‘Het klimaat wordt er overal de haren bijgesleept’
Volgende maand vindt in Kopenhagen de 15e klimaattop van de VN plaats. Tijdens deze top moet een nieuw klimaatakkoord gesloten worden, als opvolger van het Kyoto-protocol. ‘In de aanloop naar de top lijkt het of sommige journalisten qua feitelijkheid een oogje dichtknijpen, als het maar voor “De Goede Zaak” is’, aldus natuur- en wetenschapsjournalist Rypke Zeilmaker en klimatoloog en journalist Hajo Smit.
In aanloop naar Kopenhagen krijgen we bijna iedere verandering in de natuur voorgeschoteld als grote ramp. Het meest uiteenlopende onderzoek, van smeltende ijsberen tot zeldzame vogels wordt in persuitingen in verband gebracht met menselijke CO2-uitstoot, waarbij ‘bezorgde wetenschappers’ ons manen tot actie. En bij al dit opgewarmde onderzoek lijkt het of sommige journalisten qua feitelijkheid een oogje dicht knijpen, als het maar voor ‘De Goede Zaak’ is.
We worden zo warm van alle saamhorigheid. Peter Bijl van de Universiteit van Utrecht mocht op 6 oktober nog eens extra hard alarm slaan bij het NOS Journaal. Bijl brengt zijn onderzoek aan het klimaat van 50 miljoen jaar geleden bij Tasmanië in verband met Kopenhagen. In deze periode, het Eoceen lag door natuurlijke oorzaak de CO2-concentratie drie maal hoger dan nu. De NOS bracht het oerklimaat als wijze les voor CO2-uitstotende zondaars, terwijl uit het onderzoek juist de kracht van natuurlijke verandering blijkt.
Alle voorspellingen die de Club van Rome in de jaren ’70 deed over oprakende grondstoffen in ‘Limits to Growth’ (de Club van Rome heeft diverse rapporten uitgebracht, waarvan ‘De grenzen aan de groei’ de bekendste is, red.), zijn door de geschiedenis achterhaald dankzij technische vooruitgang. Toch haalt Trouw op 28 oktober deze activisten op de voorpagina aan als autoriteit. Om de urgentie van drastische klimaatakkoorden te benadrukken citeert Trouw de activist Martin Lees: ‘We zien nu al bewijzen dat het klimaat verandert’. Een klimatologisch gezien idiote uitspraak, omdat die bewijzen al zo lang als de wereld bestaan. James Hansen, directeur van het NASA Goddard Institute for Space Studies en adviseur van Al Gore was de afgelopen jaren de nummer 1 mediaster in Amerikaanse kranten. Maar hij mag onweersproken beweren ‘ik ben niet zo goed in communicatie met publiek. Dat laat ik liever aan anderen over’.
De Volkskrant kopt de woorden van de Wageningse bioloog Rik Leemans ‘We weten nu zeker dat het aan de mens ligt’. Leemans suggereert dat de zes meter zeespiegelstijging van Al Gore op korte termijn mogelijk is door afsmelten van de Groenlandse gletsjer. Terwijl een 2500 meter dikke ijskap daarvoor vele eeuwen tot millennia nodig heeft. Een degelijk boek over glaciologie had de journalist net zo deskundig gemaakt over gletsjers als de bioloog Leemans.
In de Times van 30 oktober stellen klimaatwetenschappers dat zij geloofwaardigheid verliezen, wanneer overdreven scenario’s worden gepresenteerd als feit. Een simpele geloofwaardigheidscheck heeft dus weinig te maken met voor of tegen, links of rechts. Wel met gezonde journalistiek. Per eigen specialisatie een paar maanden inlezen, en een blik over de grens helpt, iedereen is via het web te vinden. Vervolgens blijkt de natuur veel interessanter dan urgentiemarketing van belangenclubs.
Volgens het WWF (de moederorganisatie van het Wereld Natuur Fonds, red.) zouden ijsberen binnenkort uitsterven door Global Warming. Deze mythe is eenvoudig te ontkrachten. Bel bijvoorbeeld de Noorse onderzoeksleider Jon Aars van de Polar Bear Specialist Group,en lees verder dan de samenvatting bij het rapport van wereldwijde tellingen. Directe conflicten met mensen zijn vele malen belangrijker, en op Spitsbergen is Ursus maritimus (letterlijk: zeebeer) een plaag.
