— vrijdag 12 maart 2010 09:00 | 0 reacties , praat mee

‘Een bloeiende markt, mits de klant wil betalen’

Een verdienmodel voor webvideo is er nog niet. De kwaliteit van de filmpjes is vaak matig en de toegevoegde journalistieke waarde niet altijd even duidelijk. Toch blijven de betrokkenen optimistisch. Robert van de Roer van nrc.tv: ‘Ik ben er van overtuigd dat partijen die nu investeren, straks voorop lopen.’ Laatste wijziging: 17 april 2014, 14:56

Webvideo’s van televisiekwaliteit wilden ze maken. Reportages à la Netwerk, aangevuld met cultuurrecensies en nieuwsanalyses van redacteuren. En dat alles op een eigen videokanaal op de krantensite en op YouTube, in samenwerking met Goedemorgen Nederland, Nova en CNN. Nee, de ambities waren niet gering toen Bas Broekhuizen in 2005 voor de Volkskrant vk.tv oprichtte. ‘In de hoogtijdagen hadden we een bezetting van acht man, maakten we meerdere video’s per dag en haalden we een half miljoen views per maand’, blikt hij terug.

Niet alleen de Volkskrant zag een grote toekomst voor online video’s. De afgelopen jaren hebben alle nieuwssites, groot en klein, geëxperimenteerd met eigen filmpjes. Zelfs bescheiden startups als 925, het businessblog van Jort Kelder, hadden vanaf het begin meerdere videoredacteuren in dienst. Zelf filmpjes maken, het was even vanzelfsprekend als stukjes tikken. Video en online waren nou eenmaal onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wie geen eigen videoredactie had, nam het medium eigen­lijk niet serieus, zo leek de consensus.

Inmiddels is het enthousiasme grotendeels gaan liggen. Het blijkt lastiger dan gedacht om video’s van hoge kwaliteit te produceren. Het is tijdrovend, duur en levert vaak teleurstellend weinig op: zowel wat betreft bezoekcijfers als inkomsten. Sites als 925 hebben hun videoredactie inmiddels dan ook opgeheven, bij andere titels is de bezetting ingekrompen. ANP Video bijvoorbeeld moest vorig jaar noodgedwongen bezuinigen en vk.tv ging eerder al terug van 8 fte naar 5 fte.

Als gevolg van de jongste saneringsronde bij de Volkskrant worden dat nu 3 fte. ‘Daar staat tegenover dat we redacteuren van de newsroom vaker zullen inzetten voor vk.tv’, zegt adjunct-hoofdredacteur Jan ’t Hart. ‘Daarnaast hebben we vergevorderde samenwerkingsplannen met de Vara en de NOS.’ Afgesproken is dat in mei de resultaten van vk.tv worden geëvalueerd. Daarbij is een maandelijks aantal views van een half miljoen als streefgetal genomen. Volgens betrokkenen zijn het cijfers die vk.tv nooit zal halen. Ook de ondernemingsraad oordeelde dat de lat hier te vroeg te hoog is gelegd, maar stemde desondanks in met de plannen omdat is toegezegd dat er geen directe ontslagen zullen vallen bij stopzetting van de videoactiviteiten. ‘Video zal hoe dan ook deel uit blijven maken van onze online activiteiten’, stelt ’t Hart. ‘Daar is de Persgroep het ook mee eens.’

Persgroep-baas Christian van Thillo is een verklaard tegenstander van grote, dure, geïntegreerde online redacties met artistieke pretenties. De krant is de krant en de site is de site, vindt hij, en die twee moeten gescheiden van elkaar opereren. Om de kosten te drukken moeten de verliesgevende internetredacties bovendien gestript worden van alle overbodige franje, zoals eigen videoredacties. ‘Slechte tv is er al genoeg’, zei de Belg daarover vorig jaar op het jubileumfeest van Het Genootschap van Hoofdredacteuren.

‘De terughoudendheid van Van Thillo is heel verstandig’,  vindt vk.tv-oprichter Broekhuizen, die de Volkskrant begin 2009 verliet en zijn tijd tegenwoordig verdeelt tussen zijn eigen freelance praktijk en een baan als docent Journalistiek aan de Universiteit van Leiden. ‘Kranten gingen destijds zelf video’s maken met het idee dat ze de dalende oplage en het teruglopende bereik van de papieren versie konden compenseren op internet. Dat is een verkeerde gedachte gebleken.’ Niet alleen het ontbreken van een goed verdienmodel is daar volgens Broekhuizen debet aan, ook jour­na­lis­tiek­inhou­de­lijk viel het resultaat van de inspanningen vaak tegen. ‘Ik vind zelf dat filmpjes waarin een redacteur het nieuws duidt weinig toevoegen. Wel interessant zijn de echte reportages waarbij je de straat opgaat, maar die zijn weer veel ingewikkelder om te maken.’

