website over journalistiek

x

Villamedia heeft een app

 

Exclusieve inhoud Sluiten

Een NVJ-lid heeft dit artikel met je gedeeld. Gratis een maand alles lezen? Klik hier.

Een NVJ-lidmaatschap geeft je recht op:

  • Persoonlijk advies
  • Juridisch advies & rechtsbijstand
  • Perskaart
  • Korting op cursussen
  • Villamedia magazine

Word lid Verder lezen

We schamen ons nergens meer voor

Sjoske Cornelissen — Geplaatst op Wednesday 23 April 2014, 12:42

© Truus van Gog

Op zoek naar de ‘freakshow’ of interesse in mooie verhalen? Tegenwoordig delen we alles met elkaar, of het nou gênant is of niet. Opmerkelijke verhalen staan niet alleen meer in de vrouwenbladen, ook de kwaliteitskranten zien hun kans schoon. En of het allemaal klopt, is niet onze eerste zorg.

‘Ik ben op zoek naar een vrouw (20-40 jaar) die met een vriendin, zus, kennis oid heeft “geruild” van man. Het gaat niet om een partnerruil, maar echt om een relatie. Ze vonden elkaars mannen toch leuker; iets in die trant. Iemand?’ In de Facebookgroep ‘Roept u Maar’ staan er veel: oproepjes van journalisten die zoeken naar een bijzondere bron of een bizar verhaal. Een uurtje scrollen in Face­­book­groepen als deze levert een bonte verzameling van ‘freakshowbronnen’ op. Ook via Twitter en andere online platformen vinden journalisten geregeld de juiste bronnen. Veel stukken belanden uiteindelijk in de vrouwenbladen, maar ook de kwaliteitskranten plaatsen tegenwoordig dit soort verhalen. Want zeg nou zelf; we willen allemaal weten waarom Vanessa van driehoog-achter uit Elst een bil­implantaat heeft laten aanbrengen.

Journalist Annemarie Moerman richtte twee jaar geleden de Facebookgroep ‘Roept u Maar’ (RuM) op en ziet bijna dagelijks vreemde verzoekjes van journalisten voorbij komen. ‘De echt hele ingewikkelde oproepen krijgen weinig tot geen respons’, vertelt Moerman. ‘Als het om hele intieme zaken gaat, zullen weinig mensen roepen “Ja! Ik wil wel.” Misschien gaat het dan via een privébericht, maar daar heb ik geen zicht op.’ RuM telt inmiddels ruim 4000 leden, maar dat zijn niet alleen journalisten. Moerman: ‘Er zitten veel mensen tussen die het gewoon leuk vinden om eens geïnterviewd te worden. Maar alleen journalisten mogen een oproep plaatsen, anders wordt het onoverzichtelijk’.

Al die oproepjes en zoektochten leidden afgelopen maand onder meer tot een wekelijks verhaal in de Viva waarin een lezeres vertelt over haar ‘verborgen gebrek’, ditmaal Claudia die niet kan klaarkomen. En een persoonlijk verhaal van Melanie die regelmatig seks heeft met gehandicapten, omdat zij volgens haar ook intimiteit verdienen. Marie Claire plaatste een ingewikkeld relatieverhaal: ‘Mijn minnaar verliet zijn vrouw voor mij, maar nu ben ik hem beu’. In de carrièrebijlage van nrc.next staat een interview met tweelingzussen die beiden aan het werk gingen als model, maar waarvan er maar één topmodel werd. En het Algemeen Dagblad interviewde een man die op 1,5 jarige leeftijd een scheut kokend theewater over zich heen kreeg en derdegraads brandwonden opliep.

Freelance journalist Nathalie Driessen is geregeld op zoek naar bijzondere bronnen. Zo interviewde zij recent seksverslaafden voor de portrettengalerij in LINDA. Driessen: ‘Het lukt me altijd, maar soms met moeite. Ik probeer mijn bron het nut van hun relaas te laten inzien. Kandidaten kunnen lezers helpen of inspireren.’ Driessen vindt regelmatig bronnen via een instantie of kliniek. ‘Maar kandidaten voor mijn rubriek Liefde en Lust in Flair vind ik vrijwel altijd via sociale media, zoals Facebook en Twitter of binnen mijn eigen kennissenkring.’ Driessen checkt de verhalen niet, maar gaat uit van goed vertrouwen. ‘Als ik iemand via een instantie heb gevonden, weet ik zeker dat het klopt. Maar aan mensen die ik vind via Facebook of Twitter vraag ik of het waar is wat ze vertellen.’

Corine Koole maakt voornamelijk dramatische verhalen. Voor de portrettengalerij in LINDA. was Koole op bezoek bij de ouders van een kind met kanker. ‘Bij binnenkomst begon ik me direct te verontschuldigen dat het voor een stukje was van maar 250 woorden.’ De zoektochten van Koole naar bronnen duren nooit erg lang. Veel bronnen voor verhalen in LINDA. vindt Koole via een oproep op de website van het blad. ‘Facebook gebruik ik niet, ik struin het internet af en zoek via lotgenotenverenigingen’, vertelt Koole. ‘Ik heb goede titels achter me staan en iedereen wil wel een keer in LINDA. staan.’

Koole interviewde recent ook mensen met een depressieve partner. Ze ziet zichzelf absoluut niet als een ‘freakshowjournalist’. ‘Het draait om mooie verhalen, ik maak er geen freakshow van.’ Koole checkt haar verhalen nooit. ‘Het hoeft niet echt gebeurd te zijn, het liefste natuurlijk wel, maar het gaat mij om het verhaal.’ Ze zegt dat 99 procent van haar verhalen waargebeurd is, en dat 1 procent misschien niet waar is. ‘Dat vind ik niet erg.’ Op het moment dat redacties een verhaal zelf verzinnen, vindt Koole dat wel kwalijk. ‘Als iemand iets aan mij vertelt wat onwaar blijkt te zijn, dan is het alsnog een mooi verhaal. Ik als journalist ben dan niet degene die het heeft verzonnen.’

Freelancer Saskia Smith (op de foto) moest vorig jaar op zoek naar gênante poepverhalen voor een stuk in Esta. Het verhaal ging over welke lichamelijke en psychische klachten je kunt krijgen bij problemen met ontlasting. ‘Om te voorkomen dat het een droog verhaal zou worden, wilde ik het opleuken met gênante poepverhalen. Ik heb een mail gestuurd naar vrienden en familie en uiteindelijk kreeg ik veel reacties. Iedereen heeft wel eens iets beschamends meegemaakt op het gebied van poep. Zo vertelde een vriendin van een vriendin van mij dat ze over de reling van een boot had moeten hangen bij gebrek aan een toilet aan boord.’

Een andere oproep die Smith kortgeleden deed, ging over het betrapt worden door je kind tijdens de seks. Smith deed een oproep in de Facebookgroep ‘Freelance Journalisten Netwerk’ en vond zo een aantal dames die anoniem wel een boekje open wilde doen. Volgens Smith is dit een onderwerp waarover niet zo gauw wordt gepraat. ‘Ik vraag ’s ochtends niet aan mijn collega of de kinderen nog in haar slaapkamer zijn geweest’, legt Smith uit. Toch zijn dit verhalen die graag gelezen worden. ‘We nemen graag een kijkje in het leven van een ander’, zegt ze. Ook Smith besteedt niet veel tijd aan het checken van haar verhalen. ‘Ik ga ervan uit dat mensen die instemmen met een interview de waarheid spreken. De producties die ik maak gaan vaak over gevoelens, ik kan me niet voorstellen dat iemand die verzint.’ In tegenstelling tot Koole zou Smith het wel erg vinden als een verhaal onwaar blijkt te zijn. ‘Ik zou me genaaid voelen als blijkt dat iets niet klopt, zeker als ik veel tijd heb gestoken in een persoonlijke productie over iemand’, vertelt ze.

Media­socioloog Peter Vasterman ziet in alle aandacht voor persoonlijk drama een trend. We zijn duidelijk de schaamte voorbij. ‘Als samenleving vinden we dat alles besproken moet kunnen worden, ook zaken waarvoor we ons eigenlijk schamen. Het menselijke aspect is belangrijker geworden.’ Ook mediaethicus Huub Evers ziet een tendens. ‘Als samenleving vinden we dat een relatie je eigen verantwoordelijkheid is, niemand wordt meer iets opgelegd. En dat zorgt voor nieuwsgierigheid.’

Door deze verandering is bij veel journalisten de aanpak veranderd, en dat vindt Vasterman zorgelijk. ‘Journalisten werken vaak met een voorgebakken verhaal, waar pas later een passende bron bij wordt gezocht. Vervolgens moet deze bron aan veel specifieke eisen voldoen om in het plaatje te passen. Dat is de omgekeerde wereld. Door goed onderzoek te doen, vind je vanzelf de juiste bron.’ Koole is het met Vasterman eens. ‘Ik erger me ook aan interviews met een vooropgezet idee waarmee de journalist zijn gelijk probeert te halen. Maar ik ben daar de uitzondering op. Ik ga juist het liefst zo onvoorbereid mogelijk op pad.’ Smith denkt er hetzelfde over. ‘Ik ben het ermee eens dat het niet goed is als een bron in een bepaalde hoek wordt gedrukt. Maar zeker niet iedereen doet dat. Ik denk dat veel journalisten wel gedegen onderzoek doen.’

Dat human interest-verhalen eerst alleen in vrouwenbladen stonden, maar nu ook in veel kwaliteitskranten, merken Evers en Vasterman allebei. Evers: ‘De tweedeling met aan de ene kant serieuze media en aan de andere kant infotainment is aan het vervagen. Er is nauwelijks meer sprake van een scheiding. De media vervagen zelf ook, omdat zij meegaan met de ontwikkelingen van de samenleving. Dat is niet tegen te houden.’ 

Voor de hoofdredacteur van Marie Claire, Claudia Straatmans, is em­­powerment heel belangrijk. Per­soon­lijke verhalen over onder meer relaties, moeten de lezer vooral inspireren. ‘Wij willen dat vrouwen zich door elk verhaal sterker voelen. Het zorgt ervoor dat lezers zich achter de oren krabben en denken: “zo kan het ook” of “zij zit in een veel ergere situatie.”’ Volgens Straatmans worden deze verhalen graag gelezen omdat het een kijkje geeft achter deuren die normaal gesproken gesloten blijven. ‘Gluren bij de buren. De rubriek “In vertrouwen” doet het al sinds de oprichting van Marie Claire in 1981 heel goed’, vertelt Straatmans.

Vasterman begrijpt dat een journalist zich wil onderscheiden van de rest met een extreem verhaal, maar er is een grens. ‘Je moet het goed aanpakken, soms is er niet veel journalistieks meer aan.’ Vasterman wijst op de Tumblr-pagina ‘Journaluistiek’, waar oproepen worden verzameld die laten zien dat journalisten soms omgekeerd te werk gaan: ‘Ik ben op zoek naar een meisje met een vertekend zelfbeeld. Iemand met anorexia of obesitas of een laag zelfvertrouwen. Iemand die zichzelf een onvoldoende zou geven als je haar naar een cijfer voor haar uiterlijk zou vragen.’ En sommige journalisten zijn überhaupt nog op zoek naar een ‘opmerkelijk verhaal’: ‘Ben of ken jij iemand met een bijzondere passie? En wil je meewerken aan een interview?’

Volgens Carolien Vader, bladenmaker en adviseur, is de verlaagde taboegrens de grootste oorzaak van de zoektochten naar bizarre bronnen. ‘Vroeger was informatie over geboortebeperking heel heftig, nu slikken we allemaal de pil. We gaan op zoek naar nieuwe taboes.’
De barre tijden waar bladen nu in verkeren, spelen ook een rol. ‘Ieder tijdschrift gaat op zoek naar een extreem verhaal dat goede coverteksten oplevert’, zegt Vader. ‘En tegenwoordig is het proces achter de schermen zichtbaar. De oproepjes die nu op sociale media worden geplaatst, verliepen vroeger binnen iemands eigen netwerk.’

Tips
• Freelance journalist Nienke Blokhuis post regelmatig een zoekopdracht via het Twitter­account of de website van haar opdrachtgever.
• Gebruik de nieuwe tool van Facebook: ‘Facebook Graph Search’. Vooralsnog alleen in het Engels beschikbaar, maar een handige zoekfunctie. Zo kun je mensen vinden met specifieke kenmerken, zoals: ­‘People who speak dutch that live in London’.
• Saskia Smith adviseert om een oproep te plaatsen op www.persvraag.nl. Eenzelfde soort website is het kort geleden opgerichte www.helpeenjournalist.nl.
• Claudia Straatmans is groot voorstander van old skool journalistiek bedrijven. Ze benadrukt dat de talloze verenigingen, organisaties en instellingen niet vergeten moeten worden.

Nog geen reacties

Om te reageren moet je een Villamedia Account hebben en moet je eerst ingelogd zijn.

Smart octo banner