Voor
de elektronische versie van
De
Journalist Agenda 2008 klik
hier (iCal).
Voor de geregeld aangepaste Google-versie,
klik hier:
Voor suggesties en aanvullingen:
mail naar
info@dejournalistagenda.nl
Is het toeval dat
vrouwen hun opmars maken in de media, juist nu het vakgebied aanzien
verliest? Deze vraag zweefde de hele avond boven het feestelijke gala
waarmee de Stichting Vrouw & Media 11 april 2007 haar 25-jarig bestaan
vierde.
De vraag, door mijzelf opgeworpen, raakte een gevoelige snaar. Niemand
betwist de enorme vooruitgang die aanleiding was voor het feest: vrouwen
doen tegenwoordig op alle niveaus mee – en dat was vroeger heus anders.
Maar de aanwezige dames kenden hun klassiekers voldoende om te weten dat
hetzelfde mechanisme steeds opgeld doet. Net als we denken de macht te
kunnen grijpen is hij naar elders verhuisd. Kennen wij bijvoorbeeld
vrouwelijke hedgefund bestuurders of investment bankers?
De vraag is gemakkelijker gesteld dan beantwoord. Is de opmars van vrouwen
in zichzelf verantwoordelijk voor de crisis in de geloofwaardigheid van de
media. Het lijkt mij sterk (als dat zo was, waren we behoorlijk machtig!).
Nieuwe media en nieuwe generaties tarten oude journalistieke codes. De
bijval voor Joris Luyendijk klinkt als een roep om meer ‘mens’ en minder
eigendunk. De versplintering van de samenleving en de daarmee gepaard
gaande versplintering van de media gaan gewoon voort. Aantoonbaar bereik
en commercieel succes zijn maatgevend, meer dan vroeger. Dit alles knaagt
aan de vanzelfsprekende positie van de serieuze media, ongeacht of er
mannen of vrouwen werken.
Toch bespeur ik een zekere relatie tussen de afnemende invloed van de
journalistiek en het toenemend aantal vrouwen dat daar werkt. Ik verwijs
naar hoogleraar onderwijskunde Gerda Croiset, die onlangs in NRC
Handelsblad een voorkeursbehandeling bepleitte voor jongens bij de studie
geneeskunde. ‘Vrouwen vullen het vak anders in’, zei Croiset. Ze werken
vaker parttime, ze nemen genoegen met minder salaris, ze zijn minder
gericht op carrière. Het gevolg is dat ambitieuze mannen denken: dit is
geen vak voor mij. Mannen, zo begrijp ik Croiset, hechten meer aan
aanzien. Daardoor dwingen ze het ook meer af.
Dit lijkt mij een les die vrouwen in de media ter harte moeten nemen,
juist nu het vak onder vuur ligt. Vrouwelijke journalisten schrijven vaak
de mooie, lange reportages. Ze maken invoelende programma’s en bladen. Ze
opereren dichtbij hun lezers. Daar is niks mis mee, daar is behoefte aan,
maar het is niet genoeg.
Wat mij betreft moet de journalistiek ook – en vooral – onderzoeken en
beschrijven hoe de samenleving verandert en hoe de macht zich gedraagt. De
journalistiek moet relevant willen zijn. Borstgeroffel is niet nodig. Maar
als we zelf geen ambitie tonen, moeten we niet verbaasd staan als anderen
ons wel aardig en prettig maar steeds minder relevant gaan vinden.
Yvonne Zonderop, zelfstandig journalist en oud adjunct-hoofdredacteur van
de Volkskrant