Afstudeerprijs Villamedia 2019

— vrijdag 18 oktober 2019, 09:00 | 0 reacties, praat mee

Johan ‘stikstof’ Vollenbroek: ‘Journalisten zijn te laat in actie gekomen’

© Paul Rapp

In de rubriek Lessen voor de Pers komen mensen van buiten de journalistiek aan het woord over hun omgang met journalisten. Deze keer: Johan Vollenbroek. Jarenlang opereerde hij onder de radar, nu staat Johan 'stikstof' Vollenbroek bekend als ‘drakendoder van falend milieubeleid’. Met zijn Mobilisation for the Environment speelt de gepensioneerde natuur- en scheikundige een cruciale rol in de stikstofcrisis.

We interviewen Johan Vollenbroek (70) op de dag dat hij een van de sprekers is op het Praktijkcongres Succesvol Persbeleid. In het Spant te Bussum leren de aanwezigen – veelal communicatiemanagers – hoe ze hun boodschap ‘beter kunnen laten landen’ in de media, aldus de aankondigingstekst op de website. Vollenbroek gaat er in gesprek met onder anderen Steffart Buijs, woordvoerder van de commissie-Remkes (adviescollege Stikstofproblematiek, red.), en Mark van den Oever, een van de oprichters van de Farmers Defence Force.

Vollenbroek is er best aardig in geslaagd om zijn boodschap te laten landen – om een understatement te gebruiken. Dat het land in de ban is van een ‘stikstofcrisis’ wordt voor een groot deel op zijn conto geschreven. De Telegraaf noemde hem ‘de man die ons land op slot kreeg’ en ‘een drakendoder van falend milieubeleid’, GeenStijl omschreef hem als ‘de vervelendste Nederlander van Nederland’.

Om die laatste typering kan Vollenbroek wel lachen. Hij heeft geen hekel aan GeenStijl, zegt hij. ‘Een jonge collega maakt me er meestal attent op als ze iets over mij schrijven. Af en toe staan er best aardige stukjes proza op. Sommige van die redacteuren kunnen goed schrijven.’

Hoewel Vollenbroek in rap tempo een bekende Nederlander is geworden, was het nooit zijn bedoeling om in het middelpunt van de belangstelling te staan. ‘Ik ben al 23 jaar bezig met de stikstofproblematiek en al die jaren ben ik onder de radar gebleven. Dat beviel me prima. Dat ik nu opeens bekend ben geworden, komt omdat het probleem zo groot is geworden dat het iedereen aangaat. Maar eigenlijk is het vreemd dat dit onderwerp nu pas een issue is.’

Communicatiebureau
Vollenbroek ergert zich al jaren aan milieuregels die met voeten worden getreden. En hij vond een probaat middel om zijn gelijk te halen: procederen. Met zijn organisatie Mobilisation for the Environment (MOB) voerde hij rechtszaken en bezwaarprocedures tegen onder meer de uitstoot van fijnstof en benzeen. Weer later richtte hij zich op de overvloedige uitstoot van stikstof.

In die laatste strijd kwam de grote doorbraak in mei van dit jaar. Toen zette de Raad van State een streep door het Programma Aanpak Stikstof (PAS), een overheidsprogramma om de uitstoot van stikstof terug te dringen zonder de vergunningen voor bedrijven in de buurt van natuurgebieden in gevaar te brengen. Een dubieuze maatregel, oordeelde de Raad van State. Gevolg: 18.000 bouwprojecten kwamen stil te liggen. Niet snel daarna stond stikstof bovenaan de politieke agenda.

‘De storm stak wat stilletjes op’, zei NRC-journalist Arjen Schreuder in de podcast NRC Vandaag die aan de stikstofcrisis gewijd was. En dat is precies wat Vollenbroek niet begrijpt. ‘In de periode voordat de Raad van State uitspraak deed, hebben we in de media aandacht gevraagd voor dit probleem. We hebben nota bene een communicatiebureau ingehuurd, niet goedkoop. Dat bureau heeft zich tien slagen in de rondte gebeld, maar geen journalist was geïnteresseerd. Dat is toch curieus? Ze zijn echt veel te laat in actie gekomen. Ik vermoed dat voor een aantal journalisten de materie te complex is. Je moet kennis hebben van Europese en Nederlandse wetgeving, van scheikundige stoffen als stikstof en ammoniak én van biodiversiteit.’

Vollenbroek wist vrijwel zeker dat de Raad van State het Nederlandse beleid zou afkeuren. Want al in november 2018 achtte het Europese Hof van Justitie het Nederlandse stikstofbeleid in strijd met de Europese regels. Het oordeel van de Raad van State is een logisch uitvloeisel daarvan. Vollenbroek: ‘Eigenlijk hadden in november 2018 al alle alarmbellen af moeten gaan, maar de uitspraak van het Europese Hof leidde hoogstens tot korte berichten in de kranten. Ter verdediging zeiden sommige journalisten later tegen mij dat ze dit op het ministerie ook niet hadden zien aankomen. Dat vind ik eerlijk gezegd geen al te sterk argument.’

Verkeerde vragen
Vollenbroek vindt de persvrijheid een groot goed en hij is een verwoed krantenlezer. De laatste jaren was hij geabonneerd op Trouw, maar tegenwoordig vindt hij NRC Handelsblad een betere krant. Tegelijkertijd is er ook ergernis. Als hij met journalisten te maken krijgt, zijn ze vaak slecht ingelezen en stellen ze de verkeerde vragen, vindt hij.

