Twee derde van de Nederlanders denkt dat eigenaren van mediabedrijven invloed hebben op het nieuws
Twee derde van de Nederlanders denkt dat de eigenaren van mediabedrijven invloed hebben op de inhoud van het nieuws. Dat blijkt uit het Digital News Report, een publicatie van het Commissariaat van de Media (CvdM), dat afgelopen dinsdag verscheen. Een groep van 27 procent denkt dat eigenaren een zeer grote invloed hebben.
“Eigenaren van mediabedrijven worden door de meeste Nederlanders als de groep genoemd die zeer veel invloed heeft op het nieuws. (...) Respondenten kunnen alleen hun indruk weergeven. En de indruk is belangrijk omdat onafhankelijkheid en vertrouwen samenhangen en dus de schijn dat de onafhankelijkheid in het geding komt, het vertrouwen en het geloof in kwaliteit kan beïnvloeden”, staat er in het rapport vermeld.
Het CvdM publiceerde afgelopen dinsdag het Digital News Report, waarin de uitkomsten zijn meegenomen van een peiling naar nieuwsconsumptie en het vertrouwen in het nieuws. In het onderzoek werd ook gevraagd welke groepen volgens Nederlanders de meeste invloed hebben op het nieuws.
Digital News Report Nederland 2026: Interesse en vertrouwen in nieuws daalt | Villamedia

Afbeelding: Digital News Report Nederland 2026
Twee leefwerelden
Volgens Thomas Bruning, algemeen secretaris bij de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ), zijn er eigenlijk twee leefwerelden. “De ene is de wereld van de journalisten. Die weten dat er duidelijke scheidingen en afspraken op redacties zijn, die ook goed zijn vastgelegd. De andere is de leefwereld van het publiek, dat vooral ziet dat mediabedrijven hele grote concerns zijn en dat ze daar ook wel vraagtekens bij zetten, omdat ze niet zien hoe het binnen die bedrijven geregeld is.”
Bruning vertelt dat het bij de meeste Nederlandse mediabedrijven wel goed geregeld is, met statuten die de onafhankelijkheid waarborgen. “Een goed redactiestatuut is echter nog geen garantie dat er geen invloed wordt uitgeoefend door de eigenaren. Die invloed kan ook worden uitgeoefend via arbeidscontracten of informele druk. Dat kan ertoe leiden dat journalisten zelfcensuur gaan toepassen.”
Zorgen begrijpelijk
Toch is de zorg van lezers heel begrijpelijk volgens Bruning. “Zeker als je internationaal kijkt, zijn die zorgen zeker wel terecht. In andere landen, zoals Duitsland en Amerika, zie je wel degelijk dat er vanuit de eigenaren invloed wordt uitgeoefend.”
“Ik denk dat de Nederlandse journalistiek en ook de NVJ er heel erg op waken dat de invloed van eigenaren niet groter wordt, maar dat het ontstaan van grote concerns het beeld kan versterken dat die invloed er is.”
Opdracht voor de journalistiek
De bevindingen van het rapport zijn volgens hem dus zeker een punt van zorg voor zowel journalisten als eigenaren. Hij denkt dat er zeker wel een opdracht ligt om hier iets mee te doen. “De beste vorm van onafhankelijkheid is concurrentie tussen titels, ook als deze bij hetzelfde concern horen.”
“Daarnaast moeten journalisten onthouden dat hun belangrijkste taak is om de juiste vragen te stellen en het verhaal boven water te krijgen voor hun publiek. Daarin moet je je als journalist nooit geremd voelen door wat voor druk dan ook. Die onafhankelijkheid is dus wel iets dat je echt in je producties moet bewijzen”, aldus Bruning.
Andere invloedrijke groepen
Er werd ook gekeken naar hoe de invloed werd ingeschat van andere groepen, zoals politici en overheidsfunctionarissen, academici en wetenschappers, adverteerders, lobbyisten en georganiseerde misdaad.
“Als we ‘zeer veel invloed’ en ‘enige invloed’ optellen, staan overheidsfunctionarissen en politici op de eerste plek. Alle andere groepen scoren lager, maar hebben volgens de respondenten ook invloed op het nieuws”, aldus het Digital News Report.
Opmerkelijk is dat de mensen die mediaeigenaren, adverteerders, overheidsfunctionarissen, politici en criminelen als invloedrijk beschouwen, minder vertrouwen hebben in nieuws. Mensen die academici en wetenschappers invloedrijk vinden, hebben juist meer vertrouwen.
Bij navraag door Villamedia liet het CvdM weten dat de definitie van ‘mediabedrijven’ wordt overgelaten aan de interpretatie van de respondenten.


Praat mee