foj 2019

— vrijdag 1 juli 2011, 10:00 | 0 reacties, praat mee

Gamejournalist? Luisteren en je kop houden

In de gamejournalistiek hebben de PR-bureaus de macht: opgelegde embargo’s, non-disclosure agreements en vervelende telefoontjes. Sommige bureaus gaan zelfs zo ver dat ze gamejournalisten vragen over bepaalde zaken niet te schrijven!

Lyrisch enthousiast waren de kritieken in 2009 toen de game ‘Batman: Arkham Asylum’ in de schappen kwam. Eindelijk eens een game waarbij de speler de echte sfeer van de capedragende superheld kon proeven. Hangend aan een plafond wachten totdat de slechteriken nietsvermoedend voorbij wandelden. Om ze vervolgens uit het niets de schaduwen in te trekken. Wereldwijd gemiddelde waardering: 9,1! Reden genoeg voor speluitgever Eidos om in zijn handjes te wrijven. Vooral ook omdat alle gamejournalisten wereldwijd zich netjes aan de regels hadden gehouden. In een persbericht vroeg Eidos hen geen recensies te plaatsen voor een bepaalde datum, tenzij de journalist in kwestie kon garanderen dat de game minstens een 9 scoorde. Hoewel ‘Batman: Arkham Asylum’ die hoge scores verdiende, kan dat niet gezegd worden van een van de eerdere projecten van Eidos. In 2008 legde de spelmaker gamejournalisten een embargo op met betrekking tot het videospel ‘Tomb Raider Underworld’. Recensies mochten pas verschijnen nadat het spel in de winkel lag. Tenzij de game hoger scoorde dan een 8.

Steeds meer andere game-uitgevers en PR-bureaus nemen dergelijke tactieken over. Toen gamejournalisten in 2008 na jaren lang wachten eindelijk de vierde serie in de ‘Metal Gear Solid’ reeks onder ogen kregen, werd daarvoor alles uit de kast getrokken. De game werd niet zoals gebruikelijk per post naar recensenten gestuurd, maar journalisten mochten het spel op locatie komen spelen. Ondertussen kregen ze de opdracht mee over bepaalde zaken in de game niet te schrijven. En vlak voor de release van ‘Just Cause 2’ kregen gamejournalisten in het hele land een bericht in de mailbox met het strenge verzoek niet te schrijven over plotwendingen in het verhaal. Iets dat veel recensenten sowieso vermijden om het verhaal niet te verpesten voor de speler.

Eenzijdige embargo’s en andere ‘regeltjes’ zijn aan de orde van de dag binnen deze tak vanjournalistiek. Dat een embargo eigenlijk een afspraak is tussen twee partijen wordt vaak over het hoofd gezien. Sterker nog: ook embargo’s met terugwerkende kracht vliegen de mailbox in. Zo stuurde bureau PridePR in november 2009 een persbericht over het spel ‘Command & Conquer 4: Tiberian Twilight’, met daarin de datum waarop de game in Europa zou verschijnen. Luttele minuten later gevolgd door een nieuw bericht: ‘Helaas is het zojuist verzonden persbericht te vroeg verzonden. Dit bericht heeft een achtergesteld embargo.’

PR-bureaus doen al die moeite niet voor niets. De verkoop van videospellen staat of valt bij recensies. Game-uitgever THQ merkte dat toen in maart van dit jaar de aandelen met meer dan een kwart daalden, omdat de recensies van ‘Homefront’ tegenvielen. ‘Homefront’ scoorde een wereldwijd gemiddelde van 7. Niet slecht, maar een game doet er pas echt toe als hij hoger dan een 8 scoort. Game-uitgever Activision onderzocht dat bij ieder half punt boven een 8, de verkoop van een spel verdubbelt! Consumenten laten zich leiden door de mening van de experts, de gamejournalisten. Dat weten de uitgevers en hun PR-bureaus. En dus doen sommigen van hen er alles aan om cijfers op te krikken. Van vervelende telefoontjes (‘We zien dat je een 6 geeft, maar wij vinden de game toch echt wel meer waard dan dat’) tot het ‘vriendelijk verzoek’ de recensie in kwestie off­line te halen.

