De Journalist - dak

De Journalist Agenda 2008Voor de elektronische versie van
De Journalist Agenda 2008
klik hier (iCal).
Voor de geregeld aangepaste Google-versie,
klik hier: 
Voor suggesties en aanvullingen:
mail naar
info@dejournalistagenda.nl
 

  Home | Abonneren | Adverteren | Colofon | Deadlines | Agenda | Jaarindexen | Villamedia | NVJ

 
De Journalist - menu

Dossier zelfregulering
Een rondgang langs klachtenorganen in binnen- en buitenland

Dossier China
Persvrijheid in China

Andere Dossiers

Mediadag.nl

Masterclass
De Journalist en de NVJ-secties Vers in de Pers (ViP) en Plus+ nodigen je uit om een interview, portret of reportage te maken voor de nieuwe rubriek 'Masterclass'

Opleidingen
Alle journalistieke opleidingen en cursussen

Bedrijfsreportages
Markante bedrijven uit de mediawereld

Boeken

Collega's-Communities
Oorlogsjournalisten
Fotojournalisten
Studenten journalistiek


Portretten
Markante figuren uit de mediawereld

Vrouwen
Inventarisatie vrouwelijke hoofdredacteuren

Scriptieprijs De Journalist 2007
-samenvattingen van de inzendingen 2007
Archief
2005-2006

- winnaars
- interviews met winnaars
- samenvattingen van de inzendingen
2004-2005
- Samenvattingen
van de inzendingen

Serie: De toekomst van de krant
Alle afleveringen

Persprijzenlijst
Inventarisatie

Weblogs journalisten
Inventarisatie

Redactioneel
Van hoofdredacteur
Dolf Rogmans
 
  Collega's-Communities

                                   
 terug naar voorpagina

DJ nr.10, 25.05.2007

Oorlogsjournalisten:

Embedded mét
hagelslag en kaas

Hans Jaap Melissen reisde voor de Wereldomroep en NOS Radio 1 door Afghanistan en beantwoordt zo de vraag: Niet embedded naar Afghanistan, kan dat?

‘Ja, het kan. Met een beetje moeite. “Maar is het helemaal risicoloos?”, zou een echt Nederlandse vraag luiden. Nee, natuurlijk. Maar dat is embedded reizen ook niet. Gevaren genoeg. Ik was maar net in Kaboel, toen het onthoofde lichaam van Ajmal, de tolk van een ontvoerde en weer vrijgelaten Italiaanse journalist uit zuidelijk Afghanistan terugkeerde. Zijn vader was kapot. Zijn collega’s (Ajmal was journalist) filmden, de beelden bewogen door hun schokkerig huilen. Mijn tolk Edris keek ontzet naar de kist. Ik keek naar hem en dacht aan mijn tolk Jamal in Irak: bijna drie jaar geleden onthoofd door opstandelingen.
Edris zei: “Ik wil overal naartoe. Maar niet naar het zuiden.” Dus reden we naar het noorden. En het oosten. Papavers. Veel papavers. Zonder Edris vloog ik naar Kandahar. En ineens was ik ook niet-embedded in Uruzgan. Dat is geloof ik bijzonder. Maar zo voelde het niet.
Wel bijzonder was mijn korte bezoek aan Kamp Holland. (poortwachter: “waar komt u toch vandaan?”) Twee embedded journalisten waren er. Maar er zijn er al ongeveer 140 geweest begreep ik. Van een man met een camouflage fetisjisme die zelf ging schieten, tot mensen die zich wel journalist noemen. Allemaal gehoorzamen ze aan de eis om hun stukjes eerst aan de voorlichter te geven. Die beoordeelt ze dan op “veiligheidsaspecten”. De voorlichter van dienst (ontzettend aardig…) bekende dat hij ook wel inhoudelijk commentaar geeft. “Alleen als de journalist er om vraagt.” Helpt sturen… Maar meerdere collega’s zeggen dat ze zelf bij voorbaat van alles schrappen. 1-0 voor Defensievoorlichting.
Ik heb eigenlijk niks tegen embedden. Het kan zelfs goed zijn om zowel “met” als “zonder” de militairen te reizen: zo zie je twee kanten. Dat doe ik in Irak ook. Maar bij de Amerikanen heb ik nog nooit een verhaal voorgelegd aan wie dan ook. Waarom zouden al die Nederlandse collega’s dan wel deze mix van voorlichting en eindredactie accepteren?
‘s Avonds in mijn niet-embedded bed in Tirin Kot (zo heet de hoofdstad van Uruzgan volgens de inwoners) dacht ik, het zou toch niet dit zijn: De hele reis is gratis, vanaf Eindhoven. Kost en inwoning ook. Brood, hagelslag en kaas die gewoon naar kaas smaakt.
Het is zelfs winstgevend. Immers: het is goedkoper om je in Afghanistan te laten inpakken door Defensie dan dat je thuis blijft. Je houdt je dus gedeisd, in de hoop op een volgend volledig verzorgd reisje.
Mijn vijf weken “vrij” reizen in Afghanistan waren relatief duur. Maar wel heel boeiend. En slecht voor de maag. Dat wel. Gelukkig konden mijn tolken en ik ondanks alles nog wel het hoofd bij het werk houden…’

 reageren      terug naar index_collegaas          terug naar top