— vrijdag 9 april 2010 10:00 | 0 reacties , praat mee

Hoe val ik op tussen 440 sollicitanten voor 3 banen?

Honderden brieven voor 1 enkele baan in de journalistiek. Zo erg is het nog nooit geweest, zeggen sollicitanten en werkgevers. Hoe kom je als sollicitant dan bovendrijven? Natuurlijk: wees orgineel. Maar ook: ‘Mensen zonder geluk kunnen we niet gebruiken.’ Laatste wijziging: 17 april 2014, 13:29

Directeur/hoofdredacteur van de Geassocieerde Pers Diensten (GPD), Marcel van Lingen, heeft dezelfde bevindingen. ‘Twee jaar geleden kregen we tussen de 20 en 30 reacties en dat werd ervaren als veel. Wel waren dit vooral vacatures voor gespecialiseerde banen. Nu hebben we 200 reacties gekregen op een vacature voor een algemeen verslaggever. Ik verwacht het dubbele bij de Plasterk-plekken (werkervaringsregeling op initiatief van ex-minister Ronald Plasterk. Via de regeling kunnen ruim 60 jonge journalisten aangesteld worden bij de geschreven pers, red).’

Van Lingen vindt het spijtig om te zien dat veel journalisten niet aan het werk komen. ‘Het is vervelend om 99 procent van de aanmeldingen weg te moeten gooien terwijl je iedereen de baan gunt. Ik ben zelf drie keer uitgeloot voor de opleiding journalistiek dus ik weet hoe het is. Toen ik 23 was, was ik ook ambitieus en dat herken ik in de mensen die mijn bureau nog zouden opvreten als dat hun de baan oplevert.’

Van Lingen ziet niet alleen het aantal aanmeldingen stijgen maar ook de kwaliteit van de CV’s. ‘De meeste sollicitanten hebben naast hun opleiding ook journalistieke bijbaantjes gehad. Dit maakt de selectieprocedure lastig en de keuze tussen sollicitanten erg moeilijk.’

Maar hoe kom je dan toch bovendrijven? Uit de rubriek ‘Ik’ in NRC Handelsblad: ‘Ik zit in de sollicitatiecommissie van een groot bedrijf. Voor het eerst. We zoeken invulling voor een managementvacature. Op de vergadertafel ligt een stapel brieven, zo’n dertig centimeter hoog. De voorzitter van de sollicitatiecommissie zegt iets over het belang van de functie en de eisen waar de kandidaat aan moet voldoen: flexibel, creatief, communicatief, stressbestendig, en een goede teamplayer. Dan kijkt hij met een vertwijfelde blik naar de stapel brieven en verdeelt de stapel in twee gelijke helften. Met een brede armzwaai veegt hij de ene stapel van de tafel en zegt: ‘Mensen zonder geluk kunnen we niet gebruiken.’

Adjunct-hoofdredacteur Evert van Dijk van Dagblad van het Noorden, lacht bij het horen van de anekdote. ‘Die uitspraak is mij ook bijgebleven, maar zo gaan wij hier niet te werk. Wij vragen om een idee voor een productie voor onze krant, dat is ons selectieproces op een originele manier.’ Van Dijk vraagt expres niet om een motivatie. ‘Al die brieven lijken op elkaar, iedereen is gedreven, geïnteresseerd, flexibel en gemotiveerd. Door naar een productie te vragen kan ik gelijk zien of iemand gedreven is en goede ideeën heeft.’

Bij de Volkskrant hebben ze voor de vacature voor drie werkervaringsplekken wel om een motivatiebrief gevraagd. ‘Bij het lezen van de brief let ik op de affiniteit die de sollicitant heeft met de Volkskrant, op de schrijfstijl en natuurlijk ook op taalfouten. Van 440 aanmeldingen bleken er in eerste instantie ongeveer 60 aan alle criteria te voldoen. Zo moet de sollicitant een afgeronde studie of HBO-opleiding hebben en journalistieke ervaring, bij voorkeur bij een krant’, aldus De Vries. ‘De keuze van 60 naar de 28 mensen die op gesprek kwamen, heb ik samen met een collega gemaakt. We hebben de beste CV’s en motivatiebrieven er uitgehaald. Deels is dat een gevoel, deels zoek je naar diversiteit in de belangstelling en achtergronden van de kandidaten en ik heb ook wat referenties nagebeld. Van de 6 mensen die we uiteindelijk hebben aangenomen (naast de drie cao-banen meteen ook maar drie Plasterk-banen), hebben er 5 bij een krant stage gelopen (2 bij de Volkskrant), en de zesde heeft bij een universiteitskrant gewerkt.’

