Ergens hoog bovenin de gebouwen van het Europees Parlement ontmoeten we Jeroen Lenaers op zijn werkkamer. Vanachter zijn bureau heeft hij een goed uitzicht op de Europese wijk. Hij verkeert alweer enkele jaren in het Brusselse. De vlag van Nederlands-Limburg heeft echter een prominent plekje in zijn werkkamer gekregen. Hij is trots op zijn afkomst uit het kleine Stramproy, waar hij in de weekenden nog steeds woont. Lenaers: “Het is voor mij belangrijk dat ik op zaterdagmiddag mensen kan ontmoeten en spreken terwijl ik in de Jumbo in Stramproy boodschappen doe. Ik hoor dan andere verhalen dan wanneer ik op zaterdagmiddag hier in de Delhaize boodschappen zou doen. Parlementariërs worden gekozen door de mensen, en het is principieel onjuist als je als parlementariër alleen maar in Brussel woont. Voor mij is het relatief eenvoudig, want ik stap in de auto en anderhalf uur later ben ik thuis. Maar als je uit Zuid-Portugal of Noord-Estland komt, zal je daar toch een beetje tijd voor moeten vrij maken.”
Afgelopen zondag waren de Franse presidentsverkiezingen. Bent u blij dat Macron gewonnen heeft?
“Hier in Brussel heerst meer de opluchting dat Le Pen niet gewonnen heeft dan dat iedereen nou heel blij is dat Macron gewonnen heeft. Ik denk dat Macron op Europees gebied een aantal ideeën heeft die niet direct stroken met de ideeën die mensen in andere delen van Europa hebben. Het zal nog moeten blijken hoe hij dat hier in de Europese Unie straks gaat implementeren, ook afhankelijk van de parlementsverkiezingen in Frankrijk in juni natuurlijk.”
Wat betekent de Brexit voor Europa?
“Dat ligt er heel erg aan hoe de Brexit er uiteindelijk uit komt te zien. De onderhandelingen verlopen nou niet bepaald heel makkelijk. De eerste twee grote onderhandelingspunten zijn de rechten van Britten in het buitenland en Europeanen in het Verenigd Koninkrijk, en de financiële afhandeling van het uittreden van het VK. Die twee zaken leveren al heel veel moeilijkheden op. 40 jaar ineenvlechting moet ontvlochten worden. Omdat er op 8 juni tussentijdse verkiezingen zijn in het VK, gaat er tot die tijd niks gebeuren. Onder andere omdat we niet weten met wie we moeten gaan onderhandelen. Theresa May heeft David Davis aangesteld als Brexitminister, maar het schijnt tussen May en Davis niet helemaal te boteren. De kans is dus groot dat hij na de verkiezingen aan de kant geschoven wordt. Dan weten we vanuit Europa nog steeds niet met wie we straks de onderhandelingen moeten gaan voeren, en dat is natuurlijk niet echt een vruchtbare bodem om die onderhandelingen te gaan beginnen.”
Onlangs heeft u ervoor gezorgd dat de Engelstalige Turkse krant Daily Sabah niet meer wordt verspreid in de gangen van het parlement. Waarom wilde u dat de Daily Sabah uit het EP zou verdwijnen?
“De Daily Sabah is nogal een verlengstuk van de regering in Ankara, en die werd hier door de diensten van het Parlement verspreid. Een van de directe aanleidingen om hier een einde aan te maken was dat een Turks raadslid van het CDA in de gemeente Rotterdam werd bedreigd. De zusterkrant Sabah in Turkije noemde hem het hoofd van de Gülenbeweging in Nederland, en beweerde dat hij zou samenwerken met de Nederlandse regering tegen de belangen van de Turkse overheid. Daarom heb ik een brief gestuurd naar de voorzitter van het Parlement en gevraagd of het een goed idee zou zijn om te stoppen met het verspreiden van de Daily Sabah. Dat is toen gebeurd, en dat lijkt me terecht. De krant is het daar zelf natuurlijk niet mee eens: ik werd ineens als fascist en terrorist afgeschilderd.
