— dinsdag 7 januari 2020, 09:56 | 0 reacties, praat mee

Sander Schimmelpenninck: ‘Vonden mensen maar dat ik ongeschikt ben voor tv’

© TRIK

Sander Schimmelpenninck is de nieuwe golden boy van de Nederlandse journalistiek. Het 35-jarige boegbeeld van Quote, nog maar enkele jaren journalist, werd in december Hoofdredacteur van het Jaar bij de Mercurs. Ook Hilversum trekt aan het multitalent Schimmelpenninck. Villamedia was erbij toen hij twijfelde of hij wel co-presentator van Op 1 moest worden.

Dit artikel wordt met je gedeeld door NVJ-lid Marjolein Slats. Ook lid worden?

Zeer zelfbewust maakte hij, nog hagelnieuw in het journalistenvak, kenbaar dat hij hoofdredacteur van Quote wilde worden. Sander Schimmelpenninck werd het. Met datzelfde granieten zelfvertrouwen schreef hij een boek, maakt hij tv-programma’s voor WNL, is hij Volkskrant-columnist, inval-radiopresentator en podcastmaker en doet hij het uitstekend aan de tafel van De Wereld Draait Door. Zo uitstekend dat hij werd uitgenodigd voor een screentest om zelf een talkshow te leiden.

Op Twitter, waar hij dagelijks ruzie zoekt met ‘domrechts’ en ‘domlinks’ (predicaten waar je bij hem vrij snel voor in aanmerking komt), wordt hij vergeleken met Jeroen Pauw. Maar Schimmelpenninck spiegelt zich op tv-gebied aan niemand. ‘Ik voel me namelijk geen presentator. Maar als ik per se iemand moet noemen vind ik die Louis Theroux altijd wel cool, dat droge en empathische. Alleen heb ik dat zelf niet.’

We zitten in het hoofdstedelijke debatcentrum De Balie, één dag voordat hij De Beslissing moet nemen: wil hij samen met een vrouwelijke WNL-collega één dag in de week de presentatie van Op 1 op zich nemen? Hij weet het écht niet, zegt hij.

Een dag eerder is Sander Cornelis graaf Schimmelpenninck (Hengelo, 26 juni 1984) teruggekomen van een vakantie in Zuid-Amerika. Daar zat hij ook toen hij 12 december de Mercur won voor Hoofdredacteur van het jaar.

Was die prijs niet belangrijk genoeg om voor terug te komen?
‘Nee. Ik had die vakantie al heel lang gepland, en was er ook echt aan toe. En zo’n Mercur is natuurlijk geen heel belangrijke prijs. Het is een incrowdfeestje.’

Kreeg je die Mercur omdat je Quote maakt of vanwege je komeetachtige opkomst als nouveau-BN’er?
‘Goeie vraag. Ik denk dat beide meespeelt. We hebben vorig jaar opnieuw iets meer blaadjes verkocht dan het jaar ervoor - de oplage van Quote is met zo’n 40.000 stuks stabiel. We weten nu ook jongeren aan te spreken. Mede door evenementen als Quote Talks, een theatershow met ondernemers die ik presenteer.’

Wat heb je sinds je aantreden als hoofdredacteur in 2016 veranderd?
‘Eigenlijk niet zo veel. Quote is Quote. Dat is tegelijk de kracht en de zwakte van het blad. Misschien zou ik er zelf best een soort opinieblad van willen maken, maar dat risico is te groot. Ik ben natuurlijk heel gekleurd. Heb een grote bek, over van alles en nog wat een mening. En Quote is in zekere zin apolitiek. De achterban bestaat uit selfmade vrolijke ondernemende types. Niet per se briljant: Nyenrode, autoschool IVA. Dan moet je dus niet te veel moraliserend gaan ouwehoeren. Je kunt alleen accenten verleggen.’

Voor het decembernummer interviewde je Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz. Hij bepleit ‘progressief kapitalisme’. Op die lijn zit jij duidelijk ook.
‘Ja. Ik was het eigenlijk in alles met hem eens. Ik interview graag denkers – al zijn ze zoals Stiglitz te onbekend en de materie te abstract om groot op de cover te zetten. In februari spreek ik Thomas Piketty.’

De bekende Franse progressieve econoom. Hoe voorkom je dat dat een hagiografisch interview wordt?
‘Haha, nou, er vallen ook wel kritische vragen te stellen. Piketty zit heel erg op het onderwerp vermogensongelijkheid. Maar als het bestaan van vermogensverschillen niet ten koste gaat van kansengelijkheid, zijn ze misschien niet zo erg.’

