Rauw, ongefilterd en van dichtbij documentaires maken. Sahar Meradji schuwt het niet
Van probleemgezinnen, sekswerkers en drugsverslaafden tot woke-activisten en de ‘uiterst rechtse kant van de samenleving’. Documentairemaker Sahar Meradji (1984) schuwt de rauwe en extreme randen van de maatschappij niet. Sterker nog: dat trekt haar juist. ‘Als een idee gedreven is vanuit de interesse van de maker, krijg je daar aanzienlijk betere documentaires van.’
Dit artikel wordt met je gedeeld door NVJ-lid Rutger de Quay. Ook lid worden?
Waarom trekt dat rauwe en extreme je zo aan, denk je?
‘Het woord “extreem” dekt de lading eigenlijk niet. Ik snap dat het er van buitenaf misschien zo uitziet. Maar eigenlijk draait mijn werk om de menselijke conditie. Het gaat erom: wat doet de mens, wanneer en waarom? Ik geloof niet zo in goed en fout. Aan alles wat een mens doet zit context vast. Verslaving heb ik bijvoorbeeld nooit gezien als een eendimensionaal gegeven. Als je verslaafd bent, ben je niet alleen een verslaafde. Terwijl er door de buitenwereld wel vaak zo naar wordt gekeken. In ‘Verdoofd’ (een vierdelige documentaire reeks over verslaving, red.) wilde ik laten zien dat er altijd iets achter die verslaving zit, een verdoving van onderliggende pijn. Die kant wilde ik laten zien. Zonder filter. Rauw en van dichtbij.’
Je bent sinds februari in dienst bij PowNed. Dat rauwe, is dat ook wat je zo trekt aan deze omroep?
‘Het oorspronkelijke mission statement van PowNed – uitdagend zijn, dwars en ongecensureerd – past heel goed bij mij. Tot voor kort had ik een eigen productiebedrijf, ‘Man op de Maan’. En vanuit dat label werkten we voor allerlei omroepen. Maar ik houd van de stabiliteit die ik nu heb. En hier krijg ik alle creatieve vrijheid. Dit is voor mij altijd een honk geweest waar ik me veilig voel. PowNed blijft een rebellenclub. Ik heb hier geen enkel gevoel dat ik belemmerd zou worden in wat ik wil maken.’
Je bent naast maker ook leidinggevende als creative producer van de documentaire tak van PowNed. Maar documentaires zijn toch niet nieuw voor de omroep?
‘PowNed is wel gewend documentaires te maken. Wat we heel belangrijk vinden is dat onze documentaires kwalitatief hoogwaardig zijn. Dat waren ze al, maar we willen die lijn bewaken. Hoe we dat gaan voortzetten, dat ben ik nu aan het invullen, samen met creatief-directeur Jan Hendrik Smeenge en hoofdredacteur Dominique Weesie.’
En hoe doe je dat: kwalitatief hoogwaardige documentaires maken?
‘Ik vind het heel belangrijk dat makers documentaires maken vanuit hun gevoel bij het onderwerp en niet vanuit een idee dat op een redactie is bedacht en waar even een maker bij wordt gezocht. Als een idee gedreven is door de interesse van de maker, krijg je daar aanzienlijk betere documentaires van. We zijn makers geworden omdat we een bepaalde visie hebben op bepaalde onderwerpen. Als je vanuit je visie een verhaal vertelt, ben jij ook de enige die dat specifieke verhaal kán vertellen. De vraag is: wat wil je toevoegen aan wat er al is?’
Loop je zo niet het risico op tunnelvisie?
