| [an error occurred while processing this directive] |
|
ARTIKEL
DJ nr.15, 28.09.2007
terug naar
voorpagina
terug
naar Dossier China
Olympische Spelen
Als toeristen naar Peking
Acht sportverslaggevers en fotografen reisden naar Peking voor een door
NOC *NSF georganiseerde kennismaking met de Olympische stad. Maar de
hekken van de stadions bleven op slot en de officials bleken niet bereid
tot een gesprek. Dat krijg je ervan als je je als toerist vermomt.
Cors
van den Brink
Foto: Lars van den Brink
Woensdag
19 september
Tien uur in een vliegtuig zitten en dan te horen krijgen dat de
wedstrijd is afgelast. Dat hebben zelfs de meest ervaren verslaggevers
niet vaak meegemaakt. Maar de persreis naar Peking is al afgelopen voor
we goed en wel op Chinese bodem staan.
Doel van het bezoek aan de Olympische stad was de stadions en andere
sportaccommodaties te bezichtigen waar in augustus 2008 zo’n vijfduizend
sporters zullen strijden om goud, zilver en brons. Het is inmiddels een
traditie én nuttig gebruik van de sportmedia om ons een jaar voor de
hektiek van de Spelen losbarst te oriënteren op de omstandigheden
waaronder we ons werk moeten doen. Nederland is daarin niet uniek. De
Olympische gastheren organiseren regelmatig excursies voor de
internationale media.
Maar een paar uur na aankomst moet de persvoorlichter van NOC*NSF
erkennen dat het dit keer helemaal mis is gelopen. Er is een stevige
ruzie ontstaan tussen NOC*NSF en het Beijing Organising Committee for
the Olympic Games (BOCOG), omdat alleen de NOS over de juiste
werkvergunning blijkt te beschikken. Terwijl wij boven Rusland hingen is
er druk getelefoneerd tussen Peking en Papendal, met als uitkomst dat we
onze koffers wel weer kunnen pakken. De ‘venue tour’ is afgelast en
niemand van BOCOG wil nog met ons praten. We krijgen bovendien het
dringende verzoek om niet op eigen houtje op pad te gaan. Dat zou het
bezoek van een aantal Nederlandse coaches, in dezelfde week, ernstig in
gevaar brengen.
Woensdag 5 september
Twee weken eerder, inderdaad. Ik ben op de Chinese ambassade en lever
mijn paspoort in met het verzoek om een visum. Even eerlijk als naïef
vermeld ik op het formulier dat ik journalist ben. Dan blijkt dat alle
beloofde vrijheid voor media in Olympisch China niet betekent dat het
communistische regime alle regels heeft afgeschaft. Journalisten krijgen
alleen toegang als er een officiële uitnodiging ligt van een bevoegde
Chinese organisatie.
Ik ontdek toevallig dat de aanvragen van mijn collega’s ook nog liggen
te wachten en sein onmiddellijk NOC*NSF in. Er volgt druk overleg met
BOCOG, maar het blijkt niet mogelijk om op korte termijn de vereiste
papieren in Nederland te krijgen. Papendal adviseert ons om op een
toeristenvisum naar Peking af te reizen. Dan komt alles wel goed. Niets
blijkt minder waar. De Chinese organisatie houdt veertien dagen later
doodleuk vol dat ze tegenover toeristen geen enkele verplichting hebben.
Woensdag
19 september (vervolg)
De Chinezen geven dus niet-thuis, maar de Nederlandse ambassade heet ons
in ieder geval hartelijk welkom in Peking. De medewerkers zijn
‘non-quotable’, maar hun informatie blijkt uiterst nuttig. Ze zien kans
in kort bestek de Spelen in het juiste perspectief te plaatsen. China is
de laatste twintig jaar bezig politiek uit een isolement en economisch
uit een diep dal te kruipen. Dat gaat in een ongekend hoog tempo.
Materieel hebben de Chinezen alles uitstekend voor elkaar, maar
organisatorisch gaat er nog wel het nodige mis.
