foj 2019

— vrijdag 19 oktober 2012, 10:00 | 0 reacties, praat mee

Leuren met je primeur

Wat een verhaal. En niemand die het wil hebben! Het overkwam journalist Sanne Terlingen. Elk feit gecheckt. Hoor en wederhoor toegepast. Maar onder meer Revu, NRC Handelsblad en de Volkskrant wilden hun vingers er niet aan branden.

Journalisten treft nog wel eens het verwijt dat ze hun verhalen onvoldoende checken. Dat er daardoor foute informatie wordt gepubliceerd. Ook wel dat ze elkaar maar overschrijven. En het moet tegenwoordig allemaal snel, sneller en snelst. Het tegenovergestelde komt ook voor, weet Sanne Terlingen (27).

Begin 2011 had zij een verhaal klaar over de Nederlandse zakenman Arthur Paes, die in Ghana wordt verdacht van kindermisbruik. Zou zo’n verdenking tegen een willekeurige bekende zakenman in Nederland spelen, dan is een aangifte van het vermeende slachtoffer al voldoende aanleiding voor een stroom aan publiciteit. Nu het vermeende misbruik zich in Ghana afspeelde niet. Terlingen moest haar onderzoek feitelijk drie keer over doen om steeds tot dezelfde conclusie te komen: in Ghana lopen twee rechtszaken tegen Paes wegens seksueel misbruik.

Uiteindelijk gaat het magazine OneWorld in juli 2012, anderhalf jaar later, over tot publicatie, waarbij de zakenman anoniem werd opgevoerd. Vrijwel direct daarna volgde website Follow The Money en twee weken later Nieuwe Revu, nu met naam en toenaam. Vervolgens werd het nieuws door verschillende andere media opgepakt. In de anderhalf jaar daarvoor biedt Terlingen het verhaal aan bij Nieuwe Revu, Vrij Nederland, de Volkskrant, NRC Handelsblad en het Limburgs Dagblad/De Limburger. Geen van allen publiceerden als eerste, maar niet omdat het verhaal niet zou kloppen. De lat voor het stuk werd steeds wat hoger gelegd, zegt Terlingen. En elke keer voldeed ze aan de nieuwe eisen. Waarom?

Terlingen: ‘Ik voer geen persoonlijke kruistocht tegen de zakenman. Ik stuitte bij toeval op deze zaak toen ik als freelancer voor een blogserie voor de Viva naar Ghana ging. Ik las op internet dat er in Ghana een moordaanslag op Paes was gepleegd. Toen ik verder ging snuffelen bleken allerlei verhalen over Paes’ activiteiten in Ghana niet te kloppen, en stuitte ik zelfs op een verklaring wegens kindermisbruik bij de zedenpolitie. Vervolgens werkt het bij mij wel zo dat als ik op onrecht stuit, ik niet meer loslaat en alles wil weten. In dit geval probeerde de zakenman ook nog eens met alle mogelijke middelen publicatie te voorkomen. Deels ten koste van zijn slachtoffers. Dan kun je helemaal niet opgeven, vind ik.’

Ze heeft begrip voor de twijfels van de media die ze in Nederland benaderde. ‘Ik ben freelancer, jong en onbekend. Het misbruik vond plaats in Ghana. Ver weg en een land waar Nederlandse media de wetten, gebruiken en gewoonten niet kennen. Daarnaast is Paes een bekende zakenman. Zijn ontkenning weegt zwaar. Dus dat bijvoorbeeld Nieuwe Revu ook zelf weerwoord wilde halen bij hem, dat begrijp ik.’

‘Waar ik wel moeite mee heb, is dat dat steeds leidde tot extra vragen aan mij. Waarbij ik steeds gecheckte feiten, documenten en bandopnamen, toch nogmaals moest verifiëren. Dat gaf Paes dan weer enkele weken de tijd om twijfel te zaaien over mijn onderzoek bij het betreffende medium door mijn bronnen onder druk te zetten. Op die manier heeft hij uitstel van publicatie bereikt.’

