De Journalist, februari 2009
Het allereerste bericht over de noodlanding van een vliegtuig in de Hudson kwam van een Twitteraar. De onlusten in de Indiase stad Mumbai werden rechtstreeks verslagen door Twitterende ooggetuigen. Foto’s van twitterende Australiërs brachten de bosbranden binnen de seconde op computerschermen en mobieltjes.Twitter is snel. Sneller dan elk ander medium. Maar hoe betrouwbaar is Twitter? En eh, wat is Twitter?
ANP-reporter Jacco de Boer versloeg voor het eerst via Twitter een rechtszaak en Sp!ts verslaggever Joris Polman reisde al twitterend mee met Geert Wilders naar Londen. De journalistiek is bezig de mogelijkheden van Twitter te ontdekken. Bart Brouwers, hoofdredacteur van Sp!ts en Twitter-adept, wil zelfs dat ál zijn reporters twitteren. “Wij hebben een jonge ploeg en ik vind het belangrijk dat ze een nieuw medium leren kennen.” Collega hoofdredacteur bij HP/De Tijd, Jan Dijkgraaf, ook fervent twitteraar, is minder enthousiast. “Het is niets voor weekbladen als het onze. Ik vond dat getwitter van Sp!ts in Londen niets toevoegen. Het is allemaal vrij banaal. Wat kun je nou kwijt in 140 tekens?”
Ook Mark Koster en Jojanneke zijn kritisch. In een pesterige column in De Pers noemden ze het ‘masturbatie voor de ziel’. Er zit wat in: er worden heel wat ego’s opgepoetst tijdens het twitteren. ‘Zojuist interessant gesprek met mijn uitgever gehad.’, of ‘Het interview ging erg goed.’, zijn geen mededelingen waar collega-journalisten van omvallen.
Toch is het zonde Twitter schouderophalend af te serveren. Het snelle medium is wel degelijk interessant voor journalisten. Zo meldt GPD-correspondent in Moskou, Olaf Koens, dat hij driekwart van zijn onderwerpen tegenwoordig van Twitter haalt. En Bart Brouwers vindt Twitter een belangrijke bron dankzij het netwerk dat zijn reporters opbouwen. “ Contacten die er anders niet zouden zijn, of anders van aard.”
Dat netwerk is de basis van Twitter. Je kunt kiezen wie je gaat volgen en daar berichtjes mee uitwisselen. Het wordt pas echt leuk als anderen jou gaan volgen, want zij ontvangen elke tweet die jij het net opstuurt. Wie de meeste volgers heeft, heeft de meeste status. Toen er enkele weken geleden voor het eerst top-100 lijstjes begonnen te circuleren, wisten de twitteraars niet hoe snel ze hun profiel moesten aanpassen om op een lijst te komen.
Meest bekende twitter-journalist is natuurlijk Francisco van Jole (nr 1 top-100 journalisten, nr 10 algemene top-100). ‘Houdt van Twitter’ is een absoluut understatement voor Van Jole, hij twittert bijna 24 uur per dag, zeven dagen in de week. Van Jole geeft een tweede reden om Twitter niet af te schrijven: “Het is een tiplijn bij uitstek”. Dat wordt beaamt door alle bevraagde journalisten. Jan Dijkgraaf roemt Twitter om het netwerk en de snelheid: “Ik kon zo een adres achterhalen van de mevrouw van ‘Stop kindersex’, iets wat me anders niet was gelukt.” Onderzoeksjournalist Henk van Ess vindt Twitter sneller dan Google als het gaat om links naar zeer actuele onderwerpen. “Google geeft een blik in het verleden, Twitter is bijna real time. Live zoeken naar wat mensen zien op internet is journalistiek interessant.”. En Alexander Pleijter, docent journalistiek in Leiden gebruikt Twitter graag om proefballonnetjes op te laten.
Het beste tot zijn recht komt Twitter als het gaat om ‘breaking news’: rampen, ongelukken of oorlogen; onvoorspelbare situaties waar toevallige omstanders met een mobieltje doorgeven wat ze zien. De onlusten in Mumbai, november vorig jaar, zijn daar een goed voorbeeld van: dankzij de snelle berichtenstroom op Twitter wist iedereen wat er aan de hand was.
