Alles weer anders bij HP
Na het abrupte vertrek van Jan Dijkgraaf vorig jaar, heeft het zoekende HP/De Tijd een nieuwe hoofdredacteur gevonden in journalistiek zwaargewicht Frank Poorthuis. En die gaat het weer helemaal anders doen, in de hoop die lang gekoesterde wens te vervullen: een opwaartse lijn.
Frank Poorthuis heeft eigenlijk geen zin om over de erfenis van zijn voorganger, Jan Dijkgraaf te praten. Ook over cijfers, prognoses en doelstellingen heeft hij het niet graag. Maar op sommige punten kan hij er niet omheen: lezers hebben HP/De Tijd de afgelopen jaren in groten getale de rug toegekeerd. De oplage van het getergde opinieweekblad blijft inmiddels steken op een magere 25.000 betaalde exemplaren.
De stevige populistische koerswijziging die Jan Dijkgraaf in 2008 inzette – weg van de grachtengordel, op naar de middelbare man in Almere – om de oplage op te stuwen zette geen zoden aan de dijk. Het hielp ook niet dat hij de redactie middenin die koerswijziging stuurloos achterliet om aan de slag te gaan bij de nieuwe omroep PowNed.
En nu kiest uitgever Audax voor tegenhanger Poorthuis (1956), die de ingezette koers weer vol overtuiging terugdraait. HP/De Tijd moet weer een blad worden voor ‘intelligent Nederland’, zonder ‘boze mannen’, en met kwaliteitsjournalistiek. Poorthuis: ‘De laatste jaren is het niveau van de mensen waarvoor we schrijven onderschat. Het is, ja, platter geworden. Dat is niet nodig, en er is ook geen enkele reden om te denken dat een plat blad beter zou verkopen.’
‘Ik moet je zeggen: daar kijk ik niet al te veel naar. Het blad heeft de afgelopen jaren veel abonnees verloren, en het maakt verlies.’
‘Ik weet niet precies hoeveel, echt niet. Ik weet niet eens of ik in mijn eerste maand binnen de begroting ben gebleven. Dat is ook niet mijn vak, daar is de directie voor. Ik ben bezig een blad te redden, beter te maken. Als ik voortdurend naar de cijfers moet kijken, schiet dat niet op. HP heeft vorig jaar verlies gemaakt – dat was gelukkig niet mijn jaar. Ik durf mijn hand er niet voor in het vuur te steken dat ik dit jaar met winst zal afsluiten. Dat is ook niet de opdracht die ik heb gekregen. Die is: zorg dat er een opwaartse lijn inzit.’
‘Nee, want zo werkt het niet. Je kunt in ons vak nog niet eens een jaar vooruit kijken. Audax heeft veel liefde voor dit blad en zou het dood- en doodzonde vinden als het zou verdwijnen. Daarom is mijn opdacht enkel: laat het niet verdwijnen. Maak het beter. Dat vind ik prijzenswaardig.’
‘Ik heb geen bezuiniging gezien.’
‘Dat klopt. Ik vond het tarief voor reportagefotografie absurd hoog voor een blad met een oplage van 25.000. Het stond niet in verhouding tot wat de verslaggevers krijgen, en ook niet tot wat ik betaalde bij andere kranten en tijdschriften waar ik heb gewerkt.’
‘Ik heb die brief zelf opgesteld, de directie wist niet eens dat ik ’m had verstuurd. Het is geen aanzet tot bezuinigingen, ik was gewoon stomverbaasd toen ik hier binnenkwam en dat tarief zag. Natuurlijk wil ik goede fotografie, maar niet voor die prijs. Alle andere tarieven voor fotografie laat ik intact. Die zijn nog steeds aan de hoge kant maar ik dacht; laat ik niet aan alles morrelen.
Ik heb van de fotografen trouwens geen enkele reactie op die brief gekregen. Tot mijn eigen verbazing, moet ik je zeggen.’
‘Het moet beter. Echt kwalitatief beter. De Haagse Post (HP) werd in de jaren ’60, ’70, ’80 beroemd omdat het niet alleen de béste journalistiek had, maar ook de meest uitdagende en spannende journalistiek. Al mijn literaire helden hebben in de Haagse Post geschreven. Ik wil terug naar de spanning die het blad toen had. En naar het imago dat je er de fine fleur van de Nederlandse journalistiek in kunt aantreffen.’
‘Ik ben niet zo anti-Steenhuis als de meeste mensen. Steenhuis heeft een paar hele leuke dingen gedaan met dit blad. Je kunt veel zeggen van Henk, maar hij heeft HP toen stevig opgekrikt in oplage, en niet op een platte manier.’