‘Die keuze om de belangen van Paes zwaar te laten wegen, is tegelijk een keus tegen de belangen van mijn bronnen en ook tegen mijn belangen. Ik moest steeds aan mijn bronnen uitleggen waarom publicatie uitbleef en waarom ze een nieuwe bevestiging moesten geven. Ondertussen werden ze door Paes onder druk gezet, want die had vanwege het wederhoor

inzage gekregen in het conceptverhaal en wist dus precies op welke punten hij twijfel moest zaaien door mijn bronnen in diskrediet te brengen.’ De directeur van het Openbaar Ministerie in Ghana snapte bijvoorbeeld niet waarom haar woord voor Nederland niet goed genoeg was, terwijl we bij een verhaal dat zich in Nederland afspeelt al genoegen nemen met een quote van de woordvoerder in plaats van de directeur.

Toen Terlingen aan het verhaal begon, was ze nog freelancer. Ze bezocht voor het verhaal uiteindelijk drie keer Ghana. Daar interviewde ze onder meer het slachtoffer, bezocht de families, keek in het hotel waar het misbruik plaatsvond en sprak met het personeel.

Ook had ze uitvoerig contact met politie en justitie, oud-collega’s van Paes en de zakenman zelf. Het verhaal dat ze uiteindelijk in de Nieuwe Revu publiceerde was volledig gebaseerd op documenten van politie en justitie in Ghana.

Het meest intensieve contact over publicatie van het verhaal had Terlingen met Nieuwe Revu. Die toonde vanaf begin 2011 interesse in het verhaal en wezen het voordat het tot publicatie kwam, twee keer af. Althans Nieuwe Revu stuurde Terlingen op pad met vragen die in haar ogen eigenlijk al beantwoord waren, om officiële documenten te vergaren die moesten bevestigen wat al in eerder verkregen documenten stond.

Terlingen: ‘Het verhaal stond al en daar wilde Revu ook niets meer aan toevoegen. Maar nadat ik bijvoorbeeld de politieverklaring van het meisje had, wilde Revu een document van het OM dat de politieverklaring van het meisje écht was. En nadat het OM had bevestigd dat het meisje bij de zedenpolitie een verklaring had afgelegd, wilde Revu een document dat het OM die verklaring zo serieus nam dat ze Paes gingen vervolgen.’

Willem Uylenbroek was geen hoofdredacteur meer bij Nieuwe Revu toen het verhaal in juli 2012 uiteindelijk werd gepubliceerd. Revu stak sinds begin 2011 wel veel tijd in de zaak en sprak zeker twee keer met Paes om weerwoord te halen, de laatste keer ook in het bijzijn van Terlingen. Uylenbroek: ‘Uiteindelijk wist Sanne steeds net niet dat document te leveren waarom wij vroegen en kwam Paes met een soort van bewijs dat justitie in Ghana hem niet vervolgde. Wij hebben het verhaal zorgvuldig bekeken omdat het niet niets is, iemand van kindermisbruik beschuldigen. Ik heb altijd het gevoel gehad dat Sanne goed zat, maar het gaat om het bewijs. Vandaar dat tijdens mijn tijd niet is gepubliceerd. Ik heb bewondering voor haar vasthoudendheid. Menig journalist was al lang afgehaakt. Ze bleef steeds terugkomen met nieuwe informatie. Maar er kwam ook wel een moment dat ik me afvroeg of het iets persoonlijks was geworden. Dat heeft uiteindelijk geen rol gespeeld om niet te publiceren.’

Dat Nieuwe Revu uiteindelijk wel publiceerde, begrijpt Uylenbroek wel. ‘Het voordeel was dat andere media Revu waren voorgegaan. Dan kun je daar op voortbouwen’. Terlingen: ‘En uiteindelijk had ik alle bewijzen waar Revu om vroeg.’

Herfst vorig jaar leek het er nog op dat Nieuwe Revu niet zou publiceren. Terlingen bood het verhaal bij NRC Handelsblad aan.
Michel Kerres van de zaterdagbijlage van NRC Handelsblad: ‘We waren onder de indruk van haar onderzoek en haar vasthoudendheid. We misten echter één schakel in haar onderzoek. We hebben toen een inschatting gemaakt wat de tijd, de opbrengst en het risico was bij dit verhaal en toen besloten er niet mee verder te gaan. Probleem in deze zaak is onder meer de afstand. Het is lastig betrouwbare informatie te verkrijgen in Ghana. En omdat het een voor ons onbekende freelancer was, gaan we natuurlijk extra zorgvuldig om met zo’n verhaal. Als Joep Dohmen, die ik al twintig jaar ken en dit werk al lang doet, zich meldt, dan ligt dat inderdaad anders.’
Terlingen: ‘Begin dit jaar had ik wél die missende schakel, maar toen ik het verhaal herfst 2011 aanbood had ik het bevel tot vervolging nog niet - daarna heb ik het niet meer aangeboden, omdat NRC Handelsblad alleen een kort nieuwsbericht wilde.’

Dohmen, onderzoeksjournalist bij NRC Handelsblad, heeft ook contact met Terlingen gehad. Paes kwam namelijk geregeld voor in verhalen van de in opspraak gekomen oud-Telegraafverslaggever Martijn Koolhoven. Dohmen deed onderzoek in die zaak. Hij heeft de relatie Paes-Koolhoven uiteindelijk niet uitgebreid beschreven.

Dohmen was onder de indruk van de gedrevenheid van Terlingen: ‘In zijn algemeenheid is het voor freelancers lastiger om onderzoeksverhalen te publiceren. Zeker de eerste keer. Sanne had de pech dat ze meteen op een zeer ingewikkeld verhaal is gestuit. En Paes heeft miljoenen achter de hand om het haar moeilijk te maken. Dat is een dilemma voor een freelancer. Het is haar verdienste dat ze heeft volgehouden.’

Nadat NRC Handelsblad afhaakte, heeft Terlingen ook nog contact gezocht met het Limburgs Dagblad/De Limburger en de Volkskrant. Bij die laatste was het vrijwel meteen een probleem dat Terlingen freelancer is. De Wereldomroep en de NOS toonden ook interesse, maar pas nadat andere media er over bericht hadden.

Toen Terlingen in juli 2012 uiteindelijk publiceerde, was dat aanleiding voor een reeks media om over de zaak te schrijven. Ook NRC. Kerres: ‘Het is natuurlijk altijd jammer als een ander een goed verhaal als eerste heeft. Maar onze afweging van destijds was goed.’

Het was uiteindelijk het magazine OneWorld dat als eerste publiceerde in juli. Hoofdredacteur Hans Ariëns: ‘Sanne werkt bij ons en we hebben haar goed leren kennen. Dat scheelt ten opzichte van een freelancer die zich meldt. En we zagen dat Sanne de zaak meer dan goed heeft uitgezocht. Elk spoortje is ze nagegaan. Wij hebben haar wel gevraagd het verhaal breder te trekken. OneWorld gaat over mondiale kwesties. Kindermisbruik en sekstoerisme behoren daar ook toe. Dus heeft Sanne onderzocht of sekstoerisme vaker voorkomt in Afrika. Daarvoor is de terug geweest naar Ghana. En daar heeft ze aanvullende informatie verzameld voor dat verhaal.’
‘Het ging ons niet om Paes, maar om de trend. Vandaar dat wij niet zijn naam genoemd hebben. Dat andere media dat doen, begrijp ik, maar dat heeft onze beslissing niet beïnvloed. Nieuwe Revu is bijvoorbeeld meer op BN’ers en criminaliteit gericht.

Haar eerste grote onderzoeksproject heeft voor Terlingen de nodige tegenslag gebracht, maar toch vooral de overtuiging om door te gaan met deze journalistieke tak van sport. Financieel is ze er niet wijzer van geworden. Haar derde Ghana-bezoek was op kosten van haar huidige werkgever OneWorld, de eerste keer werd haar ticket betaald door (toen nog) Freevoice. Twee keer waren de verblijfkosten voor haar eigen rekening. Van Nieuwe Revu ontving Terlingen tweemaal 600 euro voor het verhaal en duizend euro onkostenvergoeding. Met telefoonrekeningen van soms 800 euro per maand betekende dat een flinke verliespost.

Voor Terlingen is het verhaal na ruim anderhalf jaar daarmee wel klaar. Wat voldoening geeft, is dat een verhaal dat klopt uiteindelijk toch is gepubliceerd. Terlingen: ‘Paes in inmiddels in Nederland. Ik denk omdat het in Ghana te heet onder zijn voeten is geworden. Het Openbaar Ministerie in Ghana heeft opdracht gegeven tot vervolging. Hij houdt hier alles in de gaten. Ik wil niet beschuldigd worden van stalking via de media. Vandaar dat ik zelf niets schrijf over de zaak, maar ik geef wel antwoord op vragen.’ Ondanks een reeks dreigementen van Paes tegen verschillende media, zoals NRC, Nieuwe Revu en OneWorld dat bij publicatie juridische stappen zouden volgen, is het daar tot op de dag van vandaag nog niet van gekomen.

Bekijk meer van

vvoj 2019

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.