Maar hoe betrouwbaar zijn ooggetuige-tweets? Van Jole: “Twitter mag nooit je enige bron zijn. Het heeft een signaalfunctie. Je ziet iets, vervolgens ga je op zoek naar meer.” Ooggetuigen zijn ook geen verslaggevers vindt Bart Brouwers. Hij merkte zelf hoe moeilijk het was evenwichtig te berichten en paste de werkwijze aan: “We ontdekten dat we dingen misten, dat het te fragmentarisch was en dus werd er een regisseur aangewezen die voortaan in de gaten houdt waar de tweets aanvulling behoeven.” Ook kwam er een applicatie op de site zodat ook niet-twitteraars de berichten kunnen volgen.
In de run om nieuws kan het ook misgaan, zo merkte Sp!its-verslaggever Joris Polman toen hij met Wilders meereisde naar Londen. Hij was zo bezig een foto te twitteren, dat hij de persconferentie miste. “Ik schrok me gek en heb nog nooit zo hard gerend. Had ik misschien door Twitter het nieuws gemist.”
Inmiddels is ook de Volkskrant om: sinds 19 februari twittert de krant officieel. Webredacteur Heleen van Lier is een van de drijvende krachten: “Wij pakken het anders aan dan bijvoorbeeld CNN of de BBC, die leveren alleen feeds. Twitter is een interactief medium, zo moet je het dus gebruiken.” Overigens twittert buiten de webredactie nog maar een handjevol VK-journalisten. Er valt dus nog zendingswerk te verrichten voor Van Lier, die zegt “met vuur het evangelie van Twitter te prediken’.
Twitter is soms zelf nieuws. Zo plaatste Nederlands bekendste twitteraar Maxime Verhagen een foto genomen in de Trèvezaal. GeenStijl nam de foto over en een week later werd Verhagen publiekelijk gekapitteld door premier Balkenende. En Corrie Gerritsma, verwoed twitteraar, was toevallig aanwezig bij het optreden van Van der Sloot bij Pauw en Witteman. Ze twitterde een foto van het wijnincident, Van Jole nam de tweet over, Gerritsma’s site crashte onder de belangstelling en de volgende dag kwam Nova met beelden, waarna de kranten volgden.
Is Twitter het domein van jongeren? Integendeel. Zo zijn er nog maar twee studenten van Pleijter die twitteren “En die zijn zeer sceptisch”. En de jonge honden van Sp!ts krijgen binnenkort een twitterworkshop om eventueel koudwatervrees te overwinnen. Van Jole: “Het zijn de twintigers en dertigers die voorlopen. Niet de jongeren, dat is een wijdverbreid misverstand.”
Over de toekomst van Twitter zijn de meningen verdeeld. Jan Dijkgraaf denkt dat het amusante speeltje weer snel vervangen zal worden door weer een ander. En misschien heeft hij daarin wel gelijk want GeenStijl experimenteert nu al met camstreams via het mobieltje. Van Jole echter denkt dat Twitter of een soortgelijk systeem het helemaal gaat maken. Ook Bart Brouwers gelooft in de toekomst, hij overweegt persconferenties te gaan twitteren. Pleijter zou het mooi vinden als via Twitter wijkbewoners en lokale krant of radio gaan samenwerken.
In kader
Twitter (geboren int 2006, VS) is een kruising tussen sms en een blog. Per boodschap (tweet) zijn er 140 tekens beschikbaar. De twitteraars vertellen elkaar wanneer ze opstaan, hoe ze koffie zetten en hoe laat ze gaan slapen, maar geven ook bruikbare tips en handige links die ze in hun werk goed kunnen gebruiken. Zo wordt onder journalisten bijvoorbeeld gediscussieerd over de toekomst van de krant. Sinds kort is er een Twittergids, waar de twitteraars zijn geselecteerden aar profiel. Op deze manier kunnen mensen sneller worden gevonden, handig voor beginners.
Er zijn wereldwijd 4 tot 5 miljoen twitteraars, waarvan 40 procent in de VS. Nederland telt minstens 13.000 twitteraars, waarvan 500 journalisten, becijferde Michel Berger, oprichter van de Twittergids.
Aan dit artikel werkten mee:
@2525 (2.374 volgers), @michielb (1.163), @heleenvanlier (699), @brewbart (498), @jandijkgraaf (428), @jorispolman (292), @henkvaness (286), @pleijter (171).