De orkaanenergie blijkt op een dertigjarig dieptepunt te zitten, zo tonen metingen van de Universiteit van Florida, die ex-IPCC’er Chris Landsea (Het Intergovernmental Panel on Climate Change is een VN-organisatie die wetenschappelijke bevindingen over de klimaatverandering vergaart en rapporten publiceert, red.). kan verstrekken. Verspreidt het Amerikaanse NOAA (National Oceanic and Atmospheric Administration) persberichten over ‘warme recordmaand oktober’ in 2007, dan blijkt dit bij nader inzien te komen doordat Rusland de temperatuurdata van september inleverde. Het wereldwijd gemelde diepterecord in zeeijs in januari 2009 bleek veroorzaakt door een sensorfout van de satelliet.
Wanneer wetenschappers roepen dat het ‘nog erger is dan we dachten’, verkopen zij een belang. Wetenschappers zijn gedwongen om hun maatschappelijke nut te adverteren, omdat zij afhankelijk zijn van de overheid en politici voor fondsen. Het onderzoek zelf kan prima zijn, maar ter promotie moeten zij de werkelijkheid versmallen tot soundbites. Zo kan ook iets complex als klimaat worden vernauwd tot CO2 en rampzaligheid, omdat media op lawaai af komen.
‘Sinds het IPCC-rapport in 2007 zingt de uitspraak “the science is settled” rond, dankzij een uitspraak van IPCC-voorzitter Rajendra Pachauri’, zegt Marcel Crok, wetenschapsjournalist die fulltime werkt aan een nieuw boek over het klimaatdebat. ‘Deze uitspraak is uiterst effectief. Want mensen die geen tijd of zin hebben om zich in de wetenschap te verdiepen, kunnen er op terugvallen bij het pleiten voor actie tegen broeikasgassen.’
Crok won in 2005 de Glazen Griffioen, een prijs voor wetenschapsjournalistiek met zijn artikel voor Natuurwetenschap & Techniek over de hockeystickaffaire. De hockeystick is vernoemd naar de omhoog krullende vorm van een prominente IPCC-temperatuurgrafiek. Crok kon door de oppervlakte van urgentiemarketing prikken, omdat zijn werkgever hem twee maanden de tijd gaf om de zaak uit te spitten.
Deze hockeystickgrafiek zou aantonen, dat de temperatuur afgelopen eeuw hoger was dan de voorgaande duizend jaar. Maar de grafiek bleek gebaseerd op ondeugdelijke statistiek, waardoor ‘de warme Middeleeuwen’ plotseling waren verdwenen. Het verhaal leidde via de Wall Street Journal tot oprichting van een senaatscommissie in de VS die wetenschappelijke fraude onderzocht. Topstatistici als Edward Wegman bevestigden de fouten.
Volgens Crok ontbreekt in Nederland debat, omdat onafhankelijke klimaatonderzoekers ontbreken die tegen het KNMI opstaan. Elders laait het debat juist op, nu tegen alle IPCC-projecties in, de aarde niet meer verder opwarmt. ‘Het KNMI steunt de IPCC-visie en is hier eenoog koning’, zegt Crok. ‘In de VS gaan klimaatsceptici als Richard Lindzen, Patrick Michaels en vele anderen openlijk het debat aan met de broeikasaanhangers. Een reden voor dat debat in de VS kan liggen in de financiering. In Amerika speelt private financiering een grotere rol. In Nederland en Europa komt vrijwel alle financiering bij de overheid vandaan. Die is fervent voorstander van Kyoto.’
Geld speelt ook bij wetenschap een rol. Het Global Warming-gerelateerde onderzoek in de VS kreeg sinds 1989 meer dan 30 miljard dollar via het Climate Change Science Programme, dankzij de invloed van Al Gore als vice-president. Dat is iets meer dan de 23 miljoen dollar die sceptische onderzoekers over tien jaar ontvingen van olieproducent Exxon Mobil, een feit waar Greenpeace steeds op wijst. Deze milieumultinational heeft zelf overigens een jaaromzet van een kwart miljard euro. Onze eigen Al Gore, Pier Vellinga beslist zelf over de besteding van tientallen miljoenen euro’s onderzoeksgeld in het programma Klimaat voor Ruimte. Dit programma gaat uit van een extreme zeespiegelstijging en hoosbuien.