Het niet meer verspreiden van de Daily Sabah werd tot enorme proporties opgeblazen omdat Erdoğan zelf de dag erna al in een speech eraan refereerde. Dat zegt ook wel iets over hoe kleinzerig hij eigenlijk is. Dat ik daarna allerlei beledigingen over me heen kreeg, vond ik natuurlijk niet leuk. Maar het geeft alleen maar aan wat voor shit sommige Turkse Nederlanders die aan de andere kant van de discussie staan dan Erdoğan, op dagelijkse wijze over zich heen krijgen. En dan ben ik nog een gekozen parlementariër die in een comfortabele omgeving zit. Ik maak me veel meer zorgen over de mensen die iedere dag dit soort pesterijen over zich heen krijgen dan dat ik me zorgen maak over mezelf. Bovendien worden in Turkije Gülenistische ambtenaren, scholen, leraren, politieagenten, rechters, journalisten massaal aan de kant gezet en in de bak gegooid. Dat heeft niks met een rechtsstaat te maken. En dat terwijl Gülen en Erdoğan vroeger nauw hebben samengewerkt.”
Denkt u dat de Turkijedeal nog stand kan houden?
“Duitsland gaat waarschijnlijk aan een grote groep Turkse militairen en ambtenaren asiel verlenen. We hebben nu dus een migratiedeal met een land dat z’n eigen vluchtelingen produceert. Aan de andere kant zie je dat de instroom behoorlijk gedaald is. Bovendien heeft de EU behoorlijk veel van het geld dat beloofd is aan Turkije ook in concrete projecten omgezet. Dat zijn dan projecten die onderwijs, sociale zekerheid en gezondheidszorg bieden aan die groep Syrische vluchtelingen in Turkije. Daarnaast is men begonnen met het hervestigen van vluchtelingen uit de Turkse kampen in Europa. Dat gaat nog steeds mondjesmaat, maar uiteindelijk is dat wel de enige manier om het werkbaar te houden. En ik geloof wel dat zowel Europa als Turkije er belang bij hebben om dat vast te houden.”
En Turkije als mogelijk EU-lid, ziet u dat nog gebeuren in de toekomst?
“Nee. Turkije is de afgelopen jaren alleen maar verder afgedreven van de Kopenhagencriteria, de voorwaarden voor toetreding. Ik denk dat niemand er meer in gelooft dat die toetreding er nog van gaat komen. Terwijl we wel met Turkije als buurman van de EU op een aantal belangrijke strategische beleidsterreinen moeten samenwerken, of we dat nou leuk vinden of niet. Europa en Turkije zouden eens rond de tafel moeten gaan zitten om te kijken hoe ze de relatie vorm willen geven los van het toetredingsperspectief.”
Moet het visumvrij reizen voor Turken in de EU dan ook van de baan?
“Ik was er eigenlijk op tegen om afspraken over het visumvrij reizen te koppelen aan afspraken op het gebied van migratie. Die zaken staan los van elkaar. Als Turkije visumvrij wil reizen, moet het voldoen aan alle eisen die de EU daaraan gesteld heeft . Als Europa moeten we heel voorzichtig zijn om zo’n instrument, een van de weinige instrumenten die we nog in handen hebben om een positieve verandering teweeg te brengen in Turkije, te makkelijk weg te geven.”
Nederlanders steken de grens over naar België om daar goedkoop onderwijs te volgen. Belgen komen op hun beurt naar Nederland om medicijnen te kopen. Oost-Europeanen komen dan weer naar West-Europa omdat ze daar meer kunnen verdienen. Is het niet kwalijk dat mensen zo kunnen profiteren van buitenlandse belastingbetalers of andere mensen van een baan af houden?
“Nee, dat vind ik niet kwalijk, ik vind het juist mooi dat dat kan. Tegelijkertijd zie ik overigens wel dat veel bedrijven er misbruik van maken door bijvoorbeeld een eigen bedrijf te beginnen in Polen, om vervolgens diensten te komen verlenen in Nederland met Poolse medewerkers die minder verdienen dan de Nederlandse collega’s. Dat is dan weer een ongewenst gevolg van dat vrije verkeer van werknemers. Als je daar iets aan wilt doen, krijg je te maken met een scherpe strijd tussen Nederland en landen in Centraal- en Oost-Europa, die juist zo min mogelijk belemmeringen willen hebben op die Europese arbeidsmarkt. Toch vind ik het verdwijnen van de grenzen in de basis alleen maar voordelig. Ik erger me juist aan de andere kant ervan, dat we steeds meer zien dat er weer grenzen opgebouwd worden tussen de landen die het vrije verkeer juist weer bemoeilijken. Dan heb ik het bijvoorbeeld over de Duitse tolheffing die dan alleen voor buitenlanders gaat gelden.”
Zou het niet beter zijn om zaken als studiegelden en minimumlonen gelijk te trekken in heel Europa?
“Dat is niet mogelijk, tenminste niet in de huidige situatie. Je mag bijvoorbeeld niet vanuit Europa zeggen: je moet overal een minimumloon hebben. Ik vind wel dat we overal een minimumloon zouden moeten hebben, maar dat hoeft niet vanuit Europa opgelegd te worden. Ook omdat het natuurlijk een gevolg is van de sociaaleconomische ontwikkeling van een bepaald land. Als je een Europees minimumloon gaat vaststellen dat zowel op Nederland als op Roemenië van toepassing moet zijn, dan zit je al in de moeilijkheden.
Het idee van de EU is altijd geweest dat als je gaat samenwerken op een gegeven moment die economieën vanzelf naar elkaar toe gaan groeien. Dan heb je het over de lange termijn, niet over 10 of 20 jaar, maar over bij wijze van spreken 100 jaar van nu. Dat heeft natuurlijk een enorme klap gekregen, allereerst toen in 2004 de uitbreiding plaatsvond met 10 nieuwe lidstaten. Daarna nog een keer twee, daarna nog een keer één. En op hetzelfde moment werd Europa in 2008 enorm geraakt door de financiële en economische crisis.”
Van Brussel naar Straatsburg
Het is de week voor de verhuizing naar Straatsburg en Lenaers is volop bezig met de voorbereidingen voor de plenaire sessie die daar plaats zal vinden. De groene koffer waarin alle belangrijke documenten zitten die mee moeten naar Frankrijk, staat al klaar voor de deur van zijn kantoor. Lenaers is geen fan van het grote verhuiscircus dat iedere maand plaatsvindt: “We hebben nu een grote groep ambtenaren die in Brussel leeft en iedere maand voor een weekje naar Straatsburg moet en weer terug. Dat kost bakken met geld. Het is slecht voor het milieu. En het is absoluut funest voor het imago van de Europese Unie.’’
Waarom lukt het maar niet om de single seat erdoor te krijgen?
“De single seat kan alleen bereikt worden door het verdrag aan te passen. In het verdrag staat dat de zetel van het parlement in Straatsburg is en dat we daar per jaar 12 maandelijkse sessies moeten organiseren. Om dat aan te passen moeten de 28, straks 27, regeringsleiders met unanimiteit instemmen. In oktober gaan we twee keer, omdat we in augustus geen plenaire sessies hebben. Dat betekent dus: week in Straatsburg, week in Brussel, week in Straatsburg, week in Brussel. We hebben eens een plan bedacht om twee sessies in een week te doen in Straatsburg, zodat we maar een keer hoefden te gaan in oktober. Dat hebben we in stemming gebracht en het is in grote meerderheid aangenomen door het Europees Parlement. Toen is Frankrijk naar het Hof van Justitie gestapt. En na een aantal maanden delibereren heeft het de rechtbank uiteindelijk behaagd om Frankrijk gelijk te geven.”
Waarom zou de single seat in Brussel moeten zijn en niet in Straatsburg?
“Ik ben zelf voor Brussel, omdat dat praktisch is. Je zit hier met de raad en de commissie op een vierkante kilometer en anders krijg je een situatie waarin het zou zijn alsof je de regering in Den Haag neerzet en de Tweede Kamer in Parijs. Maar mijn allergrootste prioriteit is dat er een einde komt aan het verhuisgebeuren. Als er een praktische oplossing komt waarbij het parlement in Straatsburg kan zetelen, dan zal ik dat niet tegenhouden. Ik zou er veel voor over hebben om een einde te maken aan het verhuisgebeuren.”
Zal Frankrijk ooit akkoord kunnen gaan?
“Nee, tenzij we Frankrijk op een andere manier tegemoetkomen. Ik ben er zelf altijd voorstander van geweest om de Europese Raad naar Straatsburg te verhuizen. Een ander idee dat je nu hoort is om de twee EU-agentschappen die in Londen zitten naar Straatsburg te laten verhuizen. Als de Fransen daarmee akkoord zouden gaan, zou ik daar meteen mee instemmen. Maar Amsterdam heeft zich ook al kandidaat gesteld voor het Europese medicijnagentschap en het is voor de Nederlandse regering misschien interessanter om het Europees parlement lekker in Straatsburg te houden en het medicijnagentschap naar Amsterdam te laten verhuizen.
Ergens begrijp ik de Fransen ook wel. Er is ooit het idee geweest om het parlement van Straatsburg naar Brussel te verhuizen. Dan zouden we van Straatsburg de Europese Stad van het Recht maken. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens zit er al. Het Europees Hof van Justitie zou er naartoe verhuizen, net zoals de agentschappen Europol, Eurojust en het Internationaal Strafhof. Maar dat zijn drie instellingen die nu in Den Haag zitten. Ga er maar niet van uit dat de Nederlandse regering akkoord gaat om die instellingen naar Straatsburg te verhuizen. Het is wel makkelijk om Frankrijk de schuld te geven, maar Frankrijk heeft die instelling uit historische overwegingen gekregen.”
Bewijst dit niet dat lidstaten eerder concurrenten zijn dan samenwerkende partners?
“Het interessante is dat individuele lidstaten individuele belangen hebben. Dat zie je bij de meeste federatievormen, zelfs in de VS. En in 99% van de gevallen wordt een manier gevonden om over die belangen heen te stappen en een compromis te sluiten als er een gemeenschappelijk belang ervaren wordt. Maar in een klein deel van de gevallen zijn de belangen te groot of te politiek gevoelig. En dat is inherent aan de manier waarop de EU is ontstaan en hoe ze nu nog steeds georganiseerd is. De meest efficiënte staatsvorm is natuurlijk een dictatuur. Dan heb je de kortste lijntjes en de snelste beslissingen. Maar uiteindelijk is dat niet iets wat we willen hebben. United in Diversity is het motto van de EU. Die verscheidenheid moeten we koesteren. Als we de EU op lange termijn willen handhaven, moeten we vooral zorgen dat de lidstaten die de unie vormen daar op eigen tempo in mee kunnen gaan.”
Dat klinkt mooi, maar daar moet u toch ook wel eens hoofdpijn van krijgen?
“Natuurlijk, zeker op een aantal dossiers waar ik me mee bezighoud zijn de tegenstellingen heel scherp. Ik was verantwoordelijk in dit parlement voor de herverdelingsquota. Het idee was om asielzoekers te spreiden over verschillende Europese landen aan de hand van verplichte quota per land. Zo konden Griekenland en Italië ontlast worden. Ontlast is hier overigens een fout woord, want het gaat over mensen. Hoe dan ook, dit werd mij door mijn Oost-Europese collega’s niet in dank afgenomen. Zeker niet door die uit Polen, Tsjechië en de Baltische staten, die waren daar helemaal geen voorstander van.”
Is Europa te snel gaan uitbreiden?
“Ja, vind ik wel. Maar dat is heel makkelijk om achteraf te zeggen. In die tijden van optimisme na de val van de muur kun je wel begrijpen dat men toen zei: we hebben nu deze kans, we moeten na 50 jaar ellende het Europese continent weer één maken. Ik ga nu niet mensen bekritiseren die dat toen goedgekeurd hebben. Maar achteraf en analytisch bekeken, is dat te snel gegaan. De verschillen zijn groot. Maar we zijn in Europa geen eenheidsworst, en dat moeten we ook niet willen worden.”
