elk stukje tekst of beeld snel kan worden gekopieerd.

Over de toepassing van dit belangrijke recht hebben de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ), de Nederlandse Vereniging van Fotojournalisten (NVF) en ruim honderd bezorgde fotografen hun zorgen begin augustus onder woorden gebracht in een brandbrief aan de rechtelijke macht en betrokken ministers. De afgelopen jaren is de bescherming van het auteursrecht geërodeerd door de wijze waarop de rechtspraak auteursrechtschendingen beoordeelt.

Het ongevraagd gebruiken van materiaal is het best zichtbaar op sociale media waar iedereen tekst- en beeldmateriaal kosteloos gebruikt zonder zich om de rechten van de oorspronkelijke maker te bekommeren. De grote techbedrijven hebben jarenlang dit gedrag actief gestimuleerd en daarmee professionele media en makers in een kwetsbare positie gebracht.

Ongevraagd hergebruik is diefstal
Iedereen die publiceert op digitale kanalen dient zich ervan bewust te zijn dat professioneel beeld waarde vertegenwoordigt en dat ongevraagd hergebruik feitelijk diefstal betreft. Omdat de ‘pakkans’ op het wereldwijde web bij dit soort hergebruik klein is, zou er van de straffen hiervoor een stevige preventieve werking moeten uitgaan.

Vreemd genoeg hebben we in de rechtspraak de afgelopen jaren een omgekeerde beweging gezien. Daar waar het jaren geleden nog usance was dat de rechter bij publicatie van beeld zonder toestemming drie tot vier keer de oorspronkelijke prijs als schadevergoeding toewees aan de benadeelde fotograaf, wordt sinds enige tijd doorgaans slechts de ‘gangbare’ waarde van de foto als uitgangspunt genomen voor die vergoeding. Met een zeer bescheiden verhogingsgrond voor het niet vermelden van de naam van de maker van 25 procent. Daarmee is het bijna lonend om het risico te nemen. In het ergste geval riskeert de overtreder hoogstens een 25 procent opslag op de oorspronkelijke prijs.

Ook als het gaat om de vergoeding van de juridische kosten heeft de rechtspraak haar beleid recentelijk gewijzigd; in minder complexe zaken geldt voortaan het ‘kantonrechtersliquidatietarief’ als vergoeding voor de gemaakte (juridische) kosten. Dit tarief is zo laag, dat het veelal niet lonend is om naar de rechter te stappen.

Verhaal halen bij Big Tech?
Het meest pijnlijke is natuurlijk de rol van de techbedrijven, of het nu YouTube, Instagram, Twitter of Facebook betreft. Ze hebben ervoor gezorgd dat zij als partij niet aanspreekbaar zijn op overtredingen, terwijl juist zij profijt hebben van dit misbruik. De wettelijk geregelde zogenaamde ‘notice and takedown’-verplichting beperkt hun verantwoordelijkheid slechts tot het verwijderen van het materiaal indien de rechthebbende hierover klaagt. Maar dit geeft geen enkele mogelijkheid voor financieel verhaal.

Deze rechtspraak draagt bij aan een mentaliteit waarbij de waarde van foto’s en tekst in de digitale wereld niet langer wordt gezien als een serieus te beschermen goed. Dat heeft consequenties voor het voortbestaan van een belangrijke beroepsgroep en de functie die zij vervullen in onze samenleving.

Ook voor het betalende lezerspubliek van kranten als NRC is deze zorg relevant. De journalistieke beroepsgroep kan lezers immers alleen van onafhankelijk gemaakte beelden en artikelen blijven voorzien, indien hun prestaties auteursrechtelijk beschermd worden.

Er is perspectief
Anders kan elke willekeurige derde er met het werk van (foto)journalisten vandoor gaan en blijft er geen reden meer over om nog een abonnement te nemen of voor een krant te betalen.

Toch zien wij perspectief. In juni 2019 werd een nieuwe Europese auteursrechtrichtlijn vastgesteld, die de verantwoordelijkheid van socialemediabedrijven voor auteursrechtschendingen wil vergroten. Het is zaak dat de Nederlandse rechtspraak en onze wetgever bij de implementatie van deze richtlijn dit verstandige uitgangspunt op een werkbare manier gaan toepassen.