Neem nu de commissie-Remkes, die adviseerde hoe Nederland uit de stikstof-impasse zou moeten geraken. Vollenbroek: ‘Dan bellen journalisten me op met de vraag wat ik van het rapport van de commissie Remkes vind. Dan vraag ik: heeft u het gelezen? Nee, zeggen ze dan, maar ik wil het van ú weten. Sorry hoor, maar als je te lui bent om het rapport even door te nemen, dan sta ik je niet te woord.’

Ondanks de mediahausse rondom het rapport van Remkes heeft Vollenbroek geen journalist de in zijn ogen belangrijkste vraag horen stellen: met hoeveel ton gaat de uitstoot van stikstof naar beneden als we de maatregelen die Remkes voorstelt invoeren? ‘Niemand stelde de vraag waar alles om draait. Ik had ‘m graag zelf gesteld bij de presentatie van het rapport, maar wij werden niet toegelaten bij de persconferentie.’

Nog een ergernis: de uitzending [het betreffende interview begint na 13.45 minuten, red] van Nieuwsuur op 6 oktober waarin KLM-topman Pieter Elbers aan het woord kwam. ‘Ik heb met gekromde tenen naar dat interview zitten kijken’, zegt Vollenbroek. ‘Man man, wat een slecht interview. Ze lieten hem wegkomen met een algemeen blabla-verhaal over stikstof. Maar er werd niet gevraagd naar de natuurvergunning die Schiphol niet heeft, waardoor zeker 100.000 starts en landingen illegaal zijn. Wij hebben dat achterhaald.’

Rariteitenkabinet
Jarenlang was hij niet of nauwelijks in beeld. Maar nu Vollenbroek een bekende Nederlander is geworden, beseft hij dat hij zijn bekendheid ook kan inzetten voor de goede zaak. Vandaar dat hij meewerkte aan een groot profiel dat De Telegraaf over hem maakte. ‘Bij een krant als De Telegraaf is het een risico, maar je bereikt wel een groot publiek. En ze hebben er een prima artikel van gemaakt, daar was weinig mis mee.’

Het enige punt van dit en andere profielen is dat Vollenbroek vaak als eenzame strijder wordt neergezet, terwijl hij dat niet is. ‘Ik zou al die procedures en rechtszaken nooit alleen kunnen voeren, daarvoor werk ik samen met zeven directe collega’s en tal van andere mensen. Dus zo eenzaam ben ik niet.’

Een goede discussie is prima, maar die moet dan wel netjes worden geleid. Het moet geen Poolse landdag worden.

Vollenbroek schuift wat minder happig aan talkshowtafels aan, zegt hij. ‘We hebben wel regelmatig contact met talkshows. Ons standpunt is dat we het prima vinden om ons verhaal toe te lichten, maar dat we niet in een rariteitenkabinet willen belanden. Zo zouden wij misschien op 1 oktober te gast zijn bij Pauw, dat was de dag van de boerenprotesten. Eerlijk gezegd ben ik blij dat het er niet van gekomen is. Die boeren kraamden de grootste onzin uit en Esther Ouwehand van de Partij voor de Dieren kwam nauwelijks aan het woord. Een goede discussie is prima, maar die moet dan wel netjes worden geleid. Het moet geen Poolse landdag worden.’

Wel was Vollenbroek een paar keer te zien in EenVandaag. Geen slechte reportages, vindt hij, en de impact van televisie is nu eenmaal groot. Alleen weet je niet welke van je quotes uiteindelijk de uitzending halen. ‘Ik had een interview gegeven over centrales voor biomassa. Ook daar voeren we procedures tegen. Ik had uitgebreid toegelicht wat onze argumenten daarvoor zijn, maar die hele toelichting is geschrapt. Dus uiteindelijk was ik niet zo tevreden met die bewuste uitzending.’

Liever dan aan tv-optredens besteedt Vollenbroek zijn tijd aan bijeenkomsten als die van vandaag in het Spant in Bussum. Daar kan hij zinnige discussies voeren en interessante mensen ontmoeten. Daags na het congres bellen we hem nog even hoe het was. ‘Het was een open debat over de rol van de media. Ik heb daar ook gezegd dat ik over het algemeen vind dat journalisten slecht zijn ingevoerd. Met de vertegenwoordigers van de boeren kan ik op dit soort bijeenkomsten prima uit de voeten. Ook zij hadden een PR-bureau ingehuurd, zo bleek, dus we zijn niet de enige…’

 

De lessen voor de pers van Johan Vollenbroek
-Om een crisis als die met stikstof eerder op te sporen, kan het lonen om diep in de achtergrond van rechtszaken en bezwaarprocedures te duiken. Op die manier kunnen de mogelijke implicaties daarvan ook sneller tot je doordringen en hoeft het geen ‘storm te zijn die wat stilletjes opsteekt’.
-Bereid je goed voor op interviews. Lees rapporten waar het over gaat en bedenk wat de kernvragen zijn waarom het draait.
-Een discussie bij een talkshow is prima, maar alleen als die op een faire en redelijke manier kan worden gevoerd.

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl
020-30 39 750

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur, 020-30 39 751

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur, 020-30 39 752

Linda Nab
Redacteur, 020-30 39 758

Lars Pasveer
Redacteur, 020-30 39 755

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur, 020-30 39 757

Anneke de Bruin
Vormgever, 020-30 39 753

Marc Willemsen
Webontwikkelaar, 020-30 39 754

Vacatures & advertenties

Karen Bais
020-30 39 756

Sofia van Wijk
020-30 39 711

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.