‘Je gevoel over een onderwerp moet de aanleiding zijn om met een onderwerp aan de slag te gaan. Maar tegelijkertijd moet je ook niet bang zijn om je visie bij te draaien, als het verhaal anders is dan je dacht. Mijn documentaire ‘Seksengelen’ (een vierdelige reeks over sekswerkers, red.) zou oorspronkelijk gaan over het gevaar van seksmarktplaatsen, websites waar mensen zichzelf aanbieden voor seks. Daar zit weinig controle op, wat risico’s op misbruik met zich meebrengt. Maar toen we op een gegeven moment iets van 350 escorts op die sites hadden gesproken, kwamen we erachter dat veel van de vrouwen die daar zitten vrijwillig voor dat beroep kiezen. Toen heb ik het verhaal omgegooid en ben ik vrouwen gaan volgen die dat werk vrijwillig doen. Want hun verhaal hoor je heel weinig.’
Het klassieke handelen met open vizier.
‘Precies. En vooral ook luisteren wat er op je afkomt. Als je te koppig bent om je visie op een verhaal bij te draaien, dan krijg je “concessie-tv”. Daar hebben we al veel te veel van.’
In je documentaires breng je levens van mensen in beeld, soms als fly on the wall en soms als interviewer. Is het moeilijk om zo dichtbij te komen?
‘Het vergt veel tijd. De personen die je volgt moeten je kunnen en gaan vertrouwen. Dat gaat vaak best snel, zeker als je ook wat van jezelf laat zien. Je bent geen robot: soms word ik ook boos, soms raakt iets me heel erg of ben ik gefrustreerd door iets. Dat mogen de personen die ik film ook zien. Tijdens het filmen worden we onderdeel van elkaars leven. Ik zou ook niet anders kunnen. Als je met je camera binnenkomt, even je shots maakt en weer gaat, dát zou pas ongemakkelijk voor me zijn.’
Bij heftige onderwerpen horen heftige gebeurtenissen. Hoe zorg je ervoor dat die geen invloed op jou hebben?
‘Dat kan niet. Ik heb meegemaakt dat ik belde met iemand, die tijdens het bellen heel hardhandig werd mishandeld door haar vriend. Dan schakel je natuurlijk meteen de instanties in. Maar bepaalde dingen die je hoort of meemaakt, die wis je niet zomaar bij jezelf. Dat maakt indruk. Dan kun je ook zelf soms het groen van de bomen niet meer zien. Ik probeer dat van me af te zetten door wat te kliederen op canvas. Dat mag geen naam hebben, maar het helpt wel.’
Voor je nieuwe documentaire reeks, die in het najaar verschijnt, kijk je naar de ‘uiterst rechtse kant’ van de samenleving. Je noemt dat liever niet extreemrechts. Waarom niet?
‘Ik ben nog zoekende voor deze reeks. Volgens de definitie van de AIVD vallen de mensen die ik volg wel onder extreemrechts. Maar ze noemen zichzelf niet zo. En ze zien zichzelf ook niet zo. Er hangt ook een waardeoordeel aan de term extreemrechts. Het is niet aan mij om op die manier over mensen te oordelen. Ik wil mensen laten zien zoals ze zijn.’
Kijkers gaan daar wat van vinden. Aan de ene kant krijg je straks mogelijk het verwijt dat je mensen op een schild hijst, terwijl je van anderen misschien te horen krijgt dat je ze op een negatieve manier wegzet.
‘Zolang dat allemaal binnen de grenzen van de wet blijft, heb ik daar geen probleem mee. Ik vind dat in ieder geval geen reden om deze reeks dan maar niet te maken. Daar schiet je als maatschappij niets mee op. Het enige middel dat je in een democratie hebt om tot elkaar te komen is de dialoog. Praten met elkaar. En luisteren. Daar is onze hele maatschappij op gebouwd. We leven naast elkaar. En je kunt niet naast elkaar leven door te ontkennen dat de ander bestaat.’
Sahar Meradji (1984) werd geboren in de Iraanse hoofdstad Teheran. Toen ze 5 jaar oud was kwam ze met haar moeder naar Nederland. Meradji studeerde Intermediale literatuurwetenschappen aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Ze maakte de afgelopen jaren de documentaires ‘Verdoofd’ (2020), ‘Seksengelen’ (2021), ‘Ik woke van jou’ (2022) en ‘Verloren kinderen’ (2022).


Praat mee