— vrijdag 20 mei 2011, 09:59 | 0 reacties, praat mee

Trage nieuwsfotografie

Documentaire fotografie, de stille variant van fotojournalistiek, schreeuwt om aandacht. Het nieuwe festival Dutch Doc Days biedt de groep gedreven beeldenmakers drie dagen lang een platform. De organisatoren hebben een missie: ‘We willen hun geweldige verhalen in de wereld zetten.’

Beide organisatoren komen van oorsprong niet uit de fotografie, maar de liefde voor de documentaire fotografie heeft zich intus­-
sen diep genesteld. Eric Wie heeft vanuit het kunstenaarschap eerst het terrein van de communicatie en reclame verkend. Zijn compagnon Bob Witman was chef Kunst bij de Volkskrant en hoofdredacteur van het gratis dagblad DAG.

‘Wat ons bindt is een voorliefde voor cultuur en fotografie’, zegt Wie. ‘En we richten onze blik graag op de wereld’, vult Witman aan. ‘Het komt allemaal samen in de documentaire fotografie.’ Ze vertellen over hun ideeën in een provisorisch kantoor op de noordoever van Amsterdam, gevestigd in de voormalige Shell bedrijfsgebouwen.

Samen hebben ze zich zakelijk en organisatorisch ontfermd over een festival dat vorig jaar als een eendaagse manifestatie begon: de Dutch Doc Award. In zijn tweede editie zal het eerbetoon aan de Nederlandse foto­documentaire zich over meerdere dagen uitspreiden, in de vorm van de Dutch Doc Days.

Plaats van handeling: het Utrechtse Museumkwartier. De stichting Dutch Doc Photo zet zich in voor een genre dat definiëring behoeft.

Witman: ‘Het genre beweegt zich in het gebied tussen nieuwsfotografie en kunstfotografie en heeft drie gemeenschappelijk kenmerken. Ten eerste: de persoonlijke fascinatie van de fotograaf. Hij of zij is gedreven en begaan met het onderwerp. De persoonlijke kijkrichting is bepalend, meer dan in nieuwsfotografie. Ten tweede: het is langzame journalistiek. De fotograaf neemt tijd en ruimte om stil te staan bij onderwerp. Ten slotte: het fotoverhaal kan verteld in combinatie met documenten of tekst die samen het project vormen.’

Wie: ‘Het is nooit één foto. Het is op zijn minst een beeldverhaal. In de nieuwsfotografie moet één foto vaak de gebeurtenis verklaren. Er is nog een verschil. In de documentaire fotografie zie je veel samenwerkingsverbanden, bijvoorbeeld tussen fotograaf en journalist, grafische ontwerper of ontwerper. Op academies ontstaan al koppeltjes. De loslopende fotograaf, de lonesome cowboy met filmrolletjes in een los hesje, die is niet meer van deze tijd.’

Slow journalism, tijd en aandacht voor één productie, is volgens beiden het antwoord op de oppervlakkigheid en snelheid die de standaard is geworden in het huidige tijdperk. Een lawine van beelden komt over redactie en publiek. Te vaak ontbreken detaillering en diepte.

Witman: ‘Dat denken wij wel. We willen de fotograaf niet per se die richting opduwen, het is gewoon een behoefte die er is. Bij publiek, maar ook bij de media. Die tonen vaak de wil, maar hebben het geld niet om deze producties in te kopen. En het publiek heeft ook behoefte aan duiding en context. Eén foto roept vaak meer vragen op dan antwoorden. Documentaire fotografie is het zoeken naar antwoorden die de mensen interesseren.’

Wie: ‘Er is een groeiende groep mensen die kiest voor de langzame variant van het leven, zoals je ziet bij slow food. Zo is er ook behoefte aan slow journalism. Niet alleen maar snelle fotootjes geschoten vanaf mobieltjes.’

Witman: ‘We zetten ons niet af tegen de fotojournalistiek. Het snelle beeld hoeft niet slecht te zijn. Ik heb mateloos respect voor die fotografen. We weten allemaal hoe een iconisch beeld als het Napalm-meisje in Vietnam de wereld kan beïnvloeden. Die kracht kan het ene beeld hebben. Maar het langzame beeld, verder weg van het nieuws, moet meer bevochten worden.

Je ziet ook bij World Press Photo en de Zilveren Camera dat hun onderscheidende projecten in de richting documentaire en multimedia verschuiven. Ze herkennen de kwaliteit van documentaire fotografie.’

Witman: ‘Er is een onverzadigbaarheid van beelden. Tegelijkertijd zijn beeldredacties voor een deel uitgekleed, alleen bij de grote kranten nog niet. Onder dat hoge segment zitten media die het niet zo nauw nemen met fotografie. Daar zijn veel fotoredacteuren verdwenen. Het maakt niet uit wat beeld is, en het moet vooral geen geld kosten. Als journalist het zelf kan, moet hij het zelf doen. Lange tijd keerden fotografen zich hardvochtig tegen die ontwikkeling. Ik weet niet of het de beste houding is, want traditionele media zien nu eenmaal hun economische basis afkalven. Droevig is het wel om te zien dat de kwaliteit afneemt.’

Wie: ‘Vroeger kwam de fotograaf de redactie oplopen, kreeg een opdracht en geld mee en wandelde weg. Die luxe is er niet meer. De relatie tussen de fotograaf en redacties is veranderd.’

