— vrijdag 21 juni 2024 10:00 | 0 reacties , praat mee

De Schepping van architectuur- en landschapsfotograaf Luuk Kramer

In de rubriek De Schepping schrijven journalisten zelf over de totstandkoming van hun werk. Dit keer vertelt fotograaf Luuk Kramer over zijn project 'Nederlandse Waterwerken Wereldwijd', waar hij in totaal zo'n zeven jaar aan heeft gewerkt. Het eindresultaat is nu eindelijk in een boek te zien, maar ook in een tentoonstelling. Bekijk alle foto's in de carrousel door op de pijltjes te klikken. Laatste wijziging: 25 juli 2024, 11:04

Direct na de presentatie van mijn boek ‘Waterwerken in Nederland. Traditie en innovatie’ (2017), stelde uitgever Eelco van Welie voor om een vervolg te geven aan deze publicatie. Maar dit keer door een boek te maken over waterwerken van Nederlandse experts over de hele wereld.

Zo gezegd, zo gedaan. Al vrij snel had ik afspraken gemaakt met mensen van organisaties die mij verder konden helpen, zoals de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Dutch Culture en Rijkswaterstaat. Op grond van deze eerste gesprekken besloot ik geen poging te wagen alle Nederlandse waterwerken te fotograferen. Dat zou al gauw leiden tot een ellenlange opsomming in plaats van een interessant overzicht van deze waterwerken.

Deze denkwijze maakte dat ik tot acht landen kwam waar ik wilde fotograferen: Indonesie, Brazilie, Suriname, Zuid-Afrika, Japan, de Verenigde Staten, Polen en Groot-Brittannië. Met deze landen kon ik het boek op een logische manier indelen in drie hoofdstukken, respectievelijk Kolonialisme, Commercie en Religie.

Ik wilde een boek maken waarin het beeld de dragende factor is, aangevuld met een inleidend essay. Bij de aanvraag voor financiële ondersteuning gaf het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie aan dat er een wederkerigheid in het project ontbrak: de stem van de mensen zelf die in deze landen wonen. Een interessante constatering. Naast het inleidende essay van Maurits Ertsen zouden lokale auteurs, experts en professionals op het gebied van waterbeheer worden gezocht die deze stem zouden vertegenwoordigen. Daarmee zou het project alleen maar aan kracht winnen. Het is een mooie weerspiegeling van de diversiteit van het project.

Begin 2017 startte ik het project met mijn eerste reis, naar Japan. Vooral aan het eind van de negentiende eeuw werd Japan als het ware ‘overspoeld’ met waterstaatkundigen uit Nederland, de zogenaamde ‘Watermannen’. De naam en faam van deze wateringenieurs was daar inmiddels ook bekend geraakt.

Na Japan volgden Suriname en Zuid-Afrika, beide voormalige koloniën van Nederland. Ik stond op het punt om naar Indonesië te vertrekken, toen het coronavirus in 2020 uitbrak. Een oponthoud van twee jaar, waarin gedachten over het project werden geordend en een subsidieaanvraag van Dutch Culture werd toegekend. Nadat de covid-reisrestricties waren opgeheven, ben ik als eerste naar Polen gegaan, en daarna naar Indonesië. Waar het in Polen vooral om het polderlandschap ging, was Indonesië, en met name Java, een plek van sluisjes, stuwen en gemalen.

In de Verenigde Staten reisde ik naar New Orleans om de waterwerken te fotograferen die na de ramp in 2005 door orkaan Katrina aangelegd waren. En naar New York, waar One Architecture aan de ESCR (East Side Coastal Resilience) werkt aan een grote metershoge betonnen muur aan de oostkant van de stad die het gebied moet gaan beschermen tegen stormen als Katrina (2005) en Sandy (2012).

In Brazilië, of liever gezegd Recife, de plek waar Nederlanders halverwege de zeventiende eeuw ongeveer 25 jaar hebben gezeten voordat ze werden verjaagd door de Portugezen, zijn naast godsdienstige en sociale vernieuwingen ook een aantal infrastructurele zaken tot stand gekomen die tot op heden nog invloed hebben. Uitvloeisel daarvan is onder andere een uitwisseling van kennis en kunde tussen Recife en Nederland.

Ten slotte was Groot-Brittannië het laatste land dat ik bezocht, om de inpolderingen van The Fens in het oosten van Engeland vast te leggen. Daarmee waren de acht landen in beeld gebracht en kon worden begonnen met het maken van Nederlandse Waterwerken Wereldwijd, waarin het wereldwijde Nederlandse watererfgoed voor het eerst is samengebracht.

Naast het boek wilde ik ook een tentoonstelling maken, om zo het werk aan een breder, ander publiek onder de aandacht te brengen. Op zoek naar een geschikte locatie stuitte ik op het Watersnoodmuseum. Dat was volgens mij de allerbeste plek, omdat het museum zelf bestaat uit een aantal caissons die tijdens de watersnood-ramp van 1953 daar waren afgezonken om een dijkdoorbraak op te heffen. Een museum dat samenviel met het onderwerp van mijn boek, beter kon ik het niet hebben!

 

Na een afgebroken studie Biologie reisde Luuk Kramer in 1979 naar India om daar te fotograferen. Van ‘mensen’-fotografie richtte zijn aandacht zich in de loop der jaren steeds meer op architectuur, landschap en infrastructuur. Zijn huidige opdrachtgevers zijn architecten, stedenbouwers en-ontwerpers, landschapsarchitecten, en aan deze sectoren verwante bedrijven.

Titels van boeken waar hij aan heeft gewerkt zijn: ‘De Nederlandse Brug’ (2012), ‘Double Dutch - Nederlandse architectuur na 1985’ (2013), ‘Het Nederlandse Rijtjeshuis’ (2013), ‘Het Mauritshuis’ (2014), ‘The new Suez-Canal’ (2015), ‘Van Gogh Museum - het Gebouw’ (2015), ‘Waterwerken in Nederland’ (2017), ‘Predikheren - renovatie van een voormalig klooster te Mechelen’ (2019), ‘Super West 2000-2021 Vernieuwing van de Westelijke Tuinsteden’ (2021).

Nederlandse Waterwerken Wereldwijd verschijnt 29 juni bij Uitgeverij Nai010 | paperback | 240 pagina’s| € 49,95 | ISBN 9789462088450 |

Het boek is ook vanaf 29 juni te krijgen bij het het Watersnoodmusem in Ouwerkerk waar dan de tentoonstelling te zien is.

Bekijk meer van

Luuk Kramer De Schepping
NVJ LID 26-05

Tip de redactie

Logo Publeaks Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee