[an error occurred while processing this directive]
[an error occurred while processing this directive]   Portretten

Sonja: hoe ouder, hoe beter

Jacqueline Wesselius

Sonja Barend wordt 65, maar gaat niet met pensioen. Waarom zou ze? Integendeel, ze heeft een nieuw programma in voorbereiding. ‘Ik stop pas als ik niet meer groei in mijn vak.’ Een portret.

De ‘koningin van de talkshow’ wordt ze wel genoemd, ‘een van de vorstinnen van de Nederlandse televisie’. TV-babes van nu – neem Sylvana Simons, neem Bridget Maasland of Anita Witzier ? bewonderen haar, Joost Prinsen noemt haar een televisie-icoon. Ze is een vakvrouw tot in de toppen van haar vingers – maar zegt altijd nog te leren. Ze is ook een perfectioniste die nog steeds, iedere keer dat ze ‘op’ moet, stikzenuwachtig overkomt ? hoewel ze dat tegenover buitenstaanders ook weer relativeert. Ze is zo perfectionistisch dat ze haar werk niet dacht te kunnen combineren met kinderen. Later kreeg ze er drie kant en klaar in de schoot geworpen en dat heeft haar carrière toch niet in de weg gestaan.
Eind deze maand wordt Sonja Barend vijfenzestig. Nog even en ze zit veertig jaar in het vak. En ze is niet van plan ermee te stoppen. Waarom zou ze ook? ‘Wat is er tegen een leuke, wijze oude vrouw op televisie?’ zei ze – zes jaar geleden al – tegen Liddie Austin in Opzij. Plaats maken voor jongeren? ‘Dat is helemaal niet nodig. Er zijn genoeg netten waar iedereen terecht kan.’ Bovendien: jongeren kunnen niet wat een oude rot in het vak kan. Met haar Masterclasses toonde ze dat nog eens fijntjes aan. ‘Dit vak is onuitputtelijk’, zei ze tegen Matthijs van Nieuwkerk in TV3 (2004): ‘Als ik zou denken dat ik niet beter zou kunnen worden, zou ik er mee ophouden.’ Maar voorlopig is dat nog niet het geval.

Mensen zijn dol op haar of haten haar. Tot de eerste categorie behoren haar medewerkers, zonder enige aarzeling of twijfel. Misschien hebben vrouwen meer met haar dan mannen, te oordelen naar de vrouwenbladen. In de jaren zeventig was Sonja Barend – als jonge, briljante, kortom geslaagde werkende vrouw van dertig ? een boegbeeld van het toen nog piepjonge Viva. Meteen in het eerste jaar van Viva’s bestaan, 1972, stond ze al op de cover:‘Sonja Barend en de mode’, met haar leren pakken en zelfgehaakte hesjes. Later kreeg ze zelfs een eigen rubriek. Na 1980 behoort ze niet meer zo tot Viva’s doelgroep, maar in die jaren begint Opzij belangstelling te tonen. En eind vorig jaar keert ze toch ook weer in de Viva terug als ‘senior’ in een dubbelinterview met ‘junior’ Bridget Maasland.
De groep van Sonja-haters omvat naar verhouding veel mannen van middelbare of hogere leeftijd – maar Pamela Hemelrijk is evenmin een Sonja-fan. In haar columns laat ze Sonja een ‘honingzoete toon’ bezigen, ja zelfs ‘slijmen’ en ook leugens vertellen.Vooral onder webloggers is Sonja-bashing populair – en vaak van een afgrijselijk laag allooi. De studentikoze ‘humor’ van Propria Cures gaat wel héél erg ver:‘...als je eerlijk bent, zou je liever willen dat de dochtertjes van Sonja Barend in zo’n schooltje in Beslan eindigen dan je eigen dochtertjes, alleen maar omdat je niemand op deze aarde toewenst langer dan strikt noodzakelijk Sonja Barends dochtertje te moeten zijn.’
Kritiek op Sonja is niet nieuw en was – zij het in een veel beschaafder vorm ? in de jaren zeventig zelfs tamelijk bon ton onder televisierecensenten. Talkshows behoorden tot het ‘mindere’ genre. ‘In’ waren de – toen nieuwe ? actualiteitenrubrieken en alles wat de VPRO bracht: Koot en Bie (die trouwens in hun begintijd meewerkten aan het door Sonja gepresenteerde Fenklup), Barend Servet, Jacques Plafond en, als een van de weinige vrouwen, Germaine Groenier. Een beetje intellectueel moest het zijn, ‘alternatief’, gedurfd, een tikje macho, met een vleugje absurdisme. Sonja had geen dubbele bodems, haar programma’s werden bekeken door Jan en alleman. Max Pam schreef jaren later nog mild-ironiserend over haar. Ook Theo van Gogh (niet verrassend) kon aardig op Sonja afgeven, maar blijkens de Grote Groene-TV-enquête (1995) rekende hij haar juist tot de ‘nep-intellectuelen’. Anil Ramdas noemde haar in dezelfde enquête ‘tamelijk verschrikkelijk’ en Jan Blokker omschreef haar als ‘een vreselijk verschijnsel in Nederland’: ‘Het is immoreel als iemand iets doet wat hij niet kan. Sonja Barend kan geen interviews maken, dus moet ze het niet doen.’