Ons pleidooi is dan ook helder: maak socialemediabedrijven altijd (financieel) verantwoordelijk voor de publicatie van tekst en beeld, dat zonder toestemming is gepubliceerd op hun platformen en herintroduceer een vergoeding bij auteursrechtschendingen, die recht doet aan de werkelijk geleden schade.

Deze opinie is ook gepubliceerd op nrc.nl.

Bekijk meer van

YouTube Thomas Bruning Facebook

Praat mee

3 reacties

Ruud Voest, 13 augustus 2020, 22:49

Ik mis in het artikel echt het volgende: Op dit moment wordt het volgende steeds meer trending:  Het begrip embedded content. Binnen de EU wetgeving is het begrip “embedded content”  volledig legaal (enkele uitzonderingen daargelaten). Embedded content: Er wordt kosteloos content gebruikt door andere websites dan de bron ( i.e de eerste rechthebbende van het beeld dus) .  In feite is dit een HTML broncode truc van de kopiërende website .  Simpel gezegd : Het lijkt alsof de kopiërende website een foto op de eigen site plaatst,  in feite is het een venster naar de bron ( voor de technici onder ons: dit is te controleren in de broncode van de webpagina). Binnen de EU richtlijnen volledig legaal !  De redenering hierachter is dat waneer men iets op internet plaatst, het gehele internet (en dus elke internetgebruiker) zijn of haar publiek is. Bij embedden kan er geen sprake zijn van een “nieuw publiek” bij het plaatsen van een link. Er is geen sprake van een nieuwe openbaarmaking van beeld . De fotograaf heeft het nakijken en kan geen beroep doen op het auteursrecht.  Grote partijen als Mediahuis en DPG zouden eens moeten onderzoeken of zij hun bron (de eigen server etc.) technisch gezien achter een “muur” te plaatsen zodat deze bron niet beschikbaar is om vanuit te embedden. Al met al hebben de fotografen het nu heel lastig vanuit diverse hoeken:  1. Met partijen die volgens de fotograaf zijn foto ongeoorloofd maar dus legaal gebruiken via embedded content,  2. de Nederlandse rechtspraak die vervolgens naar de EU wetgeving verwijst en de fotograaf ongelijk zal geven in zijn aanspraak op auteursrechtschending. En tenslotte 3. de opdrachtgevers die geen beschermingsmaatregelen kunnen of willen treffen om eigen content te beschermen en embedded content onmogelijk te maken voor derden. Grote uitgeverijen als Mediahuis en DPG (uitgevers van resp. de Telegraaf en AD) hebben ook een verantwoordelijkheid om de content van hun freelancers auteursrechtelijk te beschermen.

AlexJdeHaan, 14 augustus 2020, 18:00

Uit het hart gegrepen, deze stap van de NVJ. Fotojournalisten en journalisten die freelance werken, zijn vogelvrij. Waar mogelijk moeten ze optreden tegen ongeoorloofd gebruik en dat doen wij op onze beurt dan ook. In het gros van de gevallen levert dat een positief resultaat op. Simpel gezegd: gebruikers betalen alsnog. Het is vooral een kwestie van opvoeden, voorlichting geven aan de goegemeente, vertellen dat ze niet zomaar een foto kunnen gebruiken of een bericht kunnen overkalken. De NVJ zelf mag in dat laatste ook best het goede voorbeeld geven en haar redactie en freelance medewerkers niet zonder enige inspanning berichten van hard werkende collega’s laten overpennen en op de eigen site laten publiceren, ook al is dat duizendmaal wettelijk toegestaan.  Luilakkenjournalistiek heet dat. Overigens zie ik wel een heel lichte kentering als het gaat om ongevraagd gebruik van journalistiek werk. Waar voorheen vaak een grote mond werd opengetrokken als je er wat van zei, gebeurt dat nu - met soms een excuus - de beurs. Laat onverlet dat acties zoals deze van de NVJ broodnodig blijven.

rob vuurens, 17 augustus 2020, 14:57

wat is eigenlijk “de gangbare waarde” van een foto?

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.