— donderdag 24 maart 2011, 10:58 | 1 reactie, praat mee

Bescherm je journalistieke data

Joran Polak is veiligheidsexpert en hij kent zijn vak. Het is dinsdagochtend 22 maart en Polak heeft een uur tijd om zijn toehoorders - zes journalisten, allen met ervaring in conflictgebieden – ervan te overtuigen dat hun computergedrag waarschijnlijk, of liever: vrijwel zeker, onverantwoord is. En dat lukt hem. Wachtwoorden veilig? Vergeet het, maak liever lange wachtzinnen. De computer van een hotel gebruiken om e-mail te lezen? Laat het uit je hoofd. Wifi op Schiphol? Niet doen. Zelfs digitaal gepokte en gemazelde collega’s blijken niet op de hoogte van hun eigen onveilige gedrag. En wie wel alles volgens de regels doet, loopt nog steeds aanzienlijk risico dat zijn computer toch gekraakt wordt als gevolg van een slordigheidje van een collega.

VN-redacteur Rudie Kagie publiceerde deze zomer een boek over de verdwijnende grenzen van ons privéleven (‘Privacy’, uitgeverij Contact). Na lezing bleef ik zitten met het ongemakkelijke gevoel dat iedereen die mij in de gaten wil houden dat ook kan. De overzichtelijke tijd dat alleen Big Brother het vermogen bezat om door zelfs de kleinste sleutelgaten te kijken, is definitief voorbij. Kagie voorspelt dat de controlestaat steeds verder zal uitgroeien. Ik vrees dat de werkelijkheid rauwer en anarchistischer zal zijn. Want zelfs van de privacy van de staat blijft op essentiële momenten weinig over.

Nog onder de indruk van het verhaal van Polak, lees ik na thuiskomst over het blunderfestival bij de poging een Nederlandse ingenieur en een Zweedse vrouw uit Libië te evacueren. Ik hoor en lees hoe betrokkenen - bewindslieden, evacués, militairen - met elkaar belden om de zaak voor te bereiden. De Zweedse werd in Sirte gebeld door haar zoon. Die was dus ook op de hoogte. Hij vertelde haar dat zij mee kon vliegen met de voorgenomen helikoptervlucht. Aankomsttijd, landingsplaats en andere details, al die topgeheime informatie moet de revue zijn gepasseerd tijdens dat telefoongesprek.

De operatie (hoe is het toch mogelijk?) lekte uit. De Libiërs hoefden de helikopter die het tweetal zou oppikken alleen maar op te wachten.
Zouden ze bij Defensie niet weten dat telefoonverbindingen onveilig zijn? Zelf vermijd ik zelfs over een onbenullig scoopje al te uitbundig via de telefoon te communiceren. Feind hört mit. Journalisten hebben tot taak feiten te verzamelen, affaires bloot te leggen en rookgordijn te verwijderen. Om die transparantie te bewerkstelligen, moeten ze discreet en goed beschermd kunnen opereren, dat is de paradox. Soms vrees ik dat ik, door mijn vak, dat openheid nastreeft, wat al te wantrouwend ben geworden. Het tegendeel blijkt het geval.
Journalisten in conflictgebieden werken onder chaotisch en gevaarlijke omstandigheden in landen waar willekeur vaak koning is. Ze hebben de plicht zichzelf, en de nog duurdere plicht om hun bronnen te beschermen. En hoofdredacties hebben al helemaal de plicht hun verslaggevers niet onvoorbereid op pad te sturen.

Sinds de dagen van William Howard Russell, die als eerste moderne oorlogscorrespondent de Krimoorlog versloeg (hij typeerde zichzelf als ‘the miserable parent of a luckless tribe’) is het vak volwassener geworden. Russell moest maar zo’n beetje zien hoe hij zich redde. Grote networks verzorgen nu hun eigen logistiek en beveiliging, zonodig met gepantserde voertuigen. Een ook voor kleinere, armere Nederlandse media en voor freelancers is veel verbeterd, vooral na de Balkanoorlogen. Toen trof je in gevechtszones nog wel ambitieuze, avontuurlijke dilettanten. Onverzekerde jongens en meisjes die met een rugzakje op en een geldriem om de oorlog wilden verslaan. Kogelwerende vesten, voorbereiding en training zijn inmiddels standaard geworden (een goede verzekering helaas nog niet).
Maar de navelstreng die een journalist met zijn thuisfront en, belangrijker nog, met zijn eigen geheugen verbindt, blijkt volstrekt poreus. Ook de computers van de jonge, digitaal opgevoede deelnemers aan de door de NVJ georganiseerde training voor journalisten in conflictgebieden bleken hooguit door het elektronische equivalent van een wc-haakje beveiligd. Terwijl laptops en andere computers voor correspondenten niet alleen de navelstreng met hun thuisfront zijn; het is ook de kluis waarin informatie over hun bronnen zit opgeslagen.

Bekijk meer van

Praat mee

1 reactie

Arnoud Wokke, 28 maart 2011, 20:55

Op zich eens, maar Schaepman gaat aan een paar dingen voorbij:
1. goede beveiliging is niet makkelijk. Bellen is zelden veilig. E-mailen? Niet via mobiele provider (staat kan meeluisteren in sommige landen), niet via willekeurige wifi enz enz. Er blijft te weinig over. Fsce-to-face dan maar? Jawel, maar zet je telefoon een dag uit - en je bron ook. Anders ben je alsnog te herleiden

2. Je moet iedereen met wie je omgaat overtuigen om ook zoveel aan beveiliging te doen. Zo niet, dan hebben je inspanningen niet veel zin. Eigenlijk: geen zin.

3. Weinig journalisten hebben behoefte aan dergelijke anonimiteit. Laten we eerlijk zijn: 99,8 procent van de journalisten is simpel bureauredacteur, van wie de scoopjes niet verder gaan dan een nieuwe single van Jan Smit of een andere trivialiteit. Van die 0,2 procent hebben weinigen de hele tijd te maken met zaken waarbij dergelijke beveiliging nodig is.

Deze zaken bij elkaar maken volgens mij dat beveiliging in de journalistiek nooit een belanrijk element zal worden.

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.