Vischjager vecht voor laatste vraag
Julius Vischjager (74), hoofdredacteur, journalist, fotograaf, uitgever en enige medewerker van de handgeschreven krant The Daily Invisible is boos. Reden: de NOS knipt soms zijn laatste vraag uit de uitzending van de wekelijkse persconferentie van de minister-president – een recht dat Vischjager ergens in de jaren ‘70 verwierf en door de opeenvolgende premiers steeds is gerespecteerd. Vischjager: ‘Ik heb media-advocaat Herman Doeleman op de zaak gezet. De NOS komt hier niet zomaar mee weg.’
Doeleman, in reactie: ‘Ha ha, ik kan niets zeggen over cliënten, maar dit is een bijzonder geval. Ik ken de kwestie. U moet weten dat Vischjager ook van zijn privilege gebruik mocht maken toen Margaret Thatcher ooit bij onze premier op bezoek was. Ze beantwoordde zijn vraag met een tegenvraag: “U ben van The Daily wháát!!?? Invincible?”.’ Doeleman wil niet zeggen of hij de NOS gaat benaderen namens zijn cliënt. ‘Maar Julius is een bijzonder mens’, beëindigt hij het gesprek.
Politiek redacteur Toof Brader van het digitale NOS-kanaal ‘Politiek 24’ licht toe waarom de laatste vraag ‘soms’ wordt weggeknipt. ‘Vischjager stelt zijn vraag mondeling, maar de premier geeft zijn antwoord doorgaans op papier, dat vervolgens wordt afgedrukt in Vischjagers’ krant. In de live uitzending zenden we dit moment altijd uit. Maar in de herhalingen in het weekend knip ik het er meestal uit omdat het geen enkele informatie toevoegt en het een wat merkwaardig tafereel oplevert. Want Vischjager stelt zijn vraag, die meestal niets met de vigerende Haagse actualiteit te maken heeft, en de premier krabbelt dan wat op een vel papier, zonder zijn antwoord uit te spreken. Daar heeft geen kijker iets aan. De zeldzame keren dat de premier wel mondeling antwoordt knip ik het er niet uit. De journalistiek is dus niet in het geding.’
Vischjager laat het er niet bij zitten. Afgelopen vrijdag deed premier Mark Rutte tijdens de persconferentie zelfs een beroep op de NOS om de laatste vraag toch vooral uit te blijven zenden. Brader is onvermurwbaar: ‘Als het iets toevoegt laat ik het erin. Anders niet.’


Praat mee