— donderdag 22 juli 2010, 17:07 | 4 reacties, praat mee

Pro-actieve journalistiek

Er is de afgelopen eeuw een heleboel veranderd in de manier waarop kranten worden gemaakt, maar één ding is altijd hetzelfde gebleven: de krant is een grotendeels passief medium. Het wacht af tot de wereld zich opdringt, probeert daar vervolgens wat van te maken en schotelt dat lezers voor.

Laatste wijziging: 24 augustus 2010, 11:01

Dat is misschien journalistiek gesproken een pure houding, die van de nobele asceet die zonder banden met de buitenwereld een onbelemmerd oordeel kan vellen. Maar het is ook een belangrijke oorzaak voor de commerciële problemen die de krantenjournalistiek heeft. We moeten als journalisten nieuwe spannende wegen in durven slaan, de wereld ook naar onze hand zetten. Laten we dat eens pro-actieve journalistiek noemen.

Ik denk even hardop. Misschien begint de nieuwe fase van de krant wel met de vaststelling dat je niet alleen een lezerspubliek bedient, maar ook een smaakgemeenschap. Natuurlijk is het de taak van de krant de feiten te vergaren en de lezer duidelijk te maken wat er in de wereld speelt. Maar die lezer is anno 2010 geen mijnheer meer die in de leunstoel geduldig de verstandige gedachtegangen van de asceet eens pijprokend herkauwt. We leven er op los, gaan naar concerten en restaurants, op vakantie en kopen een auto en verwachten steeds meer dat de media ons daarin ook bedienen. We facebooken, twitteren en commenten, we interacteren. We inhaleren media nog steeds, maar we blazen het ook uit.

De serieuze journalistiek zou die actieve houding meer moeten begrijpen en adopteren. We moeten bewonderend kijken naar de Libelle zomerdagen en de EO jongerendag, en misschien had restaurant Dauphine een meer inhoudelijke rol in FD en BNR moeten krijgen. De vraag is eigenlijk heel simpel: als we als krant zo goed weten welke concerten en films ons publiek leuk zou moeten vinden, waarom organiseren we die dan niet?

Ik zag in Thailand een krant die wekelijks een cursus Engels en een cursus Computerkunde in de kolommen meestuurde. Het waren er de best gelezen rubrieken. Voor lezers zijn krantenbedrijven betrouwbare bronnen van informatie, van deskundige opinies waar je wat mee kan. Als mensen naar de journalistiek opkijken om iets te leren waarom geven we dan geen cursussen? Waarom ontsluiten ze geen populair-wetenschappelijke lezingen? Waarom kopen mediabedrijven altijd andere mediabedrijven, maar niet de LOI, de Paradiso, de Djoser of de Pathé? Kent iemand interessante voorbeelden van het tegendeel?

We kennen al kranten met webwinkels, wijnshops, autosites en datingdatabases, en dat is prima. Maar die liggen toch meer in het verlengde van de aloude advertentie, zijn uit het defensief geboren en hebben geen inhoudelijke bijdrage. Op het moment dat de krant je smaak organiseert, met het papier en de site als etalages, liggen er commerciële kansen, maak je je minder kwetsbaar van de advertentiemarkt. Je bindt een grote groep liefhebbers nog nadrukkelijker aan het papier. Ook de jonge groep.

Een mogelijk probleem zit em in de onafhankelijkheid van je redactie, dat snap ik. Je gaat inhoudelijke koppelingen maken die commerciële waarde opleveren, en dat levert lastige situaties op. Ook voor mij is die onafhankelijkheid heilig en de kern van ons beroep. Maar er zijn geen gemakkelijke keuzes meer.
Wellicht moeten we objectiviteit anders definiëren en is transparantie daarin dan de sleutel. Misschien moeten we gewoon goed laten zien welk concert we zelf hebben georganiseerd en welke we eerlijk hebben gerecenseerd. Welke restaurants we zelf exploiteren (‘dit recept kunt u deze week eten in Restaurant Next’) en welke concurrenten in alle vrijheid door Johannes van Dammen worden bezocht. Het probleem is volgens mij reëel maar niet onoplosbaar.

Onderzoeksjournalistiek, het checken van feiten, het doorsnuffelen van databases en het kraken van voorlichters, het moet allemaal blijven gebeuren. Maar misschien kunnen we ook wat minder krampachtig omgaan met onze andere rol: we zijn organisatoren van smaak en van de bijbehorende proevers. We brengen de feiten, maar we brengen ook ons publiek in contact met mooie dingen en met elkaar. Pro-actieve journalistiek. Daar is niks mis mee.

Erik van Heeswijk

http://www.twitter.com/erikvh
http://nl.linkedin.com/in/erikvanheeswijk

 

Bekijk meer van

Tip de redactie

Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee

4 reacties

Jacq Zinken, 26 juli 2010, 13:06

In zekere zin heeft de journalistiek altijd al een ‘proactieve’ component gehad. Veel journalisten hebben de lezers/ontvangers altijd al iets willen leren, of hen een bepaalde richting op willen sturen. Zelfs in de ‘rigide’ opvatting die Van Heeswijk bekritiseert stond en staat de informatie altijd nog ten dienste van een breder inzicht en de mogelijkheid dat de ontvanger daar iets mee doet. Het is mij derhalve in het geheel niet duidelijk wat hij met zijn betoog wil zeggen. Ik vrees dat het neerkomt op de zoveelste poging de journalistieke integriteit ‘op te rekken’ tot het ruimhartiger toelaten van commerciële activiteiten. Om daar het label ‘proactieve journalistiek’ op te plakken, sticht alleen maar verwarring. Er is niks mis met commerciële activiteiten, ook niet van journalisten, maar laat het onderscheid met journalistiek onafhankelijke activiteiten vooral helder zijn en blijven.

Harm Hofmans, 27 juli 2010, 13:21

Dag Jacq,

Volgens mij is dit niet de zoveelste poging om de journalistieke integriteit, of onafhankelijkheid, op te rekken. Het is juist een poging deze te herdefiniëren.
De ‘proactieve’ component van journalistiek wordt wel uitgebreid. Dit gebeurt door activiteiten te ontplooien waar jouw smaakgemeenschap behoefte aan heeft.

Volgens mij zijn van Heeswijk, jij en ik het erover eens dat het onderscheid tussen onafhankelijke journalistiek en nevenactiviteiten helder moet blijven. Aan journalisten de taak om deze onafhankelijkheid te benadrukken bij het aangaan van commerciële activiteiten. Dit zodat zij ook daadwerkelijk een negatieve recensie kunnen schrijven over het concert dat door henzelf georganiseerd is.

Als dat kan, wordt de betrouwbaarheid van je publicatie benadrukt en blijf je een integere ‘informatievoorziener’. Als dat niet kan (de smaakgemeenschap vond het concert beroerd, evenals jouw enthousiaste recensie) dan vinden de leden van jouw smaakgemeenschap elkaar vanzelf. Hun negatieve oordeel over jouw recensie schaadt de integriteit van je publicatie. Leve de transparantie.

Flip Dotsch, 29 juli 2010, 16:15

Uitgaande van de ‘lerende mens’ vormen kennis en kunde altijd een aantrekkingskracht. De bijgevoegde cursus zal inderdaad een succes zijn/worden indien de lezersgroep aansluit bij deze kennisoverdracht.

Ik vraag me wel af of de journalist zich moet bezighouden met de hierboven genoemde activiteiten. Is dit niet de taak van de commerciele afdeling?

Uiteraard is enige flexibiliteit gewenst en zal het lezerspubliek dit ook begrijpen. Zolang de content uniek, relevant, betrouwbaar en leerzaam is blijft het interessant. Wanneer men op het niveau komt van Boulevard met een overvloed aan items over nieuwe musicals, dan haakt de lezer af.

Erikvh, 2 augustus 2010, 15:51

“Volgens mij is dit niet de zoveelste poging om de journalistieke integriteit, of onafhankelijkheid, op te rekken. Het is juist een poging deze te herdefiniëren.”

Dat is inderdaad de kern. Ik denk dat er journalisten zijn die redactionele onafhankelijkheid belangrijker vinden voor ons vak. Ik vind het zelfs wezenlijk, het is de kern van wat we doen.
Tegelijkertijd is het feit dat die ‘objectiviteit’ primair wordt opgevat dat je behalve de wereldgebeurtenissen registreren eigenlijk niets moet doen, op termijn onhoudbaar voor de journalistiek. Juist door de informatie die we verspreiden wat breder te zien, en onze relatie met ons publiek te verstevigen hebben we als journalistiek een betere overlevingskans.

Dat we daarin transparant moeten zijn is zonneklaar. Maar niet meer defensief, graag.

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Uitgever

Dolf Rogmans

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Factuurgegevens

Villamedia Uitgeverij BV
Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Chris Helt, hoofdredacteur

Marjolein Slats, adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab, redacteur

Lars Pasveer, redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven, redacteur

Rutger de Quay, redacteur

Sales

Sofia van Wijk

Jenny Fritschy

Webontwikkeling

Marc Willemsen

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.