Voor René van Rijckevorsel, plaatsvervangend hoofdredacteur van Elsevier, waren de reportages van vk.tv juist een voorbeeld van hoe het niet moet. ‘Te lang, niet scherp genoeg en niet interessant’, oordeelt hij. ‘

Toen we bij Elsevier een paar jaar geleden besloten ook zelf video’s te produceren, heb ik dan ook meteen gezegd: we gaan géén tv op internet maken.’ Volgens Van Rijckevorsel moeten online video­redacties rekening houden met de korte concentratiespanne van internetters. Filmpjes mogen derhalve niet langer duren dan drie minuten en de inhoud moet zich kort en krachtig laten samenvatten. Het weekblad publiceert op zijn site dan ook uitsluitend videocolumns, waarin een redacteur tegen een al dan niet bewegend achtergrondje het nieuws analyseert. Het is een kostenefficiënte aanpak: alles wat je ervoor nodig hebt is een videoredacteur, een camera en een commentator. De Elsevier-video’s worden redelijk bekeken, aldus Van Rijckevorsel, maar volgens hem maakt het niet eens zo heel veel uit of je zelf filmpjes maakt of dat je ze inkoopt bij derden. ‘Het gaat erom dat je bewegend beeld hebt op je site.’

Video hoort erbij, beaamt Robert van de Roer van nrc.tv. ‘Maar dat alles op internet kort moet zijn, is echt een fabeltje. Onze producties bewijzen het tegendeel. Onze best scorende video is een item over Wilders-aanhangers. Dat duurt 12 minuten, maar is inmiddels tienduizenden keren bekeken.’

NRC heeft ook een contract met ANP Video, maar plaatst de filmpjes van het persbureau zelden. Liever vertrouwt het op de eigen producties, onderverdeeld in pijlers als nrc.kookt, nrc.leest en nrc.nu. ‘Die sluiten beter aan bij het merk NRC en voegen meer toe. Diepgang en achtergrond, dat is wat wij met onze filmpjes willen bieden.’ Een grote redactie is daar volgens Van de Roer niet voor nodig. ‘We werken met drie fulltimers en een paar freelancers. Belangrijker is de kwaliteit van die mensen. We hebben een fulltime producer in dienst die haar sporen heeft verdiend bij VPRO’s Tegenlicht. Verder huren we regelmatig cameramensen in die ook voor de NOS en RTL Nieuws werken.’

Een videoredactie van drie man is in de huidige markt wel het maximaal haalbare, denkt Ruud Ritzen, coördinator van ed.tv, het videokanaal van het Eindhovens Dagblad. ‘En dan bestaan die drie man bij ons ook nog eens uit twee stagiaires.’ Ed.tv richt zich nadrukkelijk op het lichtere genre. ‘Een beetje zoals GeenStijl dat ook doet, met verslaggever Rutger Castricum’, aldus Ritzen. Volgens hem verwachten internetters een dergelijke aanpak ook. ‘Online gelden andere regels. Op filmpjes waarin een minister gortdroog wordt geïnterviewd of een redacteur een praatje houdt zit niemand te wachten. Dan kun je net zo goed radio maken. Je moet altijd iets meer proberen te brengen, aan onderwerpen een speelse, visueel interessante draai geven.’ Maar ook bij het maken van dat soort luchtige filmpjes staat kwaliteit voorop. ‘Redacteuren een cameraatjes meegeven en hen zelf laten filmen, daar geloof ik niet in. Dat doet alleen maar af aan de uitstraling van je merk.’

De mening van Van Thillo dat er al genoeg slechte tv is, deelt Ritzen niet. Wel moet hij erkennen dat de opbrengsten van de eigen video’s bij lange na niet voldoende zijn. ‘Ed.tv zit momenteel op honderdduizend hits per week, ongeveer een tiende van het totale aantal hits op ed.nl. Dat is een redelijke score, maar het levert maandelijks maar een paar honderd euro aan advertentie-inkomsten op.’ De videoredactie van het Eindhovens Dagblad staat volgens hem echter niet direct onder druk. ‘Maar vanzelfsprekend voer ik wel eens moeilijke gesprekken met de hoofdredactie.’

Ook NRC heeft nog geen goed verdienmodel voor haar online activiteiten gevonden. Wat dat betreft snapt Van de Roer de aanpak van Van Thillo wel. ‘Alleen ontwikkel je nooit iets nieuws als je je bij alles eerst afvraagt wat het verdienmodel is. Ik denk dat de Persgroep nog wel terugkomt op dit beleid. Ze zijn daar nu als een soort Feyenoord met elf man aan het verdedigen, terwijl we middenin een digitale revolutie zitten. Internet en tv vloeien steeds meer in elkaar over en het kijkgedrag van consumenten verandert mee met die ontwikkeling. Binnen een paar jaar kun je vanaf je bank zappen van Nederland 1 naar de site van NRC. De rol van video zal alleen maar groter worden. Ik ben er dan ook van overtuigd dat de partijen die nu investeren, straks voorop lopen.’

Bas Broekhuizen is ook optimistisch, zij het voorzichtig. ‘Met de huidige verdienmodellen zal video altijd een luxe blijven en een marginaal onderdeel van je site vormen, maar er zijn wel degelijk ontwikkelingen die perspectief bieden. De Volkskrant heeft de afgelopen jaren bijvoorbeeld veel geëxperimenteerd met webmagazine’s, waarin bewegend beeld een grote rol speelt. Ik vond dat in het begin maar raar; wie wil er nu op zijn computerscherm een magazine lezen? Maar sinds de introductie van Apple’s iPad denk ik daar anders over; misschien dat er toch een bloeiende markt is voor online video’s. Mits consumenten er in die vorm wel voor willen betalen natuurlijk.’

http://www.vk.tv/

http://video.elsevier.nl/

http://nrc.tv/

http://www.ed.nl/video/regionieuws/

Bekijk meer van

NVJ LID 26-05

Tip de redactie

Logo Publeaks Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee