|
|
|
|
Home | Abonneren | Adverteren | Colofon | Deadlines | Agenda | Jaarindexen | Villamedia | NVJ |
|
|
Nieuws ̀Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) is unaniem in zijn oordeel dat er in de ‘zaak Voskuil’ sprake is van schending van Artikel 10 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, vrijheid van meningsuiting. Koen Voskuil is ‘blij en opgelucht’ met de uitspraak, waarop hij zeven jaar moest wachten. Volgens de NVJ kon het op geen beter moment komen. ‘Volgende week vergadert de vaste Kamercommissie voor Justitie met minister Hirsch Ballin over een wettelijke inbedding van het Verschoningsrecht voor journalisten. En deze uitspraak maakt eens te meer duidelijk dat de media een bijzondere positie toekomt als het gaat om verschoningsrecht. Niet voor henzelf, maar voor hun bronnen die een journalist met een veilig gevoel in vertrouwen moeten kunnen nemen over bijvoorbeeld misstanden bij de overheid’, aldus NVJ-algemeen secretaris Thomas Bruning. Frans Oremus In het najaar van 2000 werd de journalist Koen Voskuil 17 dagen gegijzeld en opgesloten in het Huis van Bewaring in Amsterdam. Hij weigerde de naam van de politieman te noemen die anoniem had verklaard dat het wapenarsenaal van topcrimineel Mink K. in Amsterdam niet per toeval door justitie was gevonden, maar na een melding van wateroverlast. ‘Dat hebben we er maar even van gemaakt. Soms heb je net even een doorbraak nodig in je onderzoek’, zo zei de anonieme politieman in een artikel in Sp!ts, dat Voskuil samen met collega Jamila Saoud schreef. Ruim een week na deze publicatie werd Voskuil opgeroepen als getuige en gegijzeld, omdat het gerechtshof van Amsterdam via de bron van Voskuil wilde nagaan of de bewijzen tegen Mink K. rechtmatig zijn verkregen. Voskuil bleef zwijgen en werd uiteindelijk na 17 dagen op vrij voeten gesteld. Met de nu gedane uitspraak van het Europees Hof heeft het Amsterdam gerechtshof volgens Voskuils advocaat, mr. Bas le Poole, een geduchte ‘tik op de vingers’ gekregen. ‘Uit de unanimiteit van de uitspraak blijkt de verontwaardiging over de wijze waarop hiermee is omgegaan.’ Volgens Voskuil is ook aangetoond dat in de procedure in Nederland iets ‘structureel fout’ zit: ‘Dezelfde rechters die hebben besloten tot de gijzeling, oordeelden vijf dagen later dat die gijzeling terecht was. Ook daarop is de vinger gelegd in de uitspraak.’ Voor de NVJ is het oordeel van het Europese Hof aanleiding om het Verschoningsrecht ‘scherper’ neer te gaan zetten. Bruning: ‘Op 28 november is er een overleg tussen Hirsch Ballin en de vaste Kamercommissie voor Justitie. Twee belangrijke partijen (PvdA en SP) hebben al laten weten voorstander te zijn van een wettelijke verankering van Verschoningsrecht, bijvoorbeeld naar Belgisch model. Hirsch Ballin heeft hier vooralsnog afwijzend op gereageerd. Maar er ligt ook nog een aanbeveling van de Raad van Europa, die stelt dat alle individuele lidstaten op dit terrein wetgeving dienen te maken. Ik verwacht dat met deze uitspraak de druk op de minister alleen maar zal toenemen.’
Bruning voegde
eraan toe dat de nu ontstane jurisprudentie geen rechtvaardiging kan
zijn om van een wet op Verschoningsrecht af te zien. ‘Het blijft altijd
casuïstiek, zodat bij iedere zaak weer dezelfde fouten gemaakt kunnen
worden wanneer er geen wet is waarin de rechten van journalisten helder
worden afgebakend.’ |
|