Sommige PR-bureaus gaan nog een stapje verder en vragen journalisten geheimhoudingsverklaringen (zogenaamde non-disclosure agreements) te tekenen. In 2009 kregen journalisten via bureau Hit-PR een dergelijk ‘contract’ toegestuurd: ‘Game-uitgever Konami heeft een non-disclosure agreement (NDA) opgesteld, die ondertekend dient te worden door iedereen die gebruik maakt van de vertrouwelijke informatie en het materiaal van “Konami”.’ In andere woorden: wie dit niet ondertekent, krijgt geen informatie en recensiemateriaal meer.

Volgens Anouk Tates van Hit-PR is het niet zo zwart-wit. ‘We stuurden die NDA omdat er bepaalde momenten zijn waarop we alvast informatie willen delen met journalisten, zodat ze meer tijd hebben om er iets mee te doen. Dat is informatie die officieel nog niet naar buiten mag. Daar spraken we voorheen embargo’s voor af. Maar we wilden het journalisten makkelijker maken door gewoon één keer de afspraak te maken, in plaats van telkens weer opnieuw. Er zijn ook journalisten die het niet getekend hebben, en daar waren verder geen consequenties aan verbonden.’ Volgens Hit-PR ondertekenden bijna alle gamejournalisten de verklaring, op ‘een stuk of tien’ na.

Dergelijke verklaringen en embargo’s zijn in de gamewereld voornamelijk commercieel gedreven, verduidelijkt Yvette Hes van PR-bureau Media Tornado. ‘Het heeft te maken met de opbouw van de spanningsboog voor een game. En er komen nationaal en internationaal veel belangen bij kijken.’

Om die reden legt ook Media Tornado embargo’s op, in opdracht van klanten. ‘In principe tekent iedere journalist bij ons een algemene NDA, waarin in grote lijnen staat dat zij in ruil voor levering van content door ons, zich houden aan de embargo’s die wij stellen. Als informatie bewust wordt gelekt, zullen wij maatregelen nemen. Het zou dan kunnen zijn dat het betreffende medium geen games of informatie meer ontvangt.’

En daar zit hem het probleem volgens David Nieborg van de Universiteit van Amsterdam, waar hij onder meer onderzoek doet naar game­journalistiek. ‘De industrie heeft alle informatie in handen. En als jij niet luistert, krijg je die informatie niet. Of pas veel later. Daarom ondertekenen zoveel mensen die verklaringen, houden ze zich aan eenzijdige embargo’s en luisteren ze naar de wensen van PR-bureaus. Als je een kritische recensie schrijft naar aanleiding van een exclusieve blik achter de schermen, dan gooi je je eigen ruiten in.’

Gamejournalisten lopen in het gareel. Een journalist van het grootste gamesblad van de Benelux tweette op 31 mei dat hij graag alles over de nieuwe game ‘Call of Duty: Elite’ zou vertellen, maar dat hij zich ‘vooralsnog even netjes aan het embargo’ hield. Bij navraag reageerde de liever anoniem blijvende journalist: ‘Ik heb een NDA getekend. Iedereen moest het tekenen. Ik was in Londen toen het videospel onthuld werd op een speciaal event. Niet tekenen is niks zien. Helaas.’

En wie niks te zien krijgt, loopt achter op de concurrenten. In de gamejournalistiek is het belangrijk op tijd te zijn met een recensie. De magazines die als eerste recensies van de nieuwste games kunnen brengen, vliegen het snelst uit de schappen. En zonder informatie en materiaal om te recenseren, kom je als game-medium niet ver. Bij kranten en algemene tijdschriften valt het probleem mee. Maar bladen die zich helemaal op games richten, zijn niet zo kritisch. Nieborg: ‘Veel mensen die de rol van gamejournalist op zich nemen, zien het als doel om gamen in zijn geheel te promoten. Zij willen vooral laten zien dat gamen vet is. Daardoor ontstaat er een fancultuur.’

Dergelijke tijdschriften worden bij sommige uitgevers en PR-bureaus fanmagazines genoemd, weet journalist en gamekenner Niels ’t Hooft. Als hoofdredacteur van gamesblog Bashers.nl strijdt hij al tijden voor meer se­rieuze gamejournalistiek. ‘Veel van die magazines hebben liever een exclusieve recensie dan dat ze kritisch zijn. Die bladen willen vooral entertainen. Daar is niets mis mee, maar daardoor komt de serieuzere gamejournalistiek wel in de knel. Je wilt precies kunnen schrijven wat je wilt, zonder gedoe met PR-bureaus. En de enige verantwoording die je hebt, zou die naar de lezer moeten zijn.’


——-

Bekijk meer van

vvoj 2019

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.