We knikken instemmend. Want – tegen de beloften in – weten we
bijvoorbeeld nog altijd niet in welke hotels we volgend jaar zijn
ondergebracht. Nederlandse supporters wachten nog altijd op
duidelijkheid over de tickets voor de wedstrijden. En dat er met deze
persreis van alles mis gaat, wekt op de ambassade weer geen verbazing.
Want wat denken we hier eigenlijk te kunnen doen met alleen een
toeristenvisum? Voorzichtigheid is geboden. De ruimte die de
buitenlandse pers krijgt in de periode tot en met de Spelen is groter
dan voorheen. Maar China blijft allergisch voor TTTF: Tibet, Tien Anmen,
Taiwan en Falun Gong. We merken het als we er via internet aanvullende
informatie over zoeken: dan gaan sites als Google vrijwel meteen op
zwart. Belangrijker is echter de waarschuwing om de Chinezen zelf niet
in problemen te brengen door deze onderwerpen ter sprake te brengen. Zij
dragen tegenwoordig zelf de verantwoordelijkheid om vragen van
buitenlandse media te beantwoorden en kunnen zichzelf daarmee in gevaar
brengen.
Donderdag 20 september
In arren moede stappen we op onze tweede jetlag-dag toch maar in de
bus om naar het Olympisch park te gaan waar de meeste stadions en
sporthallen verrijzen. Er zijn twee forse mediacentra gebouwd: voor de
10.000 medewerkers van radio en tv en voor de 5600 journalisten van de
schrijvende pers en de fotografen. Maar we weten al dat de hekken rond
dit gebied gesloten zullen blijven.
Heineken biedt enige verlichting in
onze nood. De bierkranen van het Holland House blijven nog een klein
jaar gesloten. Maar PR-manager Steve Hufton beschikt over de nodige
relaties. Naast het Olympic Park verrijst een imposant complex met
kantoren en woningen en Hufton kent de man met de juiste sleutels.
Daardoor staan we even later op de zestiende verdieping. De
projectontwikkelaar hoopt nog even dat we geïnteresseerd zijn in zijn
appartementen – die elk zo’n 7 miljoen euro moeten opbrengen. Maar wij
kijken uit het raam om in ieder geval nog een indruk op te doen van de
bizarre architectuur van het Olympisch stadion – dat de bijnaam
vogelnest kreeg – en van het zwemparadijs waar Pieter van den Hoogeband
c.s. in actie komen.
We laten ons nog langs een paar hotels rijden waar
we volgend jaar een paar uur per nacht wat rust hopen te krijgen. Daarna
is het tijd om ons visum alle eer aan te doen: op het Plein van de
Hemelse Vrede en in de Verboden Stad onderscheiden we ons in niets meer
van de tienduizenden andere bezoekers. De terugweg naar het hotel levert
wel een belangrijke ervaring op: om zo’n 15 km te overbruggen hebben we
in de middagspits drie kwartier nodig. Dat belooft wat voor volgend
jaar. De Chinese overheid overweegt de helft van de auto’s van de weg te
halen om de smog te bestrijden, maar ook dan zal het fileleed een
uitgekiende planning van het werk flink in de war kunnen schoppen.
Vrijdag 21 september
Als ook de laatste collega uit zijn bed is gebeld kan de bus vertrekken
naar de Grote Muur, onmisbaar onderdeel van elk bezoek aan Peking en
bovendien de enige mogelijkheid om tijdens deze trip de delegatie van
Nederlandse coaches te spreken. Weer dreigt de organisatie roet in het
eten te gooien. Als een kabelbaantje de pers op de Muur heeft afgezet,
zijn de trainers nergens te vinden. ‘Alweer naar beneden’, zegt één van
de persvoorlichters. Het team van de NOS en de fotografen lopen vloekend
rond, tot in de verte voetbalcoach Foppe de Haan in zicht komt. Hij
blijkt, samen met zijn collega’s, op eigen kracht naar boven te zijn
geklauterd. Chef de mission Charles van Commenee heet ons even later van
harte welkom en dan kunnen we, onder een strakblauwe hemel en boven op
het oudste stukje China, toch nog even aan het werk door de coaches te
interviewen over hún eerste indrukken van Peking – nog geen jaar te gaan
voor de Olympische Spelen van 2008.
terug naar top
terug naar
voorpagina
reageer
|
|