Moeten Nederlandse media dus niet meer tegengas geven? Joep Engels van Trouw, die Al Gore’s adviseur Hansen, interviewde, vindt van niet. ‘We gaven genoeg ruimte aan tegengeluiden’, zegt hij. ‘Dit voorjaar heb ik bijvoorbeeld een verhaal geschreven waarin andere wetenschappers kritiek leveren op Hansen. Maar Croks opvattingen over het IPCC delen wij niet. En al zou de hockeystick niet helemaal kloppen, dan bestaan nog twee andere vergelijkbare grafieken, die het idee steunen dat de opwarming van de afgelopen eeuw groter was dan in de Middeleeuwen.’
Engels vindt het aangehaalde voorbeeld van 28 oktober niet representatief. ‘Dat artikel was in samenwerking met een collega geschreven, en het citaat had ik zelf niet zo laten staan’, zegt hij. ‘Wat mij betreft had het bericht niet op de voorpagina gehoeven, dat is een eindredactionele keuze. Maar ik deel niet je scepsis over de Club van Rome. Hoewel het klopt dat hun voorspellingen voor 2000 niet zijn uitgekomen, staat de geest van hun boodschap nog steeds overeind.”
Naast Natuurwetenschap & Techniek zijn er wel podia, die consequent een andere goed geïnformeerde insteek kiezen. ‘Spil’ van ex- PvdA Kamerlid Arend Jan Voortman biedt nu een continue podium voor klimaatsceptici, volgens Voortman ‘uit ergernis over de eenzijdige berichtgeving in Nederland’. Elsevier kiest zelfs openlijk partij tegen het IPCC, terwijl Intermediair af en toe ruimte geeft aan alternatieven. Verschillende individuele journalisten zijn bereid milieuclubs en hun belangen op de korrel te nemen, zoals René Zwaap voorheen in De Groene Amsterdammer deed.
Ook Karel Knip van NRC Handelsblad is niet te beroerd oververhitte mythes door te prikken, zoals recent die van de recordzomers. ‘In aanloop naar Kopenhagen wordt het klimaat er overal met de haren bijgesleept’, zegt hij. ‘Tot de zeldzame vogels op Spitsbergen aan toe. We hebben daarom ook op de redactie vergaderd, hoe we kunnen herkennen dat er geen hoax zit tussen de persberichten. Zoals berichten waar geen direct duidelijk verband bestaat met CO2 en wereldwijde opwarming.’
Maar bij hem staat de betrouwbaarheid van het wetenschappelijk proces bij het IPCC niet ter discussie. ‘Ik ben zelf onder de indruk geweest, hoe openhartig wetenschappers bij het IPCC discussieerden’, zegt hij. ‘Het probleem zit in de samenvatting voor beleidsmakers. Bij de samenstelling van die tekst mogen ook politici en beleidsmakers zich met de inhoud bemoeien. Uit die eindtekst verdwijnen de nuances, maar hieruit putten journalisten en politici hun conclusies. Al heb ik ook meegemaakt dat Koeweit de tekst wilde afzwakken.’
Voor de meeste journalisten is ieder oordeel over IPCC en critici voorbarig, omdat begrip van klimaatwetenschap tijd vraagt. Het is daarom verleidelijk om het gemakkelijke verhaal van luidruchtige belangenclubs als waar over te nemen, die zich als wereldredders presenteren met beroep op ‘De Wetenschap’. Maar complexiteit is geen excuus om als cheerleader van het groene establishment te fungeren.
Zeker niet nu politici na een avondje bios met ‘An Inconvenient Truth’ geloven dat ze de wetenschap begrijpen. Al Gore’s science fictionfilm mag van de rechter in Engeland alleen voorzien van waarschuwing vertoond worden op scholen, dankzij negen grove wetenschappelijke fouten. Onder het oppervlak van urgentiemarketing liggen kortom veel verrassender verhalen. Die leveren geen Nobelprijs op, maar wel nieuw inzicht en dus plezier. We hoeven niet zo milieuvriendelijk te zijn dat we halve waarheden recyclen.


Praat mee