Sonja’s masterclass over interviewen is bijna een ironisch antwoord op Blokkers typering –vooral typerend overigens voor een scherpe columnist. Bridget Maasland, Hadassah de Boer en Yvon Jaspers lieten zich in die masterclass door Sonja letterlijk de les lezen: stel duidelijke vragen; vertel geen lang en vooral niet je eigen verhaal; en luister, luister, luister. Op dat laatste komt ze altijd en overal terug, al zegt ze ook over zichzelf dat ze nooit haar ‘waffel kon houden’. Ze weet dat – hoezeer je ook je best doet ? de vonk wel eens niet overspringt, zeker niet in een live televisieprogramma waarin de tijd per definitie beperkt is. Maar als het wél gebeurt ‘leidt dat tot een heel goed gesprek omdat iemand je echt iets wil vertellen en je zelf net iets wordt opgetild, waardoor je net iets beter luistert.’
Luisteren is essentieel, herhaalt ze soms ook als ze zelf geïnterviewd wordt, waarbij ze benadrukt dat het haar niet is komen aanwaaien, dat ze er hard voor heeft gewerkt. ‘Ik heb er heel lang over gedaan voor ik het – voor mijn eigen gevoel – goed deed. Nu worden ze van de straat geraapt en dan denken ze dat ze kunnen presenteren. Dit IS een vak! Het duurt tien jaar voordat je echt alles hoort’, zegt ze in TV3. ‘Zelfs in B&W gebeurde het nog een doodenkele keer dat ik dacht: hé, ik heb iets gemist.’ Bij haar is dat uitzonderlijk, bij anderen minder: ‘Op de televisie zie ik vaak dat vragenstellers niet luisteren naar het antwoord en gewoon naar de volgende vraag op het lijstje gaan’, zegt ze tegen Robert Vuijsje in Nieuwe Revu (2003). ‘Ik merk het ook nu ik zelf weer geïnterviewd word. (…) Dan stellen ze een vraag en weet ik al welk antwoord ze daarbij zoeken. Dat hebben ze namelijk in een eerder interview met mij gelezen en ze willen hetzelfde verhaal weer horen. (…) Als ik dat verhaal niet wil vertellen, schrijven ze het gewoon over uit een oud interview. Zo moet het dus niet. Je moet altijd streven naar nieuwe verhalen die mensen nooit eerder verteld hebben.’
Nieuwe verhalen waren er zat bij Sonja’s gasten en ze deden geregeld wat stof opwaaien. Het ging over de meest uiteenlopende onderwerpen – van aids tot nonnen in Rome, van geadopteerde Koreaantjes tot pedofilie, van censuur tot natuurgeneeswijzen. Er werd gesproken over het verbod op het homohuwelijk (in 1990!), over vrouwen die vrijwillig moslima waren geworden, over neonazisme, over verplicht afkicken of cosmetische chirurgie. Er kwam een enkele keer een crimineel aan het woord – de volgende dag had je dan een rel. In sommige opzichten was ‘Sonja op...’ een waardige voorloper van (of misschien voorbeeld voor) ‘De leugen regeert’. Ze had dikwijls journalisten onder haar gasten. Jan Tromp ontzenuwde verhalen over Lubbers’ belastingontduiking, Wim Klinkenberg deed uit de doeken waarom hij – wegens kritiek op dezelfde Lubbers – niet meer gevraagd werd als panellid bij de TROS.
De ‘Sonja op...’ uitzendingen trokken miljoenen kijkers. Vijf miljoen, als het een beetje meezat. Naar Sonja kijken was in veel gezinnen een must. Bovendien kreeg het als gemiddeld waarderingscijfer ‘ruim voldoende’. Niet gek met zo’n groot publiek. Meestal is de waardering omgekeerd evenredig aan het aantal kijkers. ‘Je keek naar Sonja, punt uit’, zei ze zelf in een interview met Coen Verbraak in Vrij Nederland. Er waren natuurlijk veel minder zenders – en geen commerciëlen, om te beginnen ? maar toch, kom daar nog maar eens om. Zo’n kijkcijfer wordt vandaag de dag alleen geëvenaard door de uitvaart van André Hazes. Het EK moet eraan te pas komen om hogere cijfers te halen. De kerkdienst bij de begrafenis van Prins Bernhard scoorde 4,4 miljoen. Zelfs Idols haalde dat niet. Hart van Nederland en het huwelijk van Mabel en Friso kwamen op een kleine 2,5 miljoen.
‘Ik doe het niet voor drie kijkers’, heeft Sonja Barend dan ook meer dan eens gezegd en ze vond het nogal moeilijk te verkroppen dat haar masterclasses in het begin maar een paar honderdduizend kijkers trokken – hoezeer die het programma ook waardeerden. In Viva legt ze Bridget Maasland uit: ‘Televisie is een breed medium voor veel mensen. Dan moeten er niet maar drie kijken. Dan kun je beter en goedkoper een stencil sturen.’

Al haar onzekerheid vóór een uitzending ten spijt, weet Sonja Barend heel goed wat ze waard is. En ook die onzekerheid weet ze best te relativeren. Als Bridget Maasland haar vraagt: ‘Hoe kan het dat je dat allemaal meemaakte en dan toch nerveus was voor het interview met Mick Jagger in B&W?’ is haar reactie: ‘Ik was niet zo zenuwachtig hoor. Toen ik hem ontmoette, was dat over.’ Ze beseft dondersgoed dat ze een pioniersfunctie heeft vervuld, dat dankzij haar de talkshow in Nederland is ingeburgerd. ‘Het is normaal geworden – zegt ze tegen Coen Verbraak ? om te discussiëren en dingen bij de naam te noemen. Er zijn steeds meer van die programma’s gekomen. De talkshow is aardappels geworden, terwijl het vroeger een bijzonder diner was. Dat vind ik op zichzelf heel leuk.’
In haar masterclasses, ‘Sonja, de meester en de leerling’ zie je haar keer op keer genieten van wat de meester kan en wat hij de leerling weet bij te brengen. Soms popelt ze om haar duit in het zakje te doen – die ‘duit’ die haar aanwezigheid tenslotte rechtvaardigt. Over een van de jonge musical-artisten in Willem Nijholts masterclass zegt ze dat ‘het leven er flink overheen moet’. Tijdens Robert ten Brinks presentatieles lijkt ze zich met moeite in te houden; eindelijk springt ze op: ‘Mag ik me ermee bemoeien?’ En de gedachte dringt zich op – en lijkt zich één seconde op het gezicht van Robert ten Brink te weerspiegelen ? dat ze ook die masterclass zelf had kunnen geven.

Wat kan Sonja wat anderen niet kunnen? Behalve luisteren? In TV3 zegt ze, desgevraagd: ‘Mijn sterke punt is misschien dat ik het met grote passie doe, dat ik heel erg hard werk, me heel erg goed voorbereid.’ Hier staat inmiddels wel een heel andere, ‘grotere’ Sonja dan het poppetje van de eerste jaren. Ook bij haar is ‘het leven eroverheen’ geweest; ze heeft veel meegemaakt, in haar kindertijd – toen ze ontdekte dat haar vader in Auschwitz was omgekomen – en daarna: relaties, scheidingen, een (oorlogs) tijd in Israël met alle trauma’s van dien, een ernstige ziekte. Geknokt heeft ze, op alle fronten. ‘Moeten tv-vrouwen mooi zijn?’ stond ooit op de cover van Viva en het antwoord kwam in de vorm van de foto ernaast: een bloedmooie, als glamourgirl opgemaakte Sonja Barend. Maar net als de andere geïnterviewden (onder wie Catherine Keyl) houdt ze in het blad een heel ander verhaal: ‘Mooi verveelt en lelijk went. (...) Waarom zouden anders die misbaksels van mannen zo lang op het scherm kunnen blijven... ’
Tegenwoordig wordt ook haar – meer of minder voorzichtig – gevraagd hoe lang ze nog op het scherm denkt te kunnen blijven. Ze is er gespitst op, achterdochtig ook. Door de telefoon: ‘Waarom dit portret? Omdat ik vijfenzestig word?’ Of, in TV3, in antwoord op de vraag of het niet ‘een beetje armoedig’ was dat de Vara haar had teruggevraagd voor B&W: ‘Je bedoelt: in de herfst van mijn carrière?’ En tegen Robert Vuijsje, als hij vraagt hoe lang een tv-presentator houdbaar is: ‘Aha, de houdbaarheidsvraag. (...) Mijn B&W-collega Paul Witteman is vijf jaar jonger dan ik, maar zou deze vraag ook aan hem gesteld worden?’ Of aan Mart Smeets, van wie ? zoals ze het in Opzij formuleerde – niemand zegt ‘dat hij nu wel twee stoelen nodig heeft’?
Ze beseft dat het ‘bij vrouwen meer dan bij mannen om het plaatje’ gaat. Maar één ding is zeker. Een presentator is geen pak melk. ‘Een goede presentator wordt juist steeds beter.’


DE LEVENSLOOP VAN SONJA BAREND

Geboren: 29 februari 1940
Opleiding: Ulo en avond HBS B
Loopbaan:
1966 ? 1972: NTS (voorloper NOS), opleiding voor regisseurs en scriptgirls; wordt omroepster. Vara: presentatie‘Fenklup’, ‘Uit Bellevue’ en ‘Dagje Ouder’ .
1972 ? 1975: Avro, ‘Sterallures’, ‘Sonja ’s avonds’, ‘Een leven in beeld’; panellid ‘Wie van de Drie?’ (met Albert Mol, Martine Bijl en Kees Brusse).
1975 ? 1997: Vara, ‘Sonja’s goed nieuws show’en ‘Sonja op...’ (dag van de week). 5 miljoen kijkers.
1997 – 2002: B & W (Barend & Witteman).
2002 – 2004: Sonja met… (Karel Appel, Aung San Suun Kyi, Christo, Jamie Oliver).
2003 ? 2004: Sonja, de meester en de leerling (masterclasses met Willem Nijholt, Mathilde Santing, Robert Kranenborg, Menahem Pressler, Rudi van Dantzig, Robert ten Brink e.a.)
2005: nieuw, nog niet nader aangeduid programma

Films: ‘VD’ (1971), ‘Trouble in Paradise’ (1987).
Boek: ‘Gezond weer op’ (1984, met Ellen Blazer).
Prijzen: ‘Acadamy Award’ (1998), Carrière Award (1999).

 

 

 
[an error occurred while processing this directive]