Ook wordt de originaliteit van de sollicitant gewaardeerd. ‘Er was een meisje die haar reactie heeft ingeblikt, dat was erg leuk, het viel op. Maar dat is niet doorslaggevend, vanwege haar CV en werkervaring is ze toch afgevallen.’

Gert-Jaap Hoekman, redactiechef bij Revu beaamt dit. ‘Standaard saaie, korte en taalfouten bevattende sollicitatiebrieven zijn niet oké.’ Om saai nog verder te definiëren: ‘Het lijkt soms of het woord Revu vervangen kan worden door HP/De Tijd of andere media, dit is niet goed. Met een brief als, “Je bent gek als je mij niet aanneemt”, heb je mijn aandacht wel’, aldus Hoekman. ‘Zo was er een meisje die de rubriek “wie denkt… wel niet dat zij is” over zichzelf heeft geschreven en heeft haar ouders, buren en vrienden hierop laten reageren, als sollicitatie. Je bent dan niet gelijk aangenomen maar je staat dan wel bovenaan de lijst.’

De Vries deelt deze mening: ‘Een persoonlijke of verrassende brief doet het altijd goed, je wilt weten wat zijn of haar toegevoegde waarde is op jouw redactie.’  Bij de vraag of gedrevenheid zwaarder telt dan werkervaring is het toch de ervaring die het meeste weegt. ‘Werkervaring is ontzettend belangrijk, een succesvol afgeronde stage geeft je extra kans en ervaring in de krantenwereld is echt een pré.’

Hoekman is het hier niet helemaal mee eens. ‘Bij een vacature voor een algemeen verslaggever kan gedrevenheid zwaarder wegen. Als je goed kan schrijven, dan maak je kans. Als je geen journalistieke ervaring hebt is dat wel een beetje raar natuurlijk. We hadden laatst een stagiair, niet afgestudeerd, die het blad en de doelgroep kent, die super gedreven is en heel goed kan schrijven. Als er een vacature was dan was hij meteen aangenomen’, aldus Hoekman.

Onlangs zocht Revu een misdaadverslaggever. Hoekman: ‘Dan moet je wel iemand hebben die gespecialiseerd is. Er solliciteerden ook mensen die niet geschikt waren voor de baan maar de gelegenheid gebruikten om zichzelf te laten zien. Sommige hebben daar freelance werk aan overgehouden.’ Van Lingen beaamt dit. ‘Je bent afgewezen. Maar blijf schrijven en stuur je beste artikelen alsnog naar de krant en zorg dat ze worden geplaatst. Of ga nog extra werkervaring opdoen.’ Dat is ook het antwoord volgens De Vries. ‘Er komt alleen maar meer freelance werk.’

De geringe kansen voor de nieuwe garde betekent weinig verjonging op de redacties van vooral de dagbladen als Dagblad van het Noorden en de Volkskrant. ‘Ik ben 45 jaar en een van de jongsten’, aldus Van Dijk.

De Vries vertelt dat de gemiddelde leeftijd op de redactie van de Volkskrant boven de 40 ligt. ‘Je wilt verjonging, daarom doen we ook mee aan de jonge instroom via de CAO en aan de Plasterk-regeling.’ Weinig verjonging betekent voor De Vries niet per definitie kwaliteitsvermindering voor de krant. ‘Nee, maar als redactie wil je breed zijn en alle generaties in je gelederen hebben. Zij staan toch anders in de samenleving. Als jongeren een stuk over jongeren tikken krijg je toch een ander artikel dan wanneer iemand van 40 dit doet.’

Ook Van Lingen vindt verjonging belangrijk. Dus als een ervaren journalist vertrekt, zoekt hij het liefst jonge mensen. ‘En mensen die nu aangenomen worden, krijgen minder betaald waardoor je weer iemand extra kan aannemen. Hierdoor heb ik ruimte gecreëerd voor nog een jonge journalist naast de Plasterk-plekken.’

vverzijl@villamedia.nl

Bekijk meer van

NVJ LID 26-05

Tip de redactie

Logo Publeaks Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee