Banner FondsBJP samenwerkingstraject

— Geplaatst op donderdag 7 juni 2012, 16:26

(TWENTELIFE) Schilderen voor de ultieme shock

Tekst: Marcel van Rijnbach
Foto: Karin van der Meul

Schilderen om te shockeren, de pijn te voelen


“Schilderen om te shockeren, mensen de pijn te laten voelen als ze naar mijn schilderijen kijken”. Schilder Ronald Ophuis zegt het zonder blikken of blozen. De in 1968 geboren Hengeloër schildert in zijn Amsterdamse atelier gruwelijke taferelen van (oorlogs)geweld, excecuties en verkrachtingen. Minstens zo fascinerend als de inhoud is zijn werkwijze. Hij bezocht oorlogshaarden in Sierra Leone en Sebrenica om met daders en slachtoffers te praten over hun pijnlijke ervaringen. Aan de hand van zijn tekeningen laat hij  acteurs de situaties naspelen in zijn atelier, waarna Ronald de scènes op het doek zet. Een indringend portret van deze naar eigen zeggen schilderende oorlogsjournalist.


Als we hem ontmoeten in zijn atelier in Amsterdam-Zuid heeft Ronald recentelijk een expositie in de Creatieve Fabriek in Hengelo achter de rug. Terug op geboortegrond, tien jaar na zijn laatste tentoontstelling in het stadhuis van Hengelo. Hij kent de bezoekersaantallen en de respons nog niet, maar volgens Ophuis zit het wel snor. Zijn omstreden werk begint steeds bekender te worden; bezoekers weten wat ze van de extreme schilder kunnen verwachten. Ofwel de rauwe gruwelijkheid die gewone mensen in extreme situaties ondergaan. Ronald wil er begrip voor kweken dat deze praktijken helaas in deze wereld voorkomen. “In het begin kreeg ik veel reacties van afschuw en afkeer, maar nu zijn mensen vaak onder de indruk en vinden  het belangrijk dat deze afschuwelijke ervaringen onder de aandacht worden gebracht. Ik krijg best veel reacties van oorlogsveteranen die spontaan beginnen te vertellen welke gruwelijkheden ze hebben meegemaakt.”


Aan de Jacob van Lennepkade langs de gracht heeft Ophuis een ruim en licht atelier tot zijn beschikking. Ruimte heeft hij nodig om de metersgrote doeken op te zetten. Op de grond liggen de tubes verf, het palet en tientallen boeken, keurig in rijtjes onderverdeeld, die onder meer de oorlogshaarden beschrijven waarvoor Ronald gedurende zijn adolescente jaren een fascinatie voor heeft ontwikkeld. “Ik bereid me altijd terdege voor voordat ik een oorlogsgebied ga bezoeken”, zegt hij, terwijl hij koffie zet aan het groezelige aanrechtje. Rechts in de hoek worden we ruw met de neus op de feiten gedrukt welke trauma’s een oorlog met zich mee kan brengen. Op een groot doek houdt een kindsoldaat een revolver tegen zijn hoofd, op het punt om een zelfmoord te plegen. Het contrast met de tegenoverliggende muur van het atelier is pregnant; daar hangen relatief onschuldig ogende portretten van mensen met wie hij in Sierra Leone heeft gesproken.


De rauwe gruwelijkheid die gewone mensen in extreme situaties ondergaan


In december 2010 reisde Ronald met een cameraploeg naar het West-Afrikaanse land waar tussen 1991 en 2001 een bloedige burgeroorlog woedde. De schilder interviewde daar voormalige kindsoldaten die openhartig spraken over hun misdaden tegen de bevolking. “Waarom ik zo werk? Ik kan in mijn fantasie niet oordelen wat hen heeft bewogen. Ik wil toeschouwers van mijn werk laten zien waartoe mensen in staat zijn. Er is een reden voor, een bepaalde context. Daarom wil ik slachtoffers en daders zelf spreken.”

Samen met regisseur/documentairemaker Catherine van Campen kwam hij via twee voormalige kindsoldaten –die nu verbonden zijn aan vrijwilligersorganisatie Mind to Change- in contact met de jonge daders. “Ik was wel nerveus. Hoe zouden de jongens reageren als ik ze confronteer met hun misdaden? Ik ben recht voor zijn raap”. Tot zijn eigen verrassing vertelden de voormalige kindsoldaten heel openhartig over hun gruweldaden. Zakenlijk en schijnbaar emotioneel onaangedaan vertelden ze over hun ervaringen. Enkelen werkten anno 2010 bij de autowasserij. “De verhalen waren gruwelijk. Iemand vertelde hoe een groep een weddenschap afsloot om een zwangere vrouw op straat te verminken om te zien of de baby een jongen of een meisje was. Een ander zei dat hij zich voordeed als een vluchteling in een dorp waar de bevolking slecht had gesproken over de milities. “Dan werd er een hangslot door de lippen geslagen van de slechtsprekers en het sleuteltje in de rivier gegooid. Hoe gruwelijker de daden, hoe meer aanzien een kindsoldaat in zijn peloton kreeg”.


“Het kostte me geen moeite kindsoldaten openhartig over hun gruweldaden te laten vertellen”


Ronald was best verbaasd hoe openhartig en spontaan de voormalige kindsoldaten antwoorden gaven op zijn directe vragen. Zeker als je weet dat de schilder vantevoren zijn gesprekspartners laat zien wat hij schildert en wat zijn intenties zijn. “Het kostte me geen moeite om hen over hun gruweldaden te laten vertellen. Vergeet niet dat deze kinderen gedwongen en gedrogeerd werden met medicijnen om deze misdaden te plegen. Ze waren in een scenario van een slechte film beland. Daar komt bij dat geweld in Sierra Leone een heel andere betekenis heeft dan in Nederland. Het is een normaler onderdeel van de maatschappij”.


Ronald spreekt ogenschijnlijk nuchter en onaangedaan over zijn ervaringen in Sierra Leone. Tijdens de interviews kon hij zijn emoties afsluiten en helemaal opgaan in de verhalen van de kindsoldaten. Critici vinden dat Ophuis in zijn werk niet begaan lijkt met de slachtoffers die hij zonder scrupules lijdend afbeeldt. Maar achter het professionele schildersmasker gaat wel een gevoelige persoonlijkheid schuil. “Alleen komen die gevoelens pas tot uiting als ik terug ben in Nederland en met mijn vrouw en kinderen over mijn reiservaringen praat. Daarna schaam ik me er best voor om een gruwelijk tafereel als het opensnijden van een lichaam te schilderen. Dan moet ik een psychische grens over.” Niet voor niets kan Ronald enkele maanden tot zelfs een jaar doen over één schilderij.

“Het is ook niet altijd even makkelijk om aan geschikte acteurs te komen die een verkrachting of geweld willen uitbeelden. Dat gebeurt overigens niet letterlijk natuurlijk; het gaat mij om de houdingen en de lichamelijke expressie. Maar hoe vind ik een groepje zwarte jonge acteurs die zogenaamd in het lijf van een zwangere vrouw willen snijden? Dat wordt nog zeer lastig!” Ronald schakelt castingbureaus in om de taferelen te ensceneren. “Acteurs geven de input die ik nodig heb. Ik heb de scène getekend en die moet tot leven komen. Nee, met kindacteurs werk ik niet als het gewelddadige taferelen betreft. Dan gebruik ik een pop”.


“Je moet je altijd afvragen wat misdadigers gedreven heeft”


De hamvraag is natuurlijk wat Ronald Ophuis gedreven heeft tot deze niets ontziende schilderkunst. Wat en wanneer heeft het hem bezield iemand om gruweldaden tot in detail uit te beelden? Dan moeten we terug naar zijn jeugd en periode als student bij de AKI in Enschede. Al jong genoot hij van gewelddadige bijbelse schilderingen. “Daar zie je duidelijk een grens tussen goed en kwaad, iets dat mij inspireerde. Ik had de behoefte om dichterbij het leed van de mensen te komen”.

Ronald had in zijn jeugd al een voorliefde voor heldhaftige cowboys, indianen, Hell’s Angels en straatbendes die elkaar naar het leven stonden. Ook tekende hij veldslagen. “Het waren de fantasieën van een kind”. Een kind dat –om alle misverstanden uit de weg te ruimen- niet in een gewelddadig milieu is opgegroeid. Nee, het ‘geweld’ bleef beperkt tot onschuldig oorlogje voeren en fikkie stoken bij de bunkers van vliegveld Twente. “Nou ja, ik heb ook wel eens een steen op de rails gelegd om te zien of een trein ontspoorde. Dat gaf een heel spannend gevoel”.

Na een minder inspirerende periode op de Rietveld Academie openbaarde Ronald’s schilderstijl op de AKI. Daar kreeg hij van de docenten de ruimte om zijn fascinatie voor geweld op het doek vorm te geven. Hij begon oorlogsfoto’s te verzamelen en de afbeeldingen te vertalen naar schilderijen. Een jaar na zijn studie toog hij naar de concentratiekampen Auschwitz/Birkenau en las de dagboeken van de voormalige gevangenen over hun gruwelijke vernederingen en martelingen.

De basis voor zijn huidige manier van voorbereiding legde Ronald in 2003 in Sebrenica, de nachtmerrie van politiek en militiair Nederland. Daar interviewde hij mensen die geëxecuteerd waren,

maar het overleefd hadden. Op zijn doeken toont hij onder meer het lijden van verkrachte vrouwen en de angst en eenzaamheid die hen omringt. “Ik was flink zenuwachtig, maar mijn gids wist precies wat ik wilde weten. Het is boeiend om te ontdekken dat mensen heel openhartig worden als ze flink hebben geleden. Ik heb ook Servische militairen gesproken die mensen hebben omgebracht. Zij geloofden heilig in hun zaak; ze kenden geen berouw.”  Ronald verbleef in de voormalige enclave op een delicaat moment, tijdens de herdenkingsdienst van de gevallen moslim-mannen die geïndentificeerd waren in een massagraf. “Ik heb die dienst meegemaakt. Dat maakte wel indruk op me. Het gejammer van de weduwes, versterkt door de luidsprekers.” Aan de andere kant toont hij ook begrip voor de Servische soldaten. “Als mensen mijn schilderijen zien, hoop ik dat ze de daders niet gelijk veroordelen. Je moet je altijd afvragen wat hen daartoe gedreven heeft. Ik hoorde in Sebrenica dat moslims Servische dorpen geplunderd hebben. Ik praat niet goed wat daar is gebeurd, maar dan begrijp je iets beter waarom de Serven wraak wilden nemen”.

Het mag geen betoog dat zijn schilderijen weerstand oproepen. In 1997 wordt een van zijn werken verwijderd uit de expositie in de Deventer Bergkerk. Na rechterlijk bezwaar van Ronald komt het schilderij terug. “Twee keer is geprobeerd mijn schilderijen te vernietigen. De officier van justitie zette mij weg als een kinderpornograaf, maar de rechter oordeelde het tegenovergestelde. Er zijn geen kinderen voor het bewuste schilderij misbruikt, het werk is bedoeld als aanklacht. Ik heb wel degelijk ethische grenzen die ik nooit zal overschrijden”.

 

 

Categorieën: lifestylemagazine Twente Life, Ronald Ophuis, schilder, shockeren

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Uitgever

Susanna Leliman

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Factuurgegevens

Villamedia Uitgeverij BV
Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Chris Helt, hoofdredacteur

Marjolein Slats, coördinator magazine

Lars Pasveer, redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven, redacteur

Syb van Ruiten, stagiair

Sales

Sofia van Wijk

Emiel Smit

Webbeheer

Jelle Dijkstra | BuroDenG!

Vacatures & advertenties

vacatures@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.