Correspondenten Hongkong stappen uit vereniging uit onvrede om schrappen prijs
Een deel van de leden van de vereniging voor correspondenten in Hongkong (de Hong Kong Foreign Correspondents Club) is zondag opgestapt. Aanleiding daarvoor was het feit dat de Hong Kong Foreign Correspondents Club (FCC) een dag eerder besloot zijn jaarlijkse Human Rights Press Awards af te schaffen. Dat gebeurde uit angst voor Chinese autoriteiten.
De FCC is een van de oudste journalistieke instituten van Hongkong en werd opgericht in 1943 in China, dat destijds door Japan werd bezet. De Human Rights Press Awards werden in 1996 in het leven geroepen en zijn bedoeld om journalisten in Hongkong te belonen voor hun onbevreesde verslaggeving.
De prijs wordt geschrapt vanwege de invoering van een nieuwe veiligheidswet, die in 2020 door de Chinese hoofdstad Beijing werd ingesteld. De wet maakt het voor journalisten in Hongkong moeilijker om vrij verslag te doen. De FCC vindt dat de wet het onduidelijk maakt wat wel en niet is toegestaan wat verslaggeving in Hongkong betreft. “En we willen niet onbedoeld de wet overtreden”, aldus Keith Richburg, hoofd van de journalistiekopleiding van de Universiteit van Hongkong.
Onder de correspondenten die in een reactie hun lidmaatschap bij de FCC hebben opgezegd, zijn onder andere verslaggevers van Wall Street Journal en The Atlantic. Media in Hongkong worden geplaagd door invallen en gedwongen sluitingen van overheidsinstanties in de afgelopen maanden. Onder andere de krant Apple Daily moest zijn deuren al noodgedwongen sluiten. Meer bij The Globe and Mail


Praat mee