Witman: ‘De toevloed aan foto’s, goedkope foto’s, is enorm. De concurrentie is groot. De fotograaf moet zich ertussen wringen, dat is heel moeilijk. De omgekeerde beweging is er ook. De onderscheidende fotografen komen boven drijven, ze worden zichtbaar. Ze krijgen opdrachten van grote instituties, zoals NGO’s. Het zijn prachtige producties, als tegenwicht voor alle vervuiling.’

Wie: ‘Fotografie zit in lift, tegelijk staat ze onder druk. Het opvallende is dat vooral in Nederland veel fotografen tijdens hun opleiding kiezen voor documentaire fotografie. Ze vinden het praktisch om aan de kant van de nieuwsfotografie te staan, de reportagevorm, om er later mee aan de slag te gaan. Tegelijkertijd biedt het de luxe om zich te ontwikkelen tot auteur van eigen verhalen. Bij de master opleiding van de kunstacademie Sint Joost in Breda zie je bijna alle studenten zich richten op documentaire fotografie. Het is een gewilde richting onder jonge fotografen. Begrijpelijke, want ze krijgen de ruimte: doe wat je wilt, onderzoek, neem alle tijd, ontwikkel je als fotograaf. Wie zou er zo niet willen beginnen?

Tegelijk is er de ontwikkeling dat fotografie tussen reportage en kunst een eigen plek probeert te verwerven. Maar het is moeilijk om uit reportagefotografie je werk te halen. In onze longlist van veertig producties is er maar één fotodocumentaire in opdracht gemaakt, Non stop ROTEB van Carel van Hees. De andere 39 producties konden er dankzij subsidies komen. De jury en wij vinden dit geen goede situatie.

Lang was er veel ruimte voor een fotograaf. Als je talent en een goed plan had, en je had je opdracht goed geformuleerd, dan kon je een subsidie krijgen. Dat is aan het verdwijnen, fotografen komen in de knel. Aan ons de taak om opdrachtgevers aan documentaire fotografie te koppelen.’

Witman: ‘De geboorte van deze prijs komt voort uit discussie en de behoefte van fotografen zelf. Hoe moeten we verder, dat is een belangrijke vraag. Het is een initiatief van de Utrechtse club Fotodok en het Fonds BKVB. Documentaire fotografen verlangen naar context en een platform. Als organisatie willen we meer begrip kweken voor hun werk en het meer zichtbaar maken in binnen- en buitenland. Documentaire fotografie moet in niet eigen land blijven, in zichzelf gekeerd, maar zich spiegelen aan de internationale context.’

Wie: ‘Documentaire fotografen en kunstenaars raken elkaar steeds meer. Fotojournalisten exposeren in galeries, zonder het gezeur van een redacteur. Het is heel aantrekkelijk voor een fotograaf om de kunstkant op te drijven. Wij willen ze juist richting media duwen.

Witman: ‘Kranten en tijdschriften zijn de natuurlijke omgeving om verhalen te vertellen. Het is belangrijk om fotografen naar voren te schuiven, als auteur van hun eigen werk. In de VS is een belangrijke ontwikkeling gaande. Kranten hebben het er ook moeilijk, maar grote instituten, zoals de New York Times, maken tegenwoordig prachtige multimediale producties. Ze zien de fotograaf als een persoon en stellen hem voor aan het publiek. Dat vind ik een mooie toevoeging aan de documentaire journalistiek. Het heeft zin om de fotograaf als auteur neer te zetten, om te laten zien wat zijn persoonlijke visie op een onderwerp is. Natuurlijk is het onrealistisch te denken dat de Volkskrant of de NRC over zoveel geld als de NYT beschikken, maar wij willen ze helpen.

Wie: ‘Wij bieden redacties actuele, persoonlijke producties aan. Bij de genomineerden voor de Dutch Doc Award zit kwalitatief heel sterk werk. We kijken wie ergens bij past, bij Binnenlands Bestuur, Psychologie Magazine of een ander medium. Ze mogen het gratis plaatsen.’

Wie: ‘Het is de manier om te laten zien wat voor goede fotografie er wordt gemaakt. We nemen belemmeringen voor de bladen weg. Het artikel moet het tijdschrift meerwaarde geven en de lezers de ogen openen: dít is wat er in Nederland wordt gemaakt.

Witman: ‘Vaak betalen de bladen wel iets. Gratis plaatsing is een hulpmiddel. Je geeft het werk weg, maar de fotografen krijgen er een platform voor terug. Als je werk niet wordt gezien, dan is het dood. Natuurlijk bespreken we de kwestie vooraf met de fotografen. Ze hebben het laatste woord. De meesten gaan er toch in mee. Op den duur moet de fotografie wel een economische basis krijgen.

De kern is: er wordt van de fotograaf iets anders gevraagd. Vroeger kreeg je een opdracht, voor een bijlage, en je ging een maand op pad. Dat kan niet meer, als fotograaf moet je flexibel zijn. Je moet samenwerken en je vragen stellen. Wat ga ik maken, voor wie en hoe ga ik het financieren, maar op een andere manier? Subsidies vallen weg. Ik wil dat fotografen gaan debatteren. Wat gaan we eraan doen om toch mooi werk te blijven maken? Onze heroveringslag is daarom tegelijk een overlevingsstrategie.’

www.dutchdocaward.nl


——-

Bekijk meer van

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.