— dinsdag 25 mei 2021, 13:35 | 0 reacties, praat mee

‘Coronamaatregelen leiden tot gaten in de openbaarheid rondom rechtbankverslaggeving’

Coronamaatregelen bij rechtzittingen leveren gaten in de verslaggeving en daarmee de openbaarheid op, blijkt uit onderzoek. | ANP

Een jaar nadat rechtbanken weer met fysieke behandeling van zaken begon, is er nog het nodige mis met de toegang voor journalisten. Dat blijkt uit onderzoek onder rechtbankverslaggevers, waarvan de resultaten vorige week in het Nederlands Juristenblad (NJB) werden behandeld.

Er zijn problemen met tijdige levering van zittingslijsten en toegang tot de rechtszaal is niet altijd gegarandeerd, waarbij volgens journalisten soms sprake lijkt van willekeur.

Vaak worden journalisten inmiddels per definitie naar een aparte ruimte geleid, waar ze de zitting via een videoverbinding moeten volgen. Dat is niet ideaal: er is soms uitval die niet direct wordt opgemerkt, ontbreekt duidelijk zicht op verdachten en zijn er problemen met verstaanbaarheid.

Bij zittingen ontbreekt het bovendien vaak aan goede cameraregie. Het bemoeilijkt rechtbankverslaggeving via een videoverbinding nog verder. “Beeld en geluid sporen vaak niet. Wie zegt er wat - het zijn geluidzoekplaatjes”, aldus een van de ondervraagden. Als verdachten op de rug worden gefilmd is onduidelijk wie daadwerkelijk aan het woord is, met het risico van verkeerde toeschrijving van uitspraken.

Omdat er ook nu nog steeds veel met livestreams wordt gewerkt, is er volgens ondervraagden sprake van een “Pavlov-reactie bij de rechtbanken om de pers in de videozaal te plaatsen”. Daarbij zorgt falende techniek zoals wegvallend beeld of uitval van microfoons er vaak voor dat hele stukken van een zitting worden gemist.

Niet elke rechtbank is bereid delen van de zitting te herhalen, als de videoverbinding enige tijd haperde.

De willekeur van toegang stoort journalisten. Rechtbanken hanteren verschillende aanmeldtermijnen, van 24 uur voor aanvang tot wisselende tijdstippen de werkdag voor de zitting, waarbij het weekend niet telt. Als zittingslijsten te kort voor aanvang aan journalisten worden verstuurd, is het venster van aanmelding soms al gesloten.

Na een korte onderbreking vorig jaar zijn de fysieke zittingen weer terug van weggeweest, stelt NJB. “En daarmee is ook ruimte voor de aloude openbaarheid ontstaan.” Maatregelen met een verwijzing naar de beperkte ruimte in de zaal en het verplicht per videoverbinding volgen van zittingen levert inmiddels gaten in de openbaarheid op, concludeert het tijdschrift.

“Dat gaat wringen als bovendien de pers bij voorbaat richting videozaal wordt geleid. Dan wordt te sterk afgeweken van de vereiste openbaarheid. Rechtbankverslaggevers moeten in staat gesteld worden om adequaat verslag van de zitting te doen, zeker in de situatie dat er ook nog grenzen gesteld worden aan de toegang van het publiek”,  stelt NJB.

Voorlopig zouden journalisten daarom voorrang moeten hebben, vindt NJB. “Voorrangsregels, hoe onverkwikkelijk ook in de context van openbaarheid, zijn een noodzakelijk kwaad om de openbaarheid in de huidige omstandigheden vorm te geven. Daarom moet de positie van de journalisten daarin worden onderstreept. Het is ongemakkelijk om familieleden en vrienden van verdachten en slachtoffers en politieagenten te verwijzen naar een videozaal. Hun aanwezigheid is niet alleen belangrijk voor procesdeelnemers en deze personen zelf, maar is ook een wezenlijk aspect van de openbaarheid. Het is dan ook terecht dat de tijdelijke regeling strafrecht één persoon ter ondersteuning van het slachtoffer met voorrang toelaat, maar in de huidige omstandigheden kan dit niet zodanig worden opgerekt dat het ten koste gaat van de pers.”

Volgens NJB moet de rechter die de zaak voorzit zich persoonlijk verantwoordelijk gaan voelen dat deze openbaarheid is gewaarborgd. Het is volgens NJB verder evident dat techniek een essentiële rol speelt in de moderne zittingsbeleving.

De Raad van State adviseerde april vorig jaar in het kader van de Spoed­wet CO­VID-19 Jus­ti­tie en Vei­lig­heid dat er aandacht moet zijn voor de inhoudelijke kant van de inzet van livestream. Van belang daarbij is hoe het uitgangspunt van openbaarheid recht kan worden gedaan, aldus de Raad van State in het advies.

De Hoge Raad sprak bij herhaling enkel over het advies livestreams in te zetten, zonder eisen te formuleren waaraan zulke streams moeten voldoen. “In dit stadium van de pandemie en gezien de belemmeringen voor de rechtbankverslaggever, moet oriëntatie op de belangen van de openbaarheid, waarnaar de Hoge Raad verwijst, méér betekenen dan nu gebeurt”, aldus NJB. Meer bij Nederlands Juristenblad [betaald]

Naschrift: een eerdere versie van dit stuk voegde in de laatste alinea adviezen van de Raad van State en Hoge Raad rond digitale rechtszitting samen. De Raad van State vroeg echter al aan het begin van de coronacrisis om duidelijke definities rondom de inzet van livestreams. Deze versie van het artikel brengt die nuance weer aan.

Bekijk meer van

Nederlands Juristenblad

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.