‘Ik werkte in die tijd in Den Haag voor de Volkskrant. Als je iets kunt zeggen over de journalistiek in die jaren, 2001 tot 2003, is dat de journalistiek heel erg achter de feiten aanliep. Gevangen zat in dat politiek correcte waar heel Nederland in gevangen zat. Henk heeft dat doorbroken. Dan kan het niet je richting zijn, maar dat heeft hij gewoon goed gedaan. Een opinieblad moet niet bang zijn om een voortrekkersrol te vervullen. Dat betekent dus ook dat je af en toe eens stevig stampij maakt.’
‘De politieke kleur van dit blad is niet te vangen. Ik ben wat linkser, sommige redacteuren heel rechts, we kunnen alle kanten op. HP is vrijgevochten, recalcitrant, pragmatisch en spannend. Vooral spannend. Dat zit ’m in waar HP altijd goed in is geweest: de reconstructie. Onderzoeksjournalistiek. Af en toe wat undercoverwerk.’
‘Ik heb er niets tegen, zolang het geen gimmick wordt. Als je alleen achter de waarheid kunt komen door undercover te gaan, moet je dat zeker doen. Bij Vrij Nederland hebben we destijds Robert van de Griend succesvol undercover laten gaan op een asielzoekersboot. Wat ze hier hebben gedaan bij de PVV gaf een leuk inkijkje in wat er daar gebeurde. Maar vaak zit het in gewoon eens iets goed uitzoeken, en haal je met undercover niets naar boven wat je niet al weet. Ik zeg dus niet: undercover heeft een keer goed verkocht, dat gaan we vier keer per jaar doen.’
‘Het klinkt heel vervelend, maar ik moet een kwaliteitsslag maken. De stukken waren niet goed genoeg en dat zit ’m vooral, dat zát ’m vooral, in een aantal freelance schrijvers die je vaak tegenkwam in het blad. Daar ben ik, om het oneerbiedig te zeggen, wat in gaan wieden.’
‘Praten over mensen die weggaan doe ik niet graag.’
‘Ja. Ik heb eigenlijk geen zin om af te geven op degene die hier voor mij heeft gezeten. Het enige wat ik er denk ik van zou moeten zeggen, is dat HP een blad werd waarvan de richting heel erg werd bepaald door Dijkgraaf en de mensen die hij om zich heen verzamelde. En dat de redactie niet het gevoel had dat ze invloed had op welke kant het blad opging.
Terwijl op de redactie, in de kern, ontzettend veel potentie zit. Ik wil die mensen meer bij het blad betrekken dan tot nu toe is gebeurd, omdat ik ervan overtuigd ben dat de kracht van het blad in die redacteuren zit. Zíj hebben het DNA van HP.’ (stilte) ‘Ja god, nieuwe leiders nieuwe praatjes. Je weet hoe dat werkt.’
‘Ik wil de literatuur weer stevig oppakken. Het blad heeft iemand nodig die daar met gezag over schrijft. Ik vind Pam een van de beste literair recensenten van Nederland. We maken een nieuwe start en ik ben blij dat hij weer voor ons wil werken.’
‘Ik kijk rond, maar met mate. Ik wil vooral niet de indruk wekken dat we hier met een club oude schrijvers een blad gaan opkalefateren. Ik wil graag dat HP een blad wordt waarin je ook goede jonge mensen aantreft. Daarom heb ik Frank Heijnen aangetrokken als columnist. Een jonge, enthousiaste sportjournalist en winnaar van de Hard Grasprijs 2009. Econome Esther van Rijswijk gaat voor ons een financial page maken. Ze komt van BNR en de argumentenfabriek van Frank Kalshoven. En Jojanneke van den Berge van PowNed gaat een column schrijven.
Ik vind het de rol van dit tijdschrift om een nieuwe generatie journalisten aan het woord te laten. Dat vond ik ook zo leuk aan De Pers. We hebben er natuurlijk zestig miljoen doorgedraaid daar – iets wat je niet graag op je record hebt – maar ook een nieuwe generatie journalisten opgeleid. Die hebben we met z’n allen op de wereld gezet, zou je kunnen zeggen.’
‘We zijn er al een heleboel kwijtgeraakt, dus ik ga nu lekker lezers terugwinnen.’
‘Nou, de plattere HP/DeTijd heeft vooral lezers afgestoten, dat is wel duidelijk. De elementen die het blad platter hebben gemaakt, gaan we gewoon elimineren. En het HP-DNA, dat er altijd heeft ingezeten, gaan we weer versterken.’
‘Is het ook. Net een organisme hè. Je moet het een beetje groomen af en toe.’
——-


Praat mee