Wat denk je zelf?
‘Ik denk dat ze wel ten koste gaan van kansengelijkheid. De thematiek die Piketty en Stiglitz behandelen is de thematiek van deze generatie. Er komt door erfenissen een enorme pot geld naar die millennials toe. Dat zal de wereld van het grote geld heel anders maken. De Quote 500 staat nu nog vol met selfmade mensen, maar over tien jaar is de hele Top 10 waarschijnlijk erfgenaam.’

Je hebt het over erven: hoe gaat dat bij jou straks?
‘Mijn familie bezit een landgoed. Het is miljoenen waard, maar dat maakt ons niet rijk. Het is namelijk beschermd bezit. Elke volgende generatie heeft de plicht om er goed voor te zorgen. Ik word wel eens moe van mensen die denken dat ik straks een enorme erfenis krijg en dus makkelijk praten heb. Dat is dus helemaal niet zo.’

Wat ik, vergeleken met de periode-Jort Kelder, een beetje mis in Quote zijn de knallende scoops.
‘Ja, al wordt die tijd wel ontzettend opgehemeld. Toen was er alleen Quote. Nu heb je bijvoorbeeld ook Follow the Money, dat anders dan wij heel goed is in het opblazen van dingen tot een soort scoop - wat ze vaak niet zijn. Wij doen het op dat vlak niet goed genoeg. Maar we hebben elk jaar wel drie à vier verhalen die echt goed zijn. Alleen gaan ze over mensen die buiten het Quote-spectrum niemand kent. Echte scoops die nationaal aandacht krijgen zijn een moeilijk spel.’

Je kunt tegen je uitgever zeggen: ik heb meer mensen nodig. Of mag je bij Hearst al blij zijn dat je een echte redactie hébt?
‘Je mag best weten: ik ben er niet per se gelukkig mee dat we deel uitmaken van Hearst. Leuk dat de oprichters in 2006 wilden cashen, maar daardoor eten anderen onze winst op. De vraag is ook: waar verkoop je precies bladen mee? Onze kansen liggen in de hoek van de inspiratie. Quote Talks is commercieel veel beter te verkopen dan artikelen die al snel worden gezien als negatief. Dan kun je veel geld uitgeven aan een onderzoeksjournalist die eens per jaar met een Henry Keizer-achtig verhaal komt, maar is dat het waard?’

Je zegt net zelf: qua scoops doet Quote het niet goed genoeg. Hoe moet je redactie dan voldoen aan jouw wens?
‘Ehh, je dringt me in het defensief. Het is een kwestie van meer je battles picken. Meer inkopen. De vaste mensen moeten minder vulverhalen maken.’

Waarom doen ze dat nu dan wel? Jij gaat erover.
‘Omdat het best moeilijk is om goeie freelancers te vinden. We betalen heel goed, zo’n 40 à 50 cent per woord. Maar vind maar eens freelancers die echt goed kunnen en willen schrijven over zakelijk Nederland. Ik hoor altijd verhalen over werkloze journalisten. Nou, op onze vacatures komt eigenlijk nooit wat af. Dan vinden mensen ons kennelijk toch eng, of ze willen iets anders. En de mensen die wel solliciteren zijn gewoon niet goed genoeg.’

Na hoeveel maanden bij Quote dacht je: ik wil deze tent wel leiden, dat kan ik wel?
‘Al na een half jaar. Ik wilde iets doen naast de pizza’s (Schimmelpenninck was tot 2016 ook uitbater van een pizzeria in De Pijp, en heeft nog steeds ‘vastgoeddingetjes’ in Kroatië, red.). Als kind spelde ik de NRC en HP/De Tijd en ik kon goed schrijven. Alleen in mijn omgeving is journalistiek geen normale keuze. Ik ben dus braaf advocaat geworden, maar dat vond ik helemaal kut. Ik aarzelde om bij Quote aan te kloppen, want mijn toenmalige vriendin, een keurig Bloemendaals artsje, vond het blad niet chique. Ik kreeg echt ruzie met haar toen ik toch op gesprek ging. Maar vanaf moment één dacht ik: hèhè, dit is leuk, dit wil ik. Na een half jaar dacht ik: er moet wel iets gebeuren. Quote had verfrissing nodig en de toenmalige hoofdredacteur had niet zo heel veel ideeën. Ik vond Mirjam (Van den Broeke, red.) hartstikke aardig, maar geen visionair. Quote heeft na het tijdperk-Kelder best wel tijd verspild. Dat zei ik ook al vrij snel tegen mijn baas.’

Dus je pakte de zaag…
‘Nou ja, nee, Mirjam wist ook dat ik hoofdredacteur wilde worden. Ze heeft het vijf jaar gedaan, een soort natuurlijke periode voor een baan.’

Wat verdien je ermee?
‘Minder dan Mirjam: 7000 euro bruto per maand. Daarop ben ik begonnen en dat is nooit omhoog gegaan. En dat hoeft ook niet. Wel krijg ik een bonus omdat we het in 2019 financieel goed hebben gedaan.’

Waarom krijg jij minder dan je voorganger?
‘Volgens mij kreeg Mirjam kleedgeld. Dat is interessant in de gender-gap-discussie, toch? Maar ach, ik verdien alsnog veel meer, want ik doe er allemaal dingen naast die Mirjam niet deed.’

Tekst loopt door onder het beeld.

De pizzeria Pink Flamingo die met je studievriend en zanger Jaap Reesema runde - jullie hebben hem in 2016 verkocht - zat naar verluidt altijd vol mooie vrouwen.
‘Ja, dat klopt, haha. Dat was eigenlijk het leukste.’

Kwamen die voor jou?
‘Dat denk ik niet. Eerder voor Jaap. Het is de natuurlijke cyclus van horeca in Amsterdam. Het eerste jaar ben je een hype bij de Amsterdammers, en dan komen er inderdaad vooral mooie vrouwen, want vrouwen gaan met elkaar uit eten en mannen gaan naar de kroeg. Dat vasthouden en een classic worden is weinigen gegeven, dus daarna moeten de toeristen het overnemen.’

Ik vraag het omdat iedereen zegt: Sander heeft een goeie kop.
‘Ja, nou, ehh, dat is heel aardig. Ik kan er weinig aan doen.’

Mark Koster, al jaren werkend voor Quote en klein van stuk, zegt wel: ‘Sander heeft een Napoleon-complex en ik niet.’
‘Grappig, ik zou juist het omgekeerde zeggen. Inderdaad ben ik 1,75 lang, maar dat heeft me nooit dwarsgezeten.’

Je lengte is zelfs een standaard zoeksuggestie op Google. Hoe kan dat?
‘Door Robert Jensen. Die haat mij, want ik ben natuurlijk heel erg tegen domrechts. Hij noemt me Sander Schimmelpiemel en beweert dat ik 1,60 meter ben. Ach ja, ik maak nu eenmaal vijanden, en dat doe ik met liefde. Die mensen mogen mij lilliputter noemen.’

Koster zegt: ‘Dat Napoleon-complex speelt vooral op als Sander wordt geconfronteerd met vrouwen die niet hard werken. Dan wordt hij nijdig.’
‘Haha, alsof dat iets met lengte te maken heeft!’

Hij is idolaat van jouw moeder, die hij ontmoette toen je de Quote-redacteuren jullie landgoed in Diepenheim liet zien. Je moeder werkt hard als radioloog in het ziekenhuis, zegt Koster, wat wellicht jouw felheid verklaart.
‘Haha, ze werkt tweeënhalve dag in de week. Helemaal niet zo hard dus.’

Toch is de arbeidsmoraal van vrouwen wel een stokpaardje van je. Een column hierover in de Volkskrant leverde in november felle reacties op.
‘Dat vrouwen te weinig werken is in Nederland een enorm taboe. Het is geen man/vrouw-kwestie, maar een macro-economisch verhaal: op deze manier gaan we problemen krijgen.’

Zie je ook in de journalistiek dat vrouwen verslaafd zijn aan parttime werken?
‘Nee, in ons vak werken mensen wel hard, voor weinig geld. Vrouwen ook. Omdat ze hun werk relatief leuk vinden, denk ik.’

Jij doet al erg veel. Morgen moet je beslissen of je ook namens WNL de talkshow Op 1 wilt presenteren. Wat gaat het worden?
‘Geen idee! Ik had de deur al dicht gekwakt, want ik wil sowieso Quote blijven doen. Maar dit is maar één dag in de week. Dus tja. Het is natuurlijk een soort Idols: je bent als koppeltjes in competitie met elkaar. Maar een talkshow maak je voor de generatie van je ouders; mijn generatie heeft geen idee wie Eva Jinek is. Mijn vriendin zegt: je moet het misschien wel doen, why not? Zij ziet ook het geld en denkt: nou, dat is niet heel slecht. Maar ik vind het super moeilijk en word helemaal a-relaxed van dat getrek aan me. Ik zou willen dat mensen vonden dat ik het niet kon. Dan was mijn leven makkelijker geweest.’

Een dag later heeft De Telegraaf, de voormalige werkgever van WNL-hoofdredacteur Bert Huisjes, de primeur: Schimmelpenninck gaat met Welmoed Sijtsma op donderdagavond het WNL-presentatieduo van Op 1 vormen.

Wat gaf de doorslag om het toch te doen?
‘Er zijn altijd honderden redenen om iets niet te doen, maar uiteindelijk weet je nooit of je iets leuk vindt als je het niet probeert. Het is ook een tamelijk unieke kans om enigszins risicoloos aan het vak te snuffelen. Ik maakte me zorgen over mijn gekleurdheid, mijn meningen, maar dat willen ze juist. Dus ik ga me niet inhouden als daar geen reden voor is.’

Waar ben je nog onzeker over?
‘Over alles, maar het meest over de vraag of ik geïnteresseerd en empathisch kan zijn als iets me niet interesseert.’

Houd je met al die nevenactiviteiten wel tijd over voor je core business: Quote maken?
‘Ik werk meer dan fulltime voor Quote, en blijf dat doen. Dit bijbaantje kost me mijn donderdagavond, verder niets.’

Is een tv-carrière wat je uiteindelijk het liefste wilt? Jan Bennink, medeoprichter van PowNed, vermoedt bij jou een ragfijn spel om uiteindelijk de opvolger van Pauw te worden. ‘Well played Sander’, twitterde hij.
‘Ja, domrechts denkt dat ik “links” ben geworden omdat ik van Quote ben, een blad dat zij als rechts zien, en een baantje bij de NPO wil. Dom geklets, ik ben links noch rechts. Ik ben vooral een liberaal.  En als er mensen teleurgesteld zijn dat ik fel ben over Thierry Baudet en zijn afschuwelijke achterban, dan is dat jammer voor hen. Als journalist wil je mooie verhalen maken en bereik. Tv helpt nu nog bij het bereik.’

Resteert de vraag of op een WNL-avond niet minstens één van de presentatoren echt rechts moet zijn. Daar is WNL tenslotte voor opgericht, en ook Sijtsma staat niet zo bekend.
‘”Echt rechts” lijkt me niet domrechts, dus FvD en PVV. Dat zijn voornamelijk partijen voor racisten, egoïsten en linkse mensen die te dom zijn of een te grote hekel hebben aan buitenlanders om te begrijpen dat ze op een linkse partij moeten stemmen.’

Sander Schimmelpenninck werd in 1984 geboren in Hengelo. Hij studeerde rechten in Rotterdam en was even advocaat op de Zuidas. Ook begon hij twee pizzeria’s, die hij in 2015 en 2016 verkocht. In 2013 monsterde hij aan bij Quote. In 2016 werd hij hoofdredacteur. Afgelopen december won Schimmelpenninck de Mercur voor Hoofdredacteur van het Jaar. Per januari is hij namens WNL co-presentator van Op 1.

Bekijk meer van

Praat mee

Colofon

Villamedia is een uitgave van Villamedia Uitgeverij BV

Postadres

Villamedia Uitgeverij BV
Postbus 75997
1070 AZ Amsterdam

Bezoekadres

Johannes Vermeerstraat 22
1071 DR Amsterdam

Contact

redactie@villamedia.nl

Redactie (tips?)

Dolf Rogmans
Hoofdredacteur

Marjolein Slats
Adjunct-hoofdredacteur

Linda Nab
Redacteur

Lars Pasveer
Redacteur

Trudy Brandenburg-Van de Ven
Redacteur

Anneke de Bruin
Vormgever

Marc Willemsen
Webontwikkelaar

Vacatures & advertenties

redactie@villamedia.nl

Bereik

Villamedia trekt maandelijks gemiddeld 120.000 unieke bezoekers. De bezoekers genereren momenteel zo’n 800.000 pageviews.

Rechten

Villamedia heeft zich ingespannen om alle rechthebbenden van beelden en teksten te achterhalen. Meen je rechten te kunnen doen gelden, dan